- Arrest van 10 maart 2014

10/03/2014 - S.13.0029.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1

Periodes van wachtdienst waarbij de werknemer permanent bereikbaar moet zijn om een gebeurlijke oproep van de werkgever te kunnen beantwoorden, maar waarbij de fysieke aanwezigheid op de arbeidsplaats niet vereist is, zijn geen arbeidstijd in de zin van artikel 19 Arbeidswet; de omstandigheid dat de bewegingsvrijheid van de werknemer tijdens de wachtdienst beperkt is omdat hij binnen een bepaalde straal van de arbeidsplaats moet verblijven om die binnen een bepaalde tijd te kunnen bereiken, doet daaraan niet af.


Arrest - Integrale tekst

Nr. S.13.0029.N

G D,

eiser,

vertegenwoordigd door mr. Paul Wouters, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 3000 Leuven, Koning Leopold I-straat, 3, waar de eiser woonplaats kiest,

tegen

ALGEMEEN ZIEKENHUIS JAN PORTAELS vzw, met zetel te 1800 Vilvoorde, Gendarmeriestraat 65,

verweerster,

vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187, bus 302, waar de verweerster woon-plaats kiest.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen een arrest van het arbeidshof te Brussel van 6 januari 2012.

Raadsheer Antoine Lievens heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Henri Vanderlinden heeft geconcludeerd.

II. CASSATIEMIDDEL

De eiser voert in zijn verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Krachtens artikel 19, tweede lid, Arbeidswet wordt onder arbeidsduur verstaan: de tijd gedurende welke het personeel ter beschikking is van de werkgever.

Periodes van wachtdienst waarbij de werknemer permanent bereikbaar moet zijn om een gebeurlijke oproep van de werkgever te kunnen beantwoorden, maar waarbij de fysieke aanwezigheid op de arbeidsplaats niet vereist is, zijn geen ar-beidstijd in de zin van artikel 19 Arbeidswet. De omstandigheid dat de bewe-gingsvrijheid van de werknemer tijdens de wachtdienst beperkt is omdat hij bin-nen een bepaalde straal van de arbeidsplaats moet verblijven om die binnen een bepaalde tijd te kunnen bereiken, doet daaraan niet af.

Het middel dat op een andere rechtsopvatting berust, faalt naar recht.

Dictum

Het Hof,

Verwerpt het cassatieberoep.

Veroordeelt de eiser tot de kosten.

Bepaalt de kosten voor de eiser op 132,65 euro en voor de verweerster op 132,65 euro.

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, derde kamer, samen-gesteld uit voorzitter Christian Storck, als voorzitter, en de raadsheren Alain Smetryns, Koen Mestdagh, Mireille Delange en Antoine Lievens, en in openbare rechtszitting van 10 maart 2014 uitgesproken door voorzitter Christian Storck, in aanwezigheid van advocaat-generaal Henri Vanderlinden, met bijstand van grif-fier Kristel Vanden Bossche.

K. Vanden Bossche

A. Lievens

M. Delange

K. Mestdagh

A. Smetryns

Chr. Storck

Vrije woorden

  • Verplichtingen

  • Arbeid

  • Arbeidsduur en rust

  • Wachtdienst

  • Geen fysieke aanwezigheid