- Arrest van 5 december 2013

05/12/2013 - C.12.0497.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Uit de wetsgeschiedenis blijkt dat de verplichting om voor de goederen en diensten de totale prijs aan te duiden enkel geldt voor de weergave van alle prijsbestanddelen die de onderneming in alle gevallen tot een geheel vermag te becijferen en niet wanneer dit niet mogelijk is omdat de totale prijs afhankelijk is van beslissingen van de consument (1). (1) Wetsontwerp betreffende marktpraktijken en consumentenbescherming, Memorie van Toelichting, Parl. St. Kamer, 2009-2010, DOC 52, nr. 2340/001, p. 42 .

Arrest - Integrale tekst

Nr. C.12.0497.N

BELGACOM nv, publiekrechtelijke vennootschap, met zetel te 1030 Schaar-beek, Koning Albert II-laan 27,

eiseres,

vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187, bus 302, waar de eiseres woonplaats kiest,

tegen

TELENET nv, met zetel te 2800 Mechelen, Liersesteenweg 4,

verweerster,

vertegenwoordigd door mr. Bruno Maes, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Central Plaza, Loksumstraat 25, waar de verweerster woonplaats kiest.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwerpen van 14 juni 2012.

Raadsheer Koen Mestdagh heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal André Van Ingelgem heeft geconcludeerd.

II. CASSATIEMIDDEL

De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Eerste onderdeel

1. Artikel 8 van de wet van 6 april 2010 betreffende marktpraktijken en con-sumentenbescherming, hierna Wet Marktpraktijken, bepaalt dat elke reclame voor consumenten die gewag maakt van een prijs, die moet vermelden overeenkomstig de voorschriften van met name de artikelen 6 en 7.

Krachtens artikel 6 Wet Marktpraktijken moet de aangeduide prijs de door de consument totaal te betalen prijs zijn, waaronder is begrepen: de belasting over de toegevoegde waarde, alle overige taksen en de kosten van alle diensten die door de consument verplicht moeten worden bijbetaald.

2. Uit de wetgeschiedenis blijkt dat de verplichting om voor de goederen en diensten de totale prijs aan te duiden enkel geldt voor de weergave van alle prijs-bestanddelen die de onderneming in alle gevallen tot een geheel vermag te becij-feren en niet wanneer dit niet mogelijk is omdat de totale prijs afhankelijk is van beslissingen van de consument.

3. Het arrest stelt vast dat de consument die reeds beschikt over een kabel-abonnement niet verplicht is een nieuw of bijkomend kabelabonnement te nemen om na de installatie van de decoder digitale televisie te kunnen kijken.

Het vermocht derhalve, zonder schending van de in het onderdeel vermelde wets-bepalingen, te oordelen dat het nemen van een kabelabonnement geen verplicht bij te betalen dienst is in de zin van artikel 6 Wet Marktpraktijken.

Het onderdeel kan niet worden aangenomen.

Tweede onderdeel

4. Het is niet tegenstrijdig te oordelen, eensdeels, dat het noodzakelijk is om over een kabelabonnement te beschikken om digitale televisie te kunnen kijken en, anderdeels, dat het nemen van een kabelabonnement geen verplicht bij te betalen dienst is in de zin van artikel 6 Wet Marktpraktijken omdat de consument die reeds beschikt over een kabelabonnement niet verplicht is een nieuw of bijkomend kabelabonnement te nemen om na de installatie van de decoder digitale televisie te kunnen kijken.

Het onderdeel mist feitelijke grondslag.

Dictum

Het Hof,

Verwerpt het cassatieberoep.

Veroordeelt de eiseres tot de kosten.

Bepaalt de kosten voor de eiseres op 636,55 euro en voor de verweerster op 184,71 euro.

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samen-gesteld uit afdelingsvoorzitter Eric Dirix, als voorzitter, afdelingsvoorzitter Albert Fettweis, en de raadsheren Alain Smetryns, Koen Mestdagh en Geert Jocqué, en in openbare rechtszitting van 5 december 2013 uitgesproken door afdelingsvoor-zitter Eric Dirix, in aanwezigheid van advocaat-generaal André Van Ingelgem, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche.

K. Vanden Bossche G. Jocqué K. Mestdagh

A. Smetryns A. Fettweis E. Dirix

Vrije woorden

  • Wet Marktpraktijken

  • Reclame voor consumenten

  • Aan te duiden prijs