- Arrest van 11 december 2013

11/12/2013 - P.13.1932.F

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Wanneer de kamer van inbeschuldigingstelling erop wijst dat de inverdenkinggestelde, nadat de onderzoeksrechter heeft vastgesteld dat er geen advocaat beschikbaar is om hem tijdens zijn verhoor bij te staan, de verklaringen heeft bevestigd die hij bij de politie heeft afgelegd waar hij afstand had gedaan van zijn recht op bijstand van een advocaat en, na eerst over zijn zwijgrecht te zijn geïnformeerd, aanvaard heeft te antwoorden op de vragen van de onderzoeksrechter, betekenen die overwegingen dat de onderzoeksrechter voor een geval van overmacht stond en de inverdenkinggestelde vrijwillig en op overwogen wijze aan zijn recht heeft verzaakt om door een advocaat te worden bijgestaan, zodat diens verklaringen afgelegd zonder advocaat, in aanmerking konden worden genomen (1). (1) Zie concl. O.M. in Pas., 2013, nr.

Arrest - Integrale tekst

Nr. P.13.1932.F

V. D. M.,

Mrs. Pierre Huet en Ricardo Bruno, advocaten bij de balie te Charleroi, en mr. Shelley Henrotte, advocaat bij de balie te Brussel.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Brussel, kamer van inbeschuldigingstelling, van 26 november 2013.

De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, drie middelen aan.

Raadsheer Gustave Steffens heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Damien Vandermeersch heeft geconcludeerd.

II. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

De drie middelen samen

De eiser voert aan dat de appelrechters hem in vrijheid hadden moeten stellen vermits de onderzoeksrechter "geen enkel initiatief heeft genomen om contact op te nemen met de door hem aangestelde raadsman" voordat hij werd verhoord.

Hij voert aan dat ze bij hun beoordeling van de aanwijzingen van schuld niet naar dat verhoor mochten verwijzen.

Hij verwijt de appelrechters ten slotte dat ze zijn verweer niet hebben onderzocht dat stelt dat "de raadsman van de [eiser] nooit kennis werd gegeven van zijn ver-schijning voor de onderzoeksmagistraat, zodat hij niet kon worden bijgestaan door de advocaat van zijn keuze of zelfs gewoon worden bijgestaan".

Uit de bijlage bij het proces-verbaal van verhoor door de onderzoeksrechter blijkt dat de door de eiser gekozen advocaat niet aanwezig zou zijn bij het verhoor waarin tijdens de verzekerde bewaring is voorzien.

Verder in die bijlage wordt melding gemaakt van de opeenvolgende mislukte po-gingen om de eiser te doen bijstaan door een advocaat.

Het eigenlijke proces-verbaal wijst erop dat contact werd opgenomen met de per-manentie van de Orde van Franstalige en Duitstalige balies, die geen advocaat heeft aangewezen, en dat de onderzoeksrechter in de onmogelijkheid verkeerde om de eiser een vertrouwelijk overleg toe te staan en om tijdens het verhoor te worden bijgestaan door een advocaat.

Die akte vermeldt ook dat de eiser, nadat de onderzoeksrechter hem aan zijn zwijgrecht had herinnerd en aan zijn recht om zichzelf niet te beschuldigen, heeft beslist op de vragen van de magistraat te antwoorden.

Het arrest, dat eraan herinnert dat de eiser de verklaringen heeft bevestigd die hij bij de politie heeft afgelegd, waar hij afstand heeft gedaan van zijn recht op bij-stand door een advocaat, en aanvaard heeft te antwoorden op de vragen van de onderzoeksrechter, na eerst over zijn zwijgrecht te zijn geïnformeerd, beslist dat uit die omstandigheden niet kan worden afgeleid dat de eiser nu al zijn recht op een eerlijke behandeling van de zaak zou zijn ontzegd of dat zijn verhoor door de onderzoeksrechter nietig zou zijn.

Met die overwegingen, die erop neerkomen dat de onderzoeksrechter voor een geval van overmacht stond en de eiser vrijwillig en op overwogen wijze afstand heeft gedaan van zijn recht om door een advocaat te worden bijgestaan, omkleden de appelrechters hun beslissing betreffende de regelmatigheid van het bevel tot aanhouding en het aannemen van de zonder advocaat afgelegde verklaringen, re-gelmatig met redenen en verantwoorden ze naar recht.

De middelen kunnen niet worden aangenomen.

Ambtshalve onderzoek van de beslissing

De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen.

Dictum

Het Hof,

Verwerpt het cassatieberoep.

Veroordeelt de eiser tot de kosten.

Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, tweede kamer, te Brussel, door afdelingsvoorzitter Frédéric Close, de raadsheren Benoît Dejemeppe, Pierre Cornelis, Gustave Steffens en Françoise Roggen, en in openbare terechtzitting van 11 december 2013 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Frédéric Close, in aanwezigheid van advocaat-generaal Damien Vandermeersch, met bijstand van griffier Fabienne Gobert.

Vertaling opgemaakt onder toezicht van raadsheer Erwin Francis en overge-schreven met assistentie van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky.

De afgevaardigd griffier, De raadsheer,

Vrije woorden

  • Ondervraging vooraf door de onderzoeksrechter

  • Bijstand van de advocaat

  • Geen advocaat beschikbaar

  • Overmacht

  • Afstand van het recht op bijstand door een advocaat