- Arrest van 19 februari 2013

19/02/2013 - P.12.1853.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Artikel 235bis, §6, Wetboek van Strafvordering vereist niet dat stukken die nietige vermeldingen bevatten, maar die voor het overige geldig zijn, in hun geheel uit het strafdossier worden verwijderd; in dat geval kan de kamer van inbeschuldigingstelling oordelen dat die stukken in het strafdossier behouden blijven mits schrapping van enkel de nietige vermeldingen die zij aanduidt (1). (1) Cass. 15 juni 2005, AR P.05.0572.F, AC 2005, nr. 345.

Arrest - Integrale tekst

Nr. P.12.1853.N

1. M. T.,

inverdenkinggestelde, aangehouden,

met als raadsman mr. Mounir Souidi, advocaat bij de balie te Antwerpen, met kantoor te 2000 Antwerpen, Britselei 94, waar de eiser woonplaats kiest,

2. S. T.,

inverdenkinggestelde, aangehouden,

3. B. T.,

inverdenkinggestelde, aangehouden,

met als raadsman mr. Frédéric Thiebaut, advocaat bij de balie te Mechelen,

eisers.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

De cassatieberoepen zijn gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Ant-werpen, kamer van inbeschuldigingstelling, van 15 oktober 2012.

De eisers 1 en 3 voeren in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan.

De eiser 2 voert geen middel aan.

Raadsheer Erwin Francis heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Marc De Swaef heeft geconcludeerd.

II. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Middel

1. Het middel voert schending aan van artikel 235bis, § 6, Wetboek van Straf-vordering: na de nietigverklaring van een beschikking van de onderzoeksrechter en de daaruit voortvloeiende resultaten, beveelt het arrest ten onrechte dat de nietige vermeldingen uit het proces-verbaal 4660/2011 van 20 oktober 2011 worden geschrapt en dat dit proces-verbaal voor het overige in het strafdossier wordt be-houden; de voormelde bepaling voorziet niet in die mogelijkheid en bepaalt enkel dat nietig verklaarde stukken uit het strafdossier worden verwijderd en neergelegd ter griffie; door niet de verwijdering van het ganse proces-verbaal te bevelen, schendt het arrest die bepaling.

2. Artikel 235bis, § 6, Wetboek van Strafvordering vereist niet dat stukken die nietige vermeldingen bevatten, maar die voor het overige geldig zijn, in hun geheel uit het strafdossier worden verwijderd. In dat geval kan de kamer van inbeschuldigingstelling oordelen dat die stukken in het strafdossier behouden blijven mits schrapping van enkel de nietige vermeldingen die zij aanduidt.

Het middel dat van een andere rechtsopvatting uitgaat, faalt naar recht.

Ambtshalve onderzoek van de beslissing

3. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen.

Dictum

Het Hof,

Verwerpt de cassatieberoepen.

Veroordeelt de eisers tot de kosten.

Bepaalt de kosten op 104,01 euro.

K. Vanden Bossche

E. Francis A. Lievens

F. Van Volsem L. Van hoogenbemt P. Maffei

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samen-gesteld uit afdelingsvoorzitter Paul Maffei, als voorzitter, en de raadsheren Luc Van hoogenbemt, Filip Van Volsem, Antoine Lievens en Erwin Francis, en op de openbare rechtszitting van 19 februari 2013 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Paul Maffei, in aanwezigheid van advocaat-generaal Marc De Swaef, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche.

Vrije woorden

  • Kamer van inbeschuldigingstelling

  • Onderzoek van de regelmatigheid van de procedure

  • Stukken die nietige vermeldingen bevatten