- Arrest van 11 maart 2013

11/03/2013 - S.11.0153.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Voor een werknemer die zijn enige deeltijdse tewerkstelling krachtens een arbeidsovereenkomst cumuleert met een voltijdse statutaire tewerkstelling, artikel 37bis, §1, Arbeidsongevallenwet van toepassing is ter berekening van de op grond van de Arbeidsongevallenwet verschuldigde vergoedingen voor tijdelijke arbeidsongeschiktheid (1). (1) Zie conclusies O.M.

Arrest - Integrale tekst

Nr. S.11.0153.N

KBC VERZEKERINGEN nv, met zetel te 3000 Leuven, Professor Roger Van Overstraetenplein 2,

eiseres,

vertegenwoordigd door mr. Willy Van Eeckhoutte, advocaat bij het Hof van Cas-satie, kantoor houdende te 9051 Gent, Drie Koningenstraat 3, waar de eiseres woonplaats kiest,

tegen

1. A.V.D.S.,

verweerder,

vertegenwoordigd door mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassatie, kantoor houdende te 1000 Brussel, Quatre Brasstraat 6, waar de verweerder woonplaats kiest,

2. FONDS VOOR ARBEIDSONGEVALLEN, openbare instelling met rechtspersoonlijkheid, met zetel te 1050 Brussel, Troonstraat 100,

verweerder.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het arbeidshof te Antwerpen van 14 februari 2011.

Advocaat-generaal met opdracht Henri Vanderlinden heeft op 13 februari 2013 een schriftelijke conclusie neergelegd.

Raadsheer Antoine Lievens heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal met opdracht Henri Vanderlinden heeft geconcludeerd.

II. CASSATIEMIDDEL

De eiser voert in zijn verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Eerste onderdeel

1. Krachtens artikel 34, eerste en tweede lid, Arbeidsongevallenwet wordt on-der basisloon verstaan het loon waarop de werknemer, in de functie waarin hij is tewerkgesteld in de onderneming op het ogenblik van het ongeval, recht heeft voor de periode van het jaar dat het ongeval voorafgaat.

De referteperiode is maar volledig, wanneer de werknemer gedurende het ganse jaar arbeid heeft verricht als een voltijdse werknemer.

Krachtens artikel 36, § 1, eerste lid, Arbeidsongevallenwet, wordt, wanneer de re-ferteperiode, zoals bepaald bij artikel 34, tweede lid, onvolledig is of wanneer het loon van de werknemer wegens toevallige omstandigheden lager is dan het loon dat hij normaal verdient, het loon waarop de werknemer recht heeft aangevuld met een hypothetisch loon voor de dagen, buiten de rusttijden, waarop de werknemer geen loon ontving.

Krachtens artikel 37bis, § 1, Arbeidsongevallenwet wordt, wanneer de getroffene is tewerkgesteld krachtens een arbeidsovereenkomst als deeltijdse werknemer, het basisloon voor de berekening van de vergoedingen voor tijdelijke arbeidsonge-schiktheid vastgesteld uitsluitend met inachtneming van het loon dat verschuldigd is krachtens voormelde arbeidsovereenkomst.

Krachtens artikel 37bis, § 2, Arbeidsongevallenwet, wordt, wanneer de getroffene is tewerkgesteld krachtens meerdere arbeidsovereenkomsten als deeltijdse werk-nemer, het basisloon voor de berekening van de vergoedingen voor tijdelijke ar-beidsongeschiktheid, vastgesteld met inachtneming van de lonen die hem krach-tens voornoemde arbeidsovereenkomsten verschuldigd zijn.

2. Uit deze bepalingen volgt dat voor een werknemer die zijn enige deeltijdse tewerkstelling krachtens een arbeidsovereenkomst cumuleert met een voltijdse statutaire tewerkstelling, artikel 37bis, § 1, Arbeidsongevallenwet van toepassing is ter berekening van de op grond van de Arbeidsongevallenwet verschuldigde vergoedingen voor tijdelijke arbeidsongeschiktheid.

3. Het arrest dat artikel 36, § 1, Arbeidsongevallenwet toepast, verantwoordt zijn beslissing niet naar recht.

Het middel is gegrond.

Kosten

4. Overeenkomstig artikel 68 Arbeidsongevallenwet dient de eiseres te worden veroordeeld tot de kosten.

Dictum

Het Hof,

Vernietigt het bestreden arrest.

Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernie-tigde arrest.

Veroordeelt de eiseres tot de kosten.

Verwijst de zaak naar het arbeidshof te Brussel.

Bepaalt de kosten voor de eiseres op 296,19 euro en voor de eerste verweerder op 511,28 euro.

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, derde kamer, samen-gesteld uit raadsheer Beatrijs Deconinck, als voorzitter, en de raadsheren Alain Smetryns, Koen Mestdagh, Mireille Delange en Antoine Lievens, en in openbare rechtszitting van 11 maart 2013 uitgesproken door raadsheer Beatrijs Deconinck, in aanwezigheid van advocaat-generaal met opdracht Henri Vanderlinden, met bijstand van griffier Johan Pafenols.

J. Pafenols A. Lievens M. Delange

K. Mestdagh A. Smetryns B. Deconinck

Vrije woorden

  • Enige deeltijdse arbeidsovereenkomst gecumuleerd met voltijdse statutaire betrekking