- Arrest van 24 april 2013

24/04/2013 - P.12.2072.F

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
De bevoegdheid van het rechtscollege op verwijzing is beperkt tot de beschikkingen die werden vernietigd; in geval van gedeeltelijke vernietiging is het rechtscollege op verwijzing alleen bevoegd voor het gedeelte van het geschil dat door het Hof ter berechting is voorgelegd; de niet-vernietigde punten van de beslissing waartegen cassatieberoep is ingesteld, blijven met gezag van gewijsde overeind.

Arrest - Integrale tekst

Nr. P.12.2072.F

D. H.,

Mr. René Swennen, advocaat bij de balie te Luik.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Bergen, correctionele kamer, van 8 november 2012, op verwijzing gewezen ingevolge het arrest van het Hof van 16 juni 2010.

De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan.

Raadsheer Françoise Roggen heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal André Henkes heeft geconcludeerd.

II. BESLISSING VAN HET HOF

De eiser verwijt het arrest dat het artikel 65 Strafwetboek schendt door de straf niet te herzien die tegen hem is uitgesproken door het rechtscollege waarvan het arrest werd vernietigd, hoewel hij voor het rechtscollege op verwijzing is vrijge-sproken.

De bevoegdheid van het rechtscollege op verwijzing is beperkt tot de beschikkin-gen die het voorwerp uitmaken van de vernietiging. In geval van gedeeltelijke vernietiging, zoals te dezen, is het hof op verwijzing dus alleen bevoegd voor het gedeelte van het geding dat door het Hof ter berechting is voorgelegd. De niet-vernietigde punten van de beslissing waartegen cassatieberoep is ingesteld, blijven gezag van gewijsde behouden.

Bij arrest van 16 juni 2010 heeft het Hof het arrest van het hof van beroep te Luik vernietigd, alleen in zoverre dit het misbruik van vennootschapsgoederen bewezen had verklaard, als vermeld in een van de aan de eiser ten laste gelegde feiten, en in zoverre het op grond daarvan een verbeurdverklaring had uitgesproken.

Het arrest beslist bijgevolg naar recht dat het hof van beroep op verwijzing niet bevoegd is om uitspraak te doen over de straf die voor de overige telastleggingen is uitgesproken en evenmin om de eiser te ontslaan van één van de hem opgelegde ontzettingen, aangezien die beschikkingen niet door de uitgesproken vernietiging werden getroffen.

Het middel kan bijgevolg niet worden aangenomen.

De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen.

Dictum

Het Hof,

Verwerpt het cassatieberoep.

Veroordeelt de eiser tot de kosten.

Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, tweede kamer, te Brussel, door afdelingsvoorzitter ridder Jean de Codt, de raadsheren Benoît Dejemeppe, Pierre Cornelis, Gustave Steffens en Françoise Roggen, en in openbare terechtzitting van 24 april 2013 uitgesproken door afdelingsvoorzitter ridder Jean de Codt, in aan-wezigheid van advocaat-generaal André Henkes, met bijstand van griffier Fabienne Gobert.

Vertaling opgemaakt onder toezicht van raadsheer Alain Bloch en overge-schreven met assistentie van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky.

De afgevaardigd griffier, De raadsheer,

Vrije woorden

  • Rechtscollege op verwijzing

  • Bevoegdheid

  • Grens