- Arrest van 29 maart 2013

29/03/2013 - D.12.0021.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Wanneer, in burgerlijke zaken, een middel is afgeleid uit het gebrek aan antwoord op de conclusie en de bestreden beslissing vaststelt dat de advocaten van een partij een conclusie hebben neergelegd, doch die conclusie niet voorkomt onder de processtukken, en de bewoordingen ervan noch in de bestreden beslissing noch in enig ander stuk waarop het Hof acht vermag te slaan zijn weergegeven, kan het Hof niet nagaan of op de bedoelde conclusie is geantwoord (1). (1) Zie de concl. van het OM.

Arrest - Integrale tekst

Nr. D.12.0021.N

X.,

eiser,

vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Brederodestraat 13, waar de eiser woonplaats kiest, en door mr. Beatrix Vanlerberghe, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Quatre Brasstraat 6,

tegen

ARRONDISSEMENTSKAMER VAN GERECHTSDEURWAARDERS TE ANTWERPEN, publiek rechtspersoon, met zetel te 2000 Antwerpen, Drukkerijstraat 14,

verweerder,

vertegenwoordigd door mr. Bruno Maes, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Central Plaza, Loksumstraat 25, waar de verweerder woonplaats kiest.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen een beslissing van de raad van beroep van ge-rechtsdeurwaarders bij het hof van beroep te Antwerpen van 28 augustus 2012.

Advocaat-generaal Christian Vandewal heeft op 26 februari 2013 een schriftelijke conclusie neergelegd.

Raadsheer Beatrijs Deconinck heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Christian Vandewal heeft geconcludeerd.

II. CASSATIEMIDDEL

De eiser voert in zijn verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Derde onderdeel

1. De eiser verwijt de bestreden beslissing niet te hebben geantwoord op de grief, aangevoerd in de conclusie die hij voor de Raad van beroep neerlegde.

2. De door de eiser voor de Raad van beroep genomen conclusie komt niet voor onder de processtukken, alhoewel blijkens de vaststellingen in de bestreden beslissing beide advocaten van de eiser een conclusie hebben neergelegd.

3. De bewoordingen van deze conclusie zijn noch in de bestreden beslissing, noch in enig ander stuk waarop het Hof acht vermag te slaan, weergegeven.

4. Het Hof kan derhalve niet nagaan of op de bedoelde conclusie is geant-woord.

Het onderdeel is in zoverre gegrond.

Dictum

Het Hof,

Vernietigt de bestreden beslissing.

Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van de vernie-tigde beslissing.

Veroordeelt de verweerder in de kosten.

Verwijst de zaak naar de Raad van beroep van gerechtsdeurwaarders bij het hof van beroep te Gent.

Bepaalt de kosten voor de eiser op 631,85 euro en voor de verweerder op 180,60 euro.

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samen-gesteld uit afdelingsvoorzitter Eric Dirix, als voorzitter, afdelingsvoorzitter Eric Stassijns, en de raadsheren Beatrijs Deconinck, Geert Jocqué en Bart Wylleman, en op de openbare rechtszitting van 29 maart 2013 uitgesproken door afdelings-voorzitter Eric Dirix, in aanwezigheid van advocaat-generaal Christian Vandewal, met bijstand van griffier Johan Pafenols.

J. Pafenols B. Wylleman G. Jocqué

B. Deconinck E. Stassijns E. Dirix

Vrije woorden

  • Geen conclusie onder de processtukken

  • Vaststelling dat een conclusie is genomen