- Arrest van 22 oktober 2013

22/10/2013 - P.13.0150.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Uit de samenhang van de artikelen 2, §4, vierde lid, 32bis, 1.1 en 4, en 78, §1, 2° b), KB Technische Eisen Voertuigen volgt dat een door de Minister of zijn gemachtigde op grond van artikel 48.1 Wegverkeersreglement zoals hier van toepassing bedoelde vergunning niet geldt als een vervoerstoelating uitgereikt door de Minister of zijn afgevaardigde in de zin van artikel 32bis, 1.1.3, tweede lid, KB Technische Eisen Voertuigen voor de daarin bedoelde voertuigen van de klasse III; de niet-naleving van een of meer voorwaarden van een op grond van artikel 48.1 Wegverkeersreglement bedoelde vergunning kan er dan ook niet toe leiden dat het rijden op de openbare weg met een combinatie van voertuigen bestemd voor het vervoer van goederen met een maximale toegelaten massa die de 44 ton overschrijdt, niet langer kan worden gecatalogeerd als een klasse III-voertuig in de zin van artikel 32bis, 1.1.3, KB Technische Eisen Voertuigen en dat de vergunning nationaal vervoer of communautair vervoer wordt gebruikt voor een sleep waarvan de totale massa in beladen toestand hoger is dan de voor deze sleep toegelaten normen of dan de normen toegelaten door het algemeen reglement op de technische eisen en daardoor ongeldig zou zijn (1). (1) Zie concl. O.M. Sedert 1 juli 2010 is artikel 48.1 Wegverkeersreglement opgeheven bij artikel 39, 1°, KB 2 juni 2010 betreffende het wegverkeer van uitzonderlijke voertuigen (BS 14 juni 2010), gewijzigd bij KB van 27 februari 2013 (BS 15 maart 2013).

Arrest - Integrale tekst

Nr. P.13.0150.N

ADM TEAM HEAVY WEIGHT bvba, met zetel te 2440 Geel, Molenberg 16,

beklaagde,

eiseres,

met als raadsman mr. Frederik Vanden Bogaerde, advocaat bij de balie te Kortrijk.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de correctionele rechtbank te Turnhout van 20 december 2012.

De eiseres voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan.

Plaatsvervangend advocaat-generaal Marc De Swaef heeft op 24 september 2013 ter griffie een schriftelijke conclusie neergelegd.

Op de rechtszitting van 15 oktober 2013 heeft raadsheer Filip Van Volsem verslag uitgebracht en heeft de voornoemde advocaat-generaal geconcludeerd.

II. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Eerste middel

1. Het middel voert schending aan van artikel 149 Grondwet, artikel 195 Wet-boek van Strafvordering en artikel 31, § 1, 5°, van het koninklijk besluit van 7 mei 2002 betreffende het vervoer van zaken over de weg (hierna KB Goederenver-voer): het bestreden vonnis heeft ten onrechte en zonder wettige motivering het in de appelconclusie gevoerde verweer over de afwezigheid van een inbreuk op arti-kel 31, § 1, 5°, KB Goederenvervoer verworpen; de eiseres had aangevoerd dat uit de omstandigheid dat de voorwaarden van de vergunning uitzonderlijk vervoer niet werden nageleefd niet volgt dat de eiseres de door artikel 32bis KB Techni-sche Eisen Voertuigen bedoelde maximumgrens van 44.000 kilogram diende te respecteren; de voertuigcombinatie behoorde gelet op de indeling door rubriek 1.1 van artikel 32bis KB Technische Eisen Voertuigen en de overschrijding van de gewichtsgrens van 44.000 kilogram immers tot de klasse III; uit de artikelen 2, § 4, vierde lid, 32bis, 1.1.3, tweede lid, en 4, laatste lid, en 78, § 1, 2°, b), KB Technische Eisen Voertuigen volgt dat de Minister een toelating kan verlenen om af te wijken van de bepalingen van het KB Technische Eisen Voertuigen en dat die toelating te onderscheiden is van de door artikel 48 Wegverkeersreglement bedoelde vergunning uitzonderlijk vervoer; de eiseres beschikt voor de kwestieuze combinatie over die toelating zodat die combinatie onder de klasse III viel van artikel 32bis, 1.1 KB Technische Eisen Voertuigen en de maximumgrens van 44.000 kilogram niet van toepassing kan zijn; het bestreden vonnis beantwoordt het verweer van de eiseres over de consequenties van de door artikel 78 KB Tech-nische Eisen Voertuigen bedoelde toelating niet en miskent artikel 31, § 1, 5°, KB Goederenvervoer.

2. Artikel 35, § 1, eerste lid, van de wet van 3 mei 1999 betreffende het ver-voer van zaken over de weg (hierna Wet Goederenvervoer) bepaalt dat de in arti-kel 36 bedoelde inbreuken op deze wet en haar uitvoeringsbesluiten worden be-straft met een gevangenisstraf van acht dagen tot zes maanden en met een geld-boete van vijftig tot tienduizend euro, of één van die straffen alleen.

Artikel 36, 6°, Wet Goederenvervoer bepaalt dat de schending van deze wet en van haar uitvoeringsbesluiten strafbaar wordt gesteld wanneer zij bepalingen be-treft inzake de krachtens artikel 22, § 1, 7°, door de Koning vastgestelde voor-schriften inzake de geldigheid van de vervoersvergunningen.

Artikel 31, § 1, 5°, KB Goederenvervoer bepaalt dat de vergunningen nationaal vervoer en communautair vervoer ongeldig zijn wanneer zij worden gebruikt voor een voertuig of een sleep waarvan de totale massa in beladen toestand of waarvan de afmetingen hoger zijn dan de voor dit voertuig of deze sleep toegelaten normen of dan de normen toegelaten door het algemeen reglement op de technisch eisen waaraan de auto's, hun aanhangwagens, hun onderdelen en hun veiligheidstoebe-horen moeten voldoen.

Artikel 48.1 Wegverkeersreglement, zoals hier van toepassing, bepaalt dat voor het vervoer van ondeelbare voorwerpen en het verkeer van voertuigen of van aan-hangwagens die gebruikt worden om die voorwerpen te vervoeren, en waarvan de afmetingen, de eigen massa of de massa in beladen toestand de door dit reglement of de door het technisch reglement van de auto's vastgestelde maxima overschrij-den, door de Minister van Openbare Werken of zijn gemachtigde onder de door hem vastgestelde voorwaarden vergunning wordt gegeven.

Artikel 32bis, 1.1 KB Technische Eisen Voertuigen bepaalt dat de voertuigen worden ingedeeld in 3 klassen: klasse I, die de voertuigen betreft bestemd voor het vervoer van personen; klasse II, die de voertuigen of combinaties van voertui-gen betreft bestemd voor het vervoer van goederen, waarvan de maximale toege-laten massa, de 44 ton niet overschrijdt; klasse III, die betrekking heeft hetzij op de afzonderlijke voertuigen bestemd voor het vervoer van goederen met een maximale massa en of afmetingen die deze bepaald voor afzonderlijke voertuigen overschrijden, hetzij de combinaties van voertuigen bestemd voor het vervoer van goederen met een maximale massa en of afmetingen die deze bepaald in klasse II overschrijden. Wat betreft de klasse III-voertuigen is bepaald dat deze voertuigen om op de openbare weg te rijden, een vervoerstoelating moeten hebben verleend door de Minister van Openbare Werken of zijn afgevaardigde, die voldoet aan de voorwaarden die hij vaststelt.

Artikel 32bis, 4, KB Technische Eisen Voertuigen bepaalt dat de afmetingen en de massa's van de voertuigen van de klasse III de maximale waarde van de voer-tuigen van de klasse II mogen overschrijden, deze voertuigen hoe dan ook de hoogste toegelaten massa's per wiel moeten respecteren, de waarde van de toege-laten afmetingen en massa's geval per geval worden vastgesteld en deze voertui-gen of combinaties het voorwerp zijn van een speciale goedkeuring.

Artikel 78, § 1, 2°, b), KB Technische Eisen Voertuigen bepaalt dat de Minister van Verkeerswezen of diens afgevaardigde bij wijze van uitzondering volgens de door hem vastgestelde voorwaarden en procedure, de voor het uitzonderlijk ver-voer bestemde voertuigen of slepen waarvan de massa in beladen toestand of de afmetingen hoger zijn dan de voorziene maxima, geheel of gedeeltelijk kan vrij-stellen van dit algemeen reglement.

Artikel 2, § 4, vierde lid, KB Technische Eisen Voertuigen bepaalt dat in het bui-tenland ingeschreven voertuigen, bestemd voor uitzonderlijk vervoer, die de maximumwaarden inzake massa's en afmetingen, bepaald in artikel 32bis, over-schrijden, het wegennet op het Belgisch grondgebied mogen gebruiken volgens een reisweg die door de Dienst Uitzonderlijk Vervoer van de fod Mobiliteit en Vervoer wordt vastgelegd, mits gedekt te zijn door een speciale toelating tot het verkeer, afgegeven door de bevoegde autoriteit van het land van inschrijving. De-ze toelating wordt aangemerkt als een afwijking van artikel 32bis, op dezelfde wijze als die conform met artikel 78, § 1, 2°, b), van dit besluit afgeleverd zou worden.

3. Uit de samenhang van de artikelen 2, § 4, vierde lid, 32bis, 1.1 en 4, en 78, § 1, 2°, b), KB Technische Eisen Voertuigen volgt dat een door de Minister of zijn gemachtigde op grond van artikel 48.1 Wegverkeersreglement bedoelde vergun-ning niet geldt als een vervoerstoelating uitgereikt door de Minister of zijn afge-vaardigde in de zin van artikel 32bis, 1.1.3, tweede lid, KB Technische Eisen Voertuigen voor de daarin bedoelde voertuigen van de klasse III.

De niet-naleving van een of meer voorwaarden van een op grond van artikel 48.1 Wegverkeersreglement bedoelde vergunning kan er dan ook niet toe leiden dat het rijden op de openbare weg met een combinatie van voertuigen bestemd voor het vervoer van goederen met een maximale toegelaten massa die de 44 ton over-schrijdt, niet langer kan worden gecatalogeerd als een klasse III-voertuig in de zin van artikel 32bis, 1.1.3, KB Technische Eisen Voertuigen en dat de vergunning nationaal vervoer of communautair vervoer wordt gebruikt voor een sleep waarvan de totale massa in beladen toestand hoger is dan de voor deze sleep toegelaten normen of dan de normen toegelaten door het algemeen reglement op de techni-sche eisen en daardoor ongeldig zou zijn.

4. Het bestreden vonnis grondt de schuldigverklaring van de eiseres aan het haar ten laste gelegde op de niet-naleving van een der voorwaarden van de op grond van artikel 48.1 Wegverkeersreglement verleende vergunning. Het leidt daaruit de niet-toepasselijkheid van de klasse III van artikel 32bis, 1.1.3, KB Technische Eisen Voertuigen op deze voertuigcombinatie en de onderbrenging in de klasse II af. Het trekt daaruit het gevolg dat de vergunning nationaal vervoer of communautair vervoer werd gebruikt voor een sleep waarvan de totale massa in beladen toestand hoger is dan de voor deze sleep toegelaten normen of dan de normen toegelaten door het algemeen reglement op de technische eisen en die vergunning daardoor ongeldig is. Aldus verantwoordt het bestreden vonnis de schuldigverklaring van de eiseres niet naar recht.

Het middel is gegrond.

Tweede middel

5. Het middel dat niet kan leiden tot cassatie zonder verwijzing, behoeft geen antwoord.

Dictum

Het Hof,

Vernietigt het bestreden vonnis.

Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernie-tigde vonnis.

Laat de kosten ten laste van de Staat.

Verwijst de zaak naar de correctionele rechtbank te Antwerpen, rechtszitting hou-dend in hoger beroep.

Bepaalt de kosten op 190,30 euro.

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samen-gesteld uit afdelingsvoorzitter Paul Maffei, als voorzitter, en de raadsheren Luc Van hoogenbemt, Filip Van Volsem, Alain Bloch en Peter Hoet, en op de openba-re rechtszitting van 22 oktober 2013 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Paul Maffei, in aanwezigheid van plaatsvervangend advocaat-generaal Marc De Swaef, met bijstand van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky.

V. Kosynsky

P. Hoet A. Bloch

F. Van Volsem L. Van hoogenbemt P. Maffei

Vrije woorden

  • Uitzonderlijk vervoer

  • Klasse III voertuigen

  • Vervoerstoelating