- Arrest van 24 oktober 2013

24/10/2013 - C120295N-C120446N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1

De aanbestedende overheid dient rekening te houden met de door de inschrijver doorgevoerde aanvulling van een leemte in de opmetingsstaat, wanneer deze aanvulling na onderzoek door de overheid gegrond wordt bevonden en dat, teneinde een gelijke behandeling van de inschrijvers te waarborgen, de offertes van de andere inschrijvers die geen prijzen voor de ontbrekende posten hebben voorgesteld in dat geval dienen te worden aangepast.


Arrest - Integrale tekst

Nr. C.12.0295.N

ABC MAATSCHAPPIJ VOOR SOCIALE WONINGBOUW cvba, met zetel te 2050 Antwerpen, Reinaartlaan 8,

eiseres,

vertegenwoordigd door mr. Paul Wouters, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 3000 Leuven, Koning Leopold I straat 3, waar de eiseres woonplaats kiest,

tegen

1. STRABAG BELGIUM nv, met zetel te 2000 Antwerpen, Rijnkaai 37,

verweerster,

vertegenwoordigd door mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Quatre Brasstraat 6, waar de verweerster woonplaats kiest,

2. ARCHITECTENBUREAU VAN DERBEKEN bvba, met zetel te 9000 Gent, Tussen 't Pas 4,

3. P.,

verweerders, minstens tot bindendverklaring opgeroepen partijen.

II.

Nr. C.12.0446.N

1. ARCHITECTENBUREAU VAN DERBEKEN bvba, met zetel te 9000 Gent, Tussen 't Pas 4,

2. P.,

eiseressen,

vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187, bus 302, waar de eiseressen woon-plaats kiezen,

tegen

1. STRABAG BELGIUM nv, met zetel te 2000 Antwerpen, Rijnkaai 37,

verweerster,

vertegenwoordigd door mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cas-satie, met kantoor te 1000 Brussel, Quatre Brasstraat 6, waar de verweerster woonplaats kiest,

2. ABC MAATSCHAPPIJ VOOR SOCIALE WONINGBOUW cvba, met zetel te 2050 Antwerpen, Reinaartlaan 8,

verweerster, minstens tot bindendverklaring opgeroepen partij.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

De cassatieberoepen zijn gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Ant-werpen van 16 februari 2012.

Raadsheer Alain Smetryns heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Christian Vandewal heeft geconcludeerd.

II. CASSATIEMIDDELEN

In de zaak C.12.0295.N voert de eiseres in haar verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan.

In de zaak C.12.0446.N voeren de eiseressen in hun verzoekschrift dat aan dit ar-rest is gehecht, twee middelen aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

A. Voeging

1. De cassatieberoepen in de zaken C.12.0295.N en C.12.0446.N zijn gericht tegen hetzelfde arrest en dienen te worden samengevoegd.

B. Zaak C.12.0295.N

2. Krachtens artikel 15, eerste lid, Overheidsopdrachtenwet 1993, dient de op-dracht, indien de bevoegde overheid beslist deze toe te wijzen bij openbare of be-perkte aanbesteding te worden toegewezen aan de inschrijver die de laagste re-gelmatige offerte indiende.

Krachtens artikel 15, tweede lid, Overheidsopdrachtenwet 1993, houdt de be-voegde overheid, voor het bepalen van de laagste regelmatige offerte, rekening met de aangeboden prijzen en met de andere berekenbare gegevens die met zeker-heid haar uitgaven zullen verhogen.

3. Krachtens artikel 96, § 2, eerste lid, van het KB van 8 januari 1996 betref-fende de overheidsopdrachten voor aanneming van werken, leveringen en dien-sten en de concessies voor openbare werken, vult de inschrijver de leemten in de samenvattende opmetingsstaat aan en verbetert hij de vergissingen die hij in de forfaitaire hoeveelheden ontdekt, rekening houdend met de tekeningen, het bestek, zijn beroepskennis of persoonlijke bevindingen.

Krachtens artikel 112, § 2, 1°, eerste lid, van voormeld KB, onderzoekt de aanbe-stedende overheid, wanneer een inschrijver enige leemte in de samenvattende op-metingsstaat van een overheidsopdracht voor aanneming van werken heeft aange-vuld, de gegrondheid van de aanvulling en verbetert deze eventueel.

Krachtens artikel 112, § 2, 1°, tweede lid, van voormeld KB, worden, indien de andere inschrijvers geen prijzen voor de ontbrekende posten hebben voorgesteld, deze prijzen met het oog op de rangschikking van de offertes en de definitieve verbetering van de goed te keuren offerte berekend volgens een in deze bepaling vermelde formule.

4. Krachtens artikel 111, eerste lid, van voormeld KB, verbetert de aanbeste-dende overheid de rekenfouten en kennelijk materiële fouten in de offertes, zonder dat zij voor niet-ontdekte fouten aansprakelijk is.

Krachtens artikel 111, tweede lid, van voormeld KB, gaat de aanbestedende over-heid voor het verbeteren van die fouten de werkelijke bedoeling van de inschrijver na met alle middelen, onder meer door een onderzoek van de offerte, een vergelij-king van de prijzen met die van de overige inschrijvers en met de gangbare prij-zen.

5. Uit deze bepalingen volgt dat de aanbestedende overheid rekening dient te houden met de door een inschrijver doorgevoerde aanvulling van een leemte in de opmetingsstaat, wanneer deze aanvulling na onderzoek door de overheid gegrond wordt bevonden en dat, teneinde een gelijke behandeling van de inschrijvers te waarborgen, de offertes van de andere inschrijvers die geen prijzen voor de ont-brekende posten hebben voorgesteld in dat geval dienen te worden aangepast.

De overheid die na onderzoek van oordeel is dat de opmetingsstaat geen leemte vertoont, dient in beginsel met de door de inschrijver doorgevoerde aanvulling geen rekening meer te houden.

Wanneer de door de overheid geweerde aanvulling in werkelijkheid betrekking heeft op een specifiek onderdeel van een in de opmetingsstaat reeds voorziene post, waarvoor de inschrijver per vergissing geen prijs heeft ingediend, dient, ten-einde de gelijkheid tussen de inschrijvers bij de rangschikking van de offertes te waarborgen, deze offerte te worden verbeterd en rekening te worden gehouden met de door de inschrijver voor de geweerde aanvulling ingediende prijs, conform de werkelijke bedoeling van deze laatste.

6. De appelrechters oordelen dat:

- de post 58.22 betrekking had op de wandbetegeling van badkamer en keuken;

- Depret nv die post had uitgesplitst in enerzijds de wandbetegeling voor de bad-kamer waarvoor deze inschrijver prijs gaf onder de post 58.22 en in anderzijds de wandbetegeling voor de keuken waarvoor zelfde inschrijver prijs gaf onder een als leemte opgegeven post;

- de eiseres de gelijkheid tussen de inschrijvers miskende door enkel rekening te houden met de door voornoemde inschrijver voor de wandbetegeling van de badkamer ingediende prijs en na te laten de offerte te verbeteren rekening hou-dend met de prijs ingediend voor de wandbetegeling voor de keuken conform de werkelijke bedoeling van deze inschrijver.

7. Door aldus te oordelen verantwoorden de appelrechters hun beslissing naar recht.

Het middel kan niet worden aangenomen.

C. Zaak C.12.0446.N

Ontvankelijkheid

8. De eerste verweerster werpt een middel van niet-ontvankelijkheid op: het cassatieberoep dat niet opkomt tegen een eindbeslissing, is voorbarig.

9. Krachtens artikel 1077 Gerechtelijk Wetboek staat cassatieberoep tegen vonnissen alvorens recht te doen slechts open na het eindvonnis.

10. De appelrechters oordelen dat de vordering in vrijwaring van de tweede verweerster tegen de eiseressen niet in staat van wijzen is en gelasten te dien einde de heropening van het debat.

11. Ten aanzien van de eiseressen is het arrest aldus een beslissing alvorens recht te doen.

Het cassatieberoep is voorbarig en mitsdien niet ontvankelijk.

Dictum

Het Hof,

Voegt de cassatieberoepen C.12.0295.N en C.12.0446.N.

Verwerpt de cassatieberoepen en de vorderingen tot bindendverklaring.

Veroordeelt de eiseres in de zaak C.12.0295.N tot de kosten.

Veroordeelt de eiseressen in de zaak C.12.0446.N tot de kosten.

Bepaalt de kosten in de zaak C.12.0295.N voor de eiseres op 742,29 euro en voor de eerste verweerster op 395,61 euro.

Bepaalt de kosten in de zaak C.12.0446.N voor de eiseressen op 929,69 euro en voor de eerste verweerster op 395,61 euro.

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samen-gesteld uit raadsheer Beatrijs Deconinck, als voorzitter, en de raadsheren Alain Smetryns, Koen Mestdagh, Geert Jocqué en Antoine Lievens, en op de openbare rechtszitting van 24 oktober 2013 uitgesproken door raadsheer Beatrijs Deco-ninck, in aanwezigheid van advocaat-generaal Christian Vandewal, met bijstand van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky.

V. Kosynsky A. Lievens G. Jocqué

K. Mestdagh A. Smetryns B. Deconinck

Vrije woorden

  • Opmetingsstaat

  • Leemte

  • Aanvulling door de inschrijver

  • Aanbestedende overheid

  • Verplichting om rekening te houden met de aanvulling