- Arrest van 19 februari 2014

19/02/2014 - P.13.1690.F

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Alle maatschappelijke en medisch-psychologische onderzoeken betreffende de persoonlijkheid van een minderjarige, ongeacht of ze zijn voorgeschreven in het kader van de wet van 8 april 1965 betreffende de jeugdbescherming, brengen een zodanige inmenging in diens privé- en gezinsleven met zich mee, waardoor ze strikt vertrouwelijk zijn; ze mogen alleen aan de opdrachtgevende overheid worden medegedeeld en mogen dus niet aangewend worden voor andere doeleinden dan die welke door de procedure worden nagestreefd (1). (1) Zie Cass. 20 okt. 2010, AR P.09.0529.F, AC 2010, nr. 614.

Arrest - Integrale tekst

Nr. P.13.1690.F

G. E., in de hoedanigheid van wettig beheerster van de goederen van haar minder-jarige dochter F. L.,

Mrs. Joël-Pierre Bayer, advocaat bij de balie te Namen, en Elise Deprez, advocaat bij de balie te Brussel,

tegen

E. L.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Luik, ka-mer van inbeschuldigingstelling, van 12 september 2013.

De eiseres voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan.

Afdelingsvoorzitter Frédéric Close heeft verslag uitgebracht.

Procureur-generaal Jean-François Leclercq heeft geconcludeerd.

II. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Eerste middel

(...)

Alle maatschappelijke en medisch-psychologische onderzoeken betreffende de persoonlijkheid van een minderjarige, ongeacht of ze zijn voorgeschreven in het kader van de wet van 8 april 1965 betreffende de jeugdbescherming, brengen een zodanige inmenging in diens privé- en gezinsleven met zich mee, dat ze strikt ver-trouwelijk zijn. Ze mogen alleen aan de opdrachtgevende overheid worden mede-gedeeld en mogen dus niet aangewend worden voor andere doeleinden dan die welke door de procedure worden nagestreefd.

(...)

Dictum

Het Hof,

Verwerpt het cassatieberoep.

Veroordeelt de eiseres tot de kosten.

Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, tweede kamer, te Brussel, door afdelingsvoorzitter ridder Jean de Codt, afdelingsvoorzitter Frédéric Close, de raadsheren Pierre Cornelis, Gustave Steffens en Françoise Roggen, en in openbare terechtzitting van 19 februari 2014 uitgesproken door afdelingsvoorzitter ridder Jean de Codt, in aanwezigheid van procureur-generaal Jean-François Leclercq, met bijstand van griffier Tatiana Fenaux.

Vertaling opgemaakt onder toezicht van afdelingsvoorzitter Luc Van hoogen-bemt en overgeschreven met assistentie van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky.

De afgevaardigd griffier, De afdelingsvoorzitter,

Vrije woorden

  • Jeugdbescherming

  • Minderjarige

  • Persoonlijkheid

  • Maatschappelijke en medisch-psychologische onderzoeken

  • Oogmerk

  • Aanwending

  • Beperking