- Arrest van 24 april 2013

24/04/2013 - P.13.0636.F

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Wanneer de strafuitvoeringsrechtbank kennisneemt van een verzoek om penitentiair verlof en de veroordeelde vraagt om te worden gehoord, dient de strafuitvoeringsrechtbank, wanneer zij het niet nuttig acht een zitting te organiseren, dienaangaande uitspraak te doen.

Arrest - Integrale tekst

Nr. P.13.0636.F

H'M. D.,

Mrs. Marc-Antoine Legrand, advocaat bij de balie te Hoei, en Emmanuelle Van-helleputte, advocaat bij de balie te Brussel.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis van de strafuitvoeringsrechtbank te Luik van 21 maart 2013, op verwijzing gewezen ingevolge het arrest van het Hof van 13 maart 2013.

De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan.

Raadsheer Gustave Steffens heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal André Henkes heeft geconcludeerd.

II. BESLISSING VAN HET HOF

Ambtshalve middel : miskenning van het algemeen rechtsbeginsel van de eerbie-diging van het recht van verdediging

Wanneer de strafuitvoeringsrechtbank kennisneemt van een verzoek om penitenti-air verlof en de veroordeelde vraagt om te worden gehoord, dient de strafuitvoe-ringsrechtbank, wanneer zij het niet nuttig acht een zitting te organiseren, dien-aangaande uitspraak te doen.

De eiser heeft verzocht een zitting te organiseren, overeenkomstig artikel 95/13 van de wet van 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroor-deelden, om zijn verweermiddelen te kunnen aanvoeren in het kader van zijn ver-zoek om penitentiair verlof.

De rechtbank heeft geen uitspraak gedaan over het verzoek om een zitting te or-ganiseren.

Aangezien de op het ambtshalve middel uitgesproken vernietiging totaal is, is er geen grond om de middelen van de eiser te onderzoeken, die geen ander resultaat kunnen hebben.

Dictum

Het Hof,

Vernietigt het bestreden vonnis.

Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernie-tigde vonnis.

Laat de kosten ten laste van de Staat.

Verwijst de zaak naar de strafuitvoeringsrechtbank te Luik, anders samengesteld.

Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, tweede kamer, te Brussel, door afdelingsvoorzitter ridder Jean de Codt, de raadsheren Benoît Dejemeppe, Pierre Cornelis, Gustave Steffens en Françoise Roggen, en in openbare terechtzitting van 24 april 2013 uitgesproken door afdelingsvoorzitter ridder Jean de Codt, in aanwezigheid van advocaat-generaal André Henkes, met bijstand van griffier Fabienne Gobert.

Vertaling opgemaakt onder toezicht van raadsheer Erwin Francis en overge-schreven met assistentie van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky.

De afgevaardigd griffier, De raadsheer,

Vrije woorden

  • Strafuitvoeringsrechtbank

  • Penitentiair verlof

  • Verzoek

  • Door de veroordeelde gevraagde rechtszitting

  • Verplichting van de rechtbank