- Arrest van 28 november 2013

28/11/2013 - C.13.0166.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
De krenking van een belang kan enkel tot een rechtsvordering leiden als het om een rechtmatig belang gaat; degene die het behoud van een toestand in strijd met de openbare orde of het verkrijgen van een onrechtmatig voordeel nastreeft, heeft geen rechtmatig belang (1); de omstandigheid dat de eiser zich in een onrechtmatige toestand bevindt, sluit niet uit dat hij kan bogen op de krenking van een rechtmatig belang (2). (1) Zie Cass. 2 maart 2006, AR C.05.0061.N, AC 2006, nr. 120; Cass. 2 april 1998, AR C.94.0438.N, AC 1998, nr. 188, met concl. van procureur-generaal M. DE SWAEF, toen advocaat-generaal. (2) Het OM concludeerde tot verwerping. Het ging in casu om afbraakwerken zonder vergunning. Nu de appelrechters de vordering van eiseres, de aannemer, tot betaling van haar factuur onontvankelijk verklaarden vermits geen vergoeding kan worden toegestaan voor het onwettig voordeel dat zij heeft verworven door werken die zonder de vereiste vergunningen zijn uitgevoerd, namen zij volgens het OM aan dat de vordering van eiseres strekte tot het behoud van een onrechtmatig voordeel, zodat hun beslissing naar recht verantwoord was.

Arrest - Integrale tekst

Nr. C.13.0166.N

ALGEMENE BOUWONDERNEMINGEN ROMBOUTS bvba, met zetel te 2340 Beerse, Oosteneinde 23,

eiseres,

vertegenwoordigd door mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Quatre Brasstraat 6, waar de eiseres woonplaats kiest,

tegen

1. A.,

2. M.,

verweerders,

vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187, bus 302, waar de verweerders woonplaats kiezen.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwerpen van 27 mei 2009.

Afdelingsvoorzitter Eric Dirix heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Christian Vandewal heeft geconcludeerd.

II. CASSATIEMIDDEL

De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest gehecht is, een middel aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

1. De verweerders voeren een grond van niet-ontvankelijkheid aan: het middel is niet ontvankelijk omdat niet tevens artikel 6 Burgerlijk Wetboek als geschonden wordt aangevoerd.

De door de eiseres als geschonden aangevoerde wetsbepalingen volstaan om de grieven te beoordelen.

De grond van niet-ontvankelijkheid moet worden verworpen.

2. Krachtens artikel 17 Gerechtelijk Wetboek kan een rechtsvordering niet worden toegelaten indien de eiser geen belang heeft om ze in te dienen.

De krenking van een belang kan enkel tot een rechtsvordering leiden als het om een rechtmatig belang gaat.

Degene die het behoud van een toestand in strijd met de openbare orde of het ver-krijgen van een onrechtmatig voordeel nastreeft, heeft geen rechtmatig belang.

De omstandigheid dat de eiser zich in een onrechtmatige toestand bevindt, sluit niet uit dat hij kan bogen op de krenking van een rechtmatig belang.

3. Uit het tussenarrest van 29 oktober 2008 en het bestreden arrest blijkt dat:

- de eiseres aannemingswerken uitvoerde aan de woning van de verweerders;

- tijdens de uitvoering van deze werken werd beslist tot de afbraak van de wo-ning om veiligheidsredenen;

- de eiseres aanspraak maakt op de betaling van de factuur voor de uitgevoerde afbraakwerken;

- voor de afbraakwerken geen stedenbouwkundige vergunning was afgeleverd.

4. De appelrechters die oordelen dat de eiseres door over te gaan tot de af-braakwerken, een bouwovertreding heeft begaan en hieraan geen afbreuk wordt gedaan doordat deze afbraakwerken werden uitgevoerd in opdracht van de ver-weerders en beslissen dat "de vordering van [de eiseres] tot betaling van haar factuur onontvankelijk (is) vermits geen vergoeding kan worden toegestaan voor het onwettig voordeel dat zij verworven (heeft) door de werken die zonder de ver-eiste vergunningen zijn uitgevoerd", schenden artikel 17 Gerechtelijk Wetboek.

Het middel is gegrond.

Dictum

Het Hof,

Vernietigt het bestreden arrest.

Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernie-tigde arrest.

Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent over aan de feitenrechter.

Verwijst de zaak naar het hof van beroep te Brussel.

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samen-gesteld uit afdelingsvoorzitter Eric Dirix, als voorzitter, en de raadsheren Alain Smetryns, Geert Jocqué, Bart Wylleman en Koenraad Moens, en op de openbare rechtszitting van 28 november 2013 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Eric Dirix, in aanwezigheid van advocaat-generaal Christian Vandewal, met bijstand van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky.

V. Kosynsky K. Moens B. Wylleman

G. Jocqué A. Smetryns E. Dirix

Vrije woorden

  • Belang