- Arrest van 19 september 2013

19/09/2013 - F.12.0063.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
De bewijsvrijheid waarover de fiscale administratie krachtens artikel 340 van het WIB92 beschikt ter bepaling van het bestaan en van het bedrag van de belastingschuld, geldt ook bij het vestigen van een aanslag van ambtswege, zodat de administratie ook in dat geval de belastbare grondslag kan ramen op grond van feitelijke vermoedens (1). (1) Zie concl. O.M.

Arrest - Integrale tekst

Nr. F.12.0063.N

K C,

eiseres,

met als raadsman mr. Michel Maus, advocaat bij de balie te Brugge, met kantoor te 8310 Brugge, Baron Ruzettelaan 5/3, waar de eiseres woonplaats kiest,

tegen

BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Financiën, met kabinet te 1000 Brussel, Wetstraat 12,

verweerder,

vertegenwoordigd door mr. Antoine De Bruyn, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Dalstraat 67, bus 14, waar de verweerder woonplaats kiest.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent van 6 december 2011.

Advocaat-generaal Dirk Thijs heeft op 13 maart 2013 een schriftelijke conclusie neergelegd.

Afdelingsvoorzitter Eric Dirix heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Dirk Thijs heeft geconcludeerd.

II. CASSATIEMIDDELEN

De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Eerste middel

1. Het middel gaat uit van de verkeerde veronderstelling dat de belastingadmi-nistratie die voor een zelfde aanslagjaar na een ongeldige aanslag ook een geldige aanslag heeft gevestigd, die toestand van dubbele belasting niet kan regulariseren door ontheffing te verlenen van de ongeldige aanslag.

Het middel faalt naar recht.

Tweede middel

2. Overeenkomstig artikel 351, eerste lid, WIB92 kan de administratie in de in dit artikel bepaalde gevallen de aanslag ambtshalve vestigen op het bedrag van de belastbare inkomsten die zij kan vermoeden op grond van de gegevens waarover zij beschikt.

Krachtens artikel 340 WIB92 in de hier toepasselijke versie, kan de administratie, ter bepaling van het bestaan en van het bedrag van de belastingschuld, alle door het gemeen recht toegelaten bewijsmiddelen aanvoeren, met uitzondering van de eed.

3. Deze bewijsvrijheid geldt ook bij het vestigen van een aanslag van ambts-wege zodat de administratie ook in dat geval de belastbare grondslag kan ramen op grond van feitelijke vermoedens.

4. De aangiften van de belastingplichtige aangaande de voorafgaande aanslag-jaren kunnen tot grondslag dienen van een bewijs door vermoedens van de belast-bare inkomsten van de belastingplichtige voor het daarop volgende aanslagjaar.

Het middel dat uitgaat van het tegendeel, faalt naar recht.

Dictum

Het Hof,

Verwerpt het cassatieberoep.

Veroordeelt de eiseres tot de kosten.

Bepaalt de kosten voor de eiseres op 114,66 euro en voor de verweerder op 361,46 euro.

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samen-gesteld uit afdelingsvoorzitter Eric Dirix, als voorzitter, en de raadsheren Alain Smetryns, Geert Jocqué, Filip Van Volsem en Bart Wylleman, en in openbare rechtszitting van 19 september 2013 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Eric Dirix, in aanwezigheid van advocaat-generaal Dirk Thijs, met bijstand van griffier Frank Adriaensen.

F. Adriaensen B. Wylleman F. Van Volsem

G. Jocqué A. Smetryns E. Dirix

Vrije woorden

  • Aanslag van ambtswege

  • Bewijsmiddelen

  • Feitelijke vermoedens