- Arrest van 6 november 2013

06/11/2013 - P.12.1905.F

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Een rechtsregel heeft terugwerkende kracht wanneer hij wordt toegepast op een toestand die dateert van vóór zijn inwerkingtreding.

Arrest - Integrale tekst

Nr. P.12.1905.F

R. F.,

Mr. Denis Barth, advocaat bij de balie te Eupen.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is in het Duits gesteld en is gericht tegen het in die taal gewe-zen vonnis in hoger beroep van de correctionele rechtbank te Eupen van 24 okto-ber 2012.

Bij beschikking van 27 november 2012 heeft de eerste voorzitter van het Hof be-volen dat de rechtspleging vanaf de rechtszitting in het Frans zal worden gevoerd.

De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan.

Raadsheer Gustave Steffens heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Damien Vandermeersch heeft geconcludeerd.

II. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Eerste middel

De snelheidsovertreding die de eiser ten laste is gelegd, werd op 13 februari 2011 door een politievoertuig gemeten met behulp van een snelheidsmeter waarmee het was uitgerust, en getoetst met een radartoestel dat op grond van het koninklijk be-sluit van 11 oktober 1997 was goedgekeurd.

De eiser voert aan dat op de dag van de vaststelling, de goedkeuring en de ijking van het betreffende toestel werden geregeld door een besluit van 12 oktober 2010 dat, omdat het hogere eisen stelt dan het voorgaande, toegepast had moeten wor-den overeenkomstig het beginsel van de terugwerkende kracht van de meest gun-stige strafwet.

Krachtens artikel 20 van het koninklijk besluit van 12 oktober 2010 betreffende de goedkeuring, de ijking en de installatie van de meettoestellen gebruikt om toezicht te houden op de naleving van de wet betreffende de politie over het wegverkeer, blijven de modelgoedkeuringen die werden afgeleverd vóór de inwerkingtreding van dit besluit, geldig tot op hun vervaldatum.

Een rechtsregel heeft terugwerkende kracht wanneer ze wordt toegepast op een toestand die dateert van vóór haar inwerkingtreding.

De eiser, die om de toepassing verzoekt van het koninklijk besluit van 12 oktober 2010, voor de beoordeling van de regelmatigheid van een op 13 februari 2011 ge-leverd bewijs, streeft dus geen retroactieve toepassing van een wet na.

Het voorwerp van zijn betwisting is dus of het toestel dat heeft gediend om de snelheidsmeter te toetsen, moest worden goedgekeurd en geijkt volgens de regels van het eerste of van het tweede besluit.

De Koning heeft de aangelegenheid geregeld met de overgangsmaatregel die in het voormelde artikel 20 is bepaald. Daarin wordt de periode vastgesteld tot het einde waarvan de gevolgen van de opgeheven reglementering nog zullen blijven voortbestaan.

Door die bepaling in acht te nemen weigeren de appelrechters niet om met terug-werkende kracht een wet toe te passen, vermits hun beslissing een ander voorwerp heeft.

Het middel kan niet worden aangenomen.

(...)

Ambtshalve onderzoek van de beslissing

De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing bevat geen enkele onwettigheid die de eiser zou kunnen benadelen.

Dictum

Het Hof,

Verwerpt het cassatieberoep.

Veroordeelt de eiser tot de kosten.

Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, tweede kamer, te Brussel, door afdelingsvoorzitter ridder Jean de Codt, de raadsheren Benoît Dejemeppe, Pierre Cornelis, Gustave Steffens en Françoise Roggen, en in openbare terechtzitting van 6 november 2013 uitgesproken door afdelingsvoorzitter ridder Jean de Codt, in aanwezigheid van advocaat-generaal Damien Vandermeersch, met bijstand van griffier Fabienne Gobert.

Vertaling opgemaakt onder toezicht van raadsheer Erwin Francis en overge-schreven met assistentie van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky.

De afgevaardigd griffier, De raadsheer,

Vrije woorden

  • Toepassing van de strafwet in de tijd

  • Strafwet

  • Beginsel van de terugwerkende kracht van de gunstiger strafwet

  • Toepassing met terugwerkende kracht