- Arrest van 25 maart 2014

25/03/2014 - P.13.0142.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Het misdrijf omschreven in artikel 1 Besluit Poliomyelitis, dat de inenting tegen poliomyelitis verplicht stelt en waarvan de overtreding krachtens artikel 8 Besluit Poliomyelitis bestraft wordt met de in de Gezondheidswet van 1 september 1945 gestelde straffen, is een aflopend misdrijf dat voltrokken is van zodra de periode waarbinnen die inenting moet gebeuren is beëindigd (1). (1) Zie concl. O.M.

Arrest - Integrale tekst

Nr. P.13.0142.N

D M K,

beklaagde,

eiser,

met als raadsman mr. Maarten Vandermeersch, advocaat bij de balie te Kortrijk.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent, cor-rectionele kamer, van 13 december 2012.

De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan.

Advocaat-generaal Marc Timperman heeft op 10 maart 2014 ter griffie een con-clusie neergelegd.

Raadsheer Antoine Lievens heeft verslag uitgebracht en advocaat-generaal Marc Timperman heeft geconcludeerd.

II. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Tweede middel

Tweede onderdeel

1. Het onderdeel voert schending aan van artikel 7 EVRM, artikel 14 Grond-wet, artikel 2 Strafwetboek, de artikelen 1, 1°, en 5 Gezondheidswet van 1 sep-tember 1945 en de artikelen 1 en 8 van het koninklijk besluit van 26 oktober 1966, waarbij de inenting tegen poliomyelitis verplicht gesteld wordt (hierna: Besluit Poliomyelitis), alsmede miskenning van het legaliteitsbeginsel in strafzaken: het arrest veroordeelt de eiser voor feiten die niet strafbaar zijn gesteld, namelijk voor het niet-inenten van de dochter van de eiser die geboren is op 10 juni 2007, in de periode van 11 december 2008 tot 4 november 2011, periode gesitueerd na de achttiende levensmaand van het kind.

2. Krachtens artikel 1 Besluit Poliomyelitis, dat de inenting tegen poliomyelitis verplicht stelt, nemen de handelingen die de verplichting omvat een aanvang in de loop van de tweede levensmaand en moeten vóór de leeftijd van 18 maanden be-eindigd zijn. Wanneer zich een medische contra-indicatie vertoont moeten die handelingen binnen achttien maanden na haar verdwijning verricht worden.

Krachtens artikel 8 Besluit Poliomyelitis worden de overtredingen van dit besluit bestraft met de in de Gezondheidswet van 1 september 1945 gestelde straffen.

3. Het in de artikelen 1 en 8 Besluit Poliomyelitis bepaald misdrijf is een aflo-pend misdrijf dat voltrokken is van zodra de periode waarbinnen die inenting moet gebeuren is beëindigd.

4. Het arrest (vijfde blad) stelt vast dat het kind geboren werd op 10 juni 2007.

Het oordeelt dat er geen tegenindicaties zijn aangetoond. Hieruit volgt dat het misdrijf voltrokken is op 10 december 2008.

5. Het arrest dat de eiser schuldig verklaart aan de telastlegging voor de perio-de van 11 december 2008 tot 4 november 2011 is niet naar recht verantwoord.

Het onderdeel is gegrond.

Overige grieven

6. De grieven kunnen niet tot cassatie zonder verwijzing leiden en behoeven bijgevolg geen antwoord.

Dictum

Het Hof,

Vernietigt het bestreden arrest.

Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernie-tigde arrest.

Laat de kosten ten laste van de Staat.

Verwijst de aldus beperkte zaak naar het hof van beroep te Antwerpen.

Bepaalt de kosten op 150,37 euro.

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samen-gesteld uit afdelingsvoorzitter Paul Maffei, als voorzitter, de raadsheren Filip Van Volsem, Alain Bloch, Peter Hoet en Antoine Lievens, en op de openbare rechts-zitting van 25 maart 2014 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Paul Maffei, in aanwezigheid van advocaat-generaal Marc Timperman, met bijstand van griffier Frank Adriaensen.

F. Adriaensen

A. Lievens P. Hoet

A. Bloch F. Van Volsem P. Maffei

Vrije woorden

  • Besluit Poliomyelitis

  • Verplichte inenting tegen poliomyelitis

  • Niet-naleving van de verplichting

  • Misdrijf

  • Soort