- Arrest van 12 september 2013

12/09/2013 - C.13.0089.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
De derde-houder van een cognossement wordt niet geacht in te stemmen met een bevoegdheidsbeding dat erin is vervat, door het louter aanbieden van het cognossement aan de zeevervoerder.

Arrest - Integrale tekst

Nr. C.13.0089.N

1. VF EUROPE bvba, met zetel te 2880 Bornem, Fountain Business Park, Cesar Van Kerckhovenstraat 110,

2. ACE EUROPEAN GROUP LIMITED, vennootschap naar Brits recht, met zetel te Londen (Verenigd Koninkrijk), EC3A 3BP Leadenhallstreet 100, met bijkantoor te 1040 Etterbeek, Nerviërslaan 9-31,

eiseressen,

vertegenwoordigd door mr. John Kirkpatrick, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Empereurlaan 3, waar de eiseressen woonplaats kie-zen,

tegen

UPS OCEAN FREIGHT SERVICES Inc., vennootschap naar Amerikaans recht, met zetel te San Francisco (USA), CA 94105, 55 Second Street, 2nd Floor,

verweerster,

vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187, bus 302, waar de verweerster woon-plaats kiest.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwerpen van 4 juni 2012.

Afdelingsvoorzitter Eric Dirix heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Luc Decreus heeft geconcludeerd.

II. CASSATIEMIDDEL

De eiseressen voeren in hun verzoekschrift dat aan dit arrest gehecht is, een mid-del aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Vierde onderdeel

1. De derde-houder van een cognossement wordt niet geacht in te stemmen met een bevoegdheidsbeding dat erin is vervat, door het louter aanbieden van het cognossement aan de zeevervoerder.

2. De appelrechters oordelen op grond van eigen redengeving en deze van de eerste rechter waarnaar zij verwijzen en die zij overnemen dat, krachtens het door hen toegepaste Belgische recht, "door het cognossement aan te bieden, de derde-houder uiteraard [toetreedt] tot de voorwaarden van de vervoerovereenkomst die in het cognossement zijn neergelegd" zodat "alle clausules van het cognossement hem dus kunnen worden tegengeworpen".

3. De appelrechters die op deze gronden oordelen dat het bevoegdheidsbeding in het cognossement aan de eiseressen als derde-houders van het cognossement "rechtsgeldig, tegenstelbaar en bindend is", verantwoorden hun beslissing niet naar recht.

Het onderdeel is gegrond.

Dictum

Het Hof,

Vernietigt het bestreden arrest in zoverre het oordeelt over de vordering van de ei-seressen tegen de verweerster en over de kosten.

Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeel-telijk vernietigde arrest.

Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent over aan de feitenrechter.

Verwijst de aldus beperkte zaak naar het hof van beroep te Gent.

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samen-gesteld uit afdelingsvoorzitter Eric Dirix, als voorzitter, afdelingsvoorzitter Eric Stassijns, en de raadsheren Beatrijs Deconinck, Alain Smetryns en Bart Wylleman, en op de openbare rechtszitting van 12 september 2013 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Eric Dirix, in aanwezigheid van advocaat-generaal Luc Decreus, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche.

K. Vanden Bossche B. Wylleman A. Smetryns

B. Deconinck E. Stassijns E. Dirix

Vrije woorden

  • Zeevervoer

  • Cognossement

  • Bevoegdheidsbeding

  • Derde-houder