- Arrest van 24 januari 2013

24/01/2013 - C.12.0213.F

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Wanneer de voorafgaande maatregel om de vordering te onderzoeken die de rechter in de loop van rechtspleging heeft genomen, tot een betwisting heeft geleid die de rechter heeft moeten beslechten, waardoor hij zijn rechtsmacht daarover volledig heeft uitgeoefend, is die beslissing een eindbeslissing op tussenvordering en geen beslissing alvorens recht te doen; bijgevolg is een beschikking die een door de deskundige neergelegd verzoekschrift tot verlenging van de termijn ontvankelijk verklaart, terwijl een partij de ontvankelijkheid van dat verzoekschrift heeft betwist, geen beslissing alvorens recht te doen maar een eindbeslissing op tussenvordering (1). (1) Zie concl. O.M. in Pas., 2013, nr. … .

Arrest - Integrale tekst

Nr. C.12.0213.F

JOWAT AG, vennootschap naar Duits recht,

Mr. Bruno Maes, advocaat bij het Hof van Cassatie,

tegen

CHEMBO nv,

Mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie.

ten aanzien van

P. L.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen de beschikking in laatste aanleg van 9 januari 2012 van de voorzitter van de rechtbank van koophandel te Doornik.

Advocaat-generaal Thierry Werquin heeft op 10 oktober 2012 ter griffie een schriftelijke conclusie neergelegd.

Afdelingsvoorzitter Albert Fettweis heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Thierry Werquin heeft geconcludeerd.

II. CASSATIEMIDDELEN

In het cassatieverzoekschrift waarvan een eensluidend verklaard afschrift bij dit arrest is gevoegd, voert de eiseres een middel aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Uit de stukken waarop het Hof vermag acht te slaan, blijkt dat:

- de voorzitter van de rechtbank van koophandel op 29 juni 2011 in kort geding een deskundige heeft aangewezen en bepaald dat diens verslag binnen drie maanden te rekenen van de kennisgeving van zijn opdracht op de griffie moet worden neergelegd;

- de deskundige bij brief van 10 oktober 2011, die op 12 oktober 2011 ter griffie van de rechtbank van koophandel werd neergelegd, zes maanden verlenging heeft gevraagd voor de neerlegging van zijn eindverslag;

- de raadsman van de eiseres bij brief van 4 november 2011, die op 4 november 2011 ter griffie van die rechtbank werd neergelegd, nadat die griffie op 28 ok-tober 2011 gemeld had dat het verzoek tot verlenging van de termijn was neer-gelegd, met name heeft aangevoerd dat een verzoek tot verlenging van termijn ingediend moet worden voordat de termijn verstreken is, dat de deskundige zijn verzoek tot verlenging van de termijn te laat heeft ingediend en dat het dus niet ontvankelijk is;

- de bestreden beschikking van de voorzitter van de rechtbank van koophandel van 9 januari 2012 het door de deskundige neergelegde verzoek tot termijnver-lenging ontvankelijk en gegrond heeft verklaard.

Het eerste door de verweerster tegen het cassatieberoep opgeworpen middel van niet-ontvankelijkheid: de bestreden beslissing is een maatregel van inwendige aard:

Een beslissing die een betwiste rechtsvraag beslecht is geen beslissing of maatregel van inwendige aard.

Aangezien de eiseres de ontvankelijkheid betwistte van het door de deskundige neergelegde verzoek tot termijnverlenging, is de bestreden beschikking van 9 januari 2012, die vernoemd verzoekschrift ontvankelijk verklaard, geen maatregel van inwendige aard.

Het tweede door de verweerster tegen het cassatieberoep opgeworpen middel van niet-ontvankelijkheid: de bestreden beslissing is een beslissing alvorens recht te doen:

Krachtens artikel 1077 Gerechtelijk Wetboek staat cassatieberoep tegen vonnissen alvorens recht te doen, slechts open na het eindvonnis.

Artikel 19, eerste lid, Gerechtelijk Wetboek bepaalt dat het vonnis een eindvonnis is in zoverre de rechter daarmee zijn rechtsmacht over een geschilpunt volledig uitgeoefend heeft, behoudens de rechtsmiddelen bij de wet bepaald.

Krachtens artikel 19, tweede lid, Gerechtelijk Wetboek kan de rechter, alvorens recht te doen, in elke stand van de rechtspleging, een voorafgaande maatregel bevelen om de vordering te onderzoeken of een tussengeschil te regelen dat betrekking heeft op een dergelijke maatregel.

Krachtens artikel 973, § 2, eerste lid, Gerechtelijk Wetboek worden alle betwistingen die in de loop van het deskundigenonderzoek met betrekking tot dit onderzoek ontstaan, met inbegrip van die aangaande de verlenging van de opdracht, door de rechter beslecht.

Wanneer de voorafgaande maatregel om de vordering te onderzoeken die de rechter in de loop van rechtspleging heeft genomen, tot een betwisting heeft geleid die de rechter heeft moeten beslechten, waardoor hij zijn rechtsmacht daarover volledig heeft uitgeoefend, is die beslissing een eindbeslissing op tussenvordering en geen beslissing alvorens recht te doen.

Aangezien de eiseres de ontvankelijkheid betwistte van het door de deskundige neergelegde verzoek tot termijnverlenging, is de bestreden beschikking van 9 januari 2012, die voornoemd verzoek ontvankelijk verklaart, geen beslissing alvorens recht te doen maar een eindbeslissing op tussenvordering.

De middelen van niet-ontvankelijkheid kunnen niet worden aangenomen.

Middel

Eerste onderdeel

De bestreden beschikking van 9 januari 2012 van de voorzitter van de rechtbank van koophandel, die het verzoek van de deskundige tot verlenging van de termijn ontvankelijk verklaart zonder te antwoorden op de door de eiseres opgeworpen grief van niet-ontvankelijkheid, schendt artikel 149 van de Grondwet.

Het onderdeel is gegrond.

Dictum

Het Hof,

Vernietigt de bestreden beschikking.

Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van de vernietigde beschikking.

Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent aan de feitenrechter over.

Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, eerste kamer, te Brussel, door voor-zitter Christian Storck, de raadsheren Didier Batselé, afdelingsvoorzitter Albert Fettweis, Alain Simon en Mireille Delange, en in openbare terechtzitting van 24 januari 2013 uitgesproken door voorzitter Christian Storck, in aanwezigheid van advocaat-generaal Thierry Werquin, met bijstand van griffier Patricia De Wadripont.

Vertaling opgemaakt onder toezicht van raadsheer Beatrijs Deconinck en over-geschreven met assistentie van griffier Johan Pafenols.

De griffier, De raadsheer,

Vrije woorden

  • Vonnis dat een deskundige aanduidt

  • Termijn voor neerlegging eindverslag

  • Verzoek van de deskundige tot verlenging termijn

  • Partij voert aan dat het verzoek niet toelaatbaar is

  • Vonnis dat het verzoek van de deskundige ontvankelijk verklaart

  • Aard van die beslissing

  • Beslissing alvorens recht te doen

  • Begrip