- Vonnis van 6 februari 2012

06/02/2012 - 12/494/A + 12/495/A

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1

Vonnis - Integrale tekst

ARBEIDSRECHTBANK VAN BRUSSEL

33ste kamer - openbare zitting van 06/02/2012

VONNIS

A.R. nr 12/494/A + 12/495/A

Sociale verkiezingen Aud. nr

Rép. nr 012/

IN ZAKE :

HET ALGEMEEN CHRISTELIJK VAKVERBOND, met zetel gevestigd te 1031 BRUSSEL, Haachtsesteenweg, 579,

eisende partij, vertegenwoordigd door de heer Jean-Claude VANNIEUWENHUYZE,

gevolmachtigde afgevaardigde ;

TEGEN

1. MERCEDES-BENZ Drogenbos NV, (KBO 0412.595.735), met maatschappelijke zetel en uitbatingzetel te 1620 DROGENBOS, Grote Baan, 340 en met exploitatiezetel te 1070 ANDERLECHT, Steenweg naar Bergen 1423 A,

2. MERCEDES-BENZ Wemmel NV , (KBO 0452.460.765), met maatschappelijke zetel en uitbatingzetel te 1780 WEMMEL , Steenweg naar Brussel 253,.

eerst en tweede verwerende partijen, vertegenwoordigd door Mr Olivier WOUTERS en Mr Ward BOUCIQUE, advocaten te 1160 BRUSSEL, Vorstlaan, 280 ;

MEDE IN ZAKE :

1) DE ALGEMENE CENTRALE DER LIBERALE VAKBONDEN (ACLVB), met sociale zetel gevestigd te 1070 BRUSSEL, Poincarélaan, 72-74 en met administratieve zetel gevestigd te 9000 GENT, Koning Albertlaan, 95,

betrokken partij, vertegenwoordigd door Mevrouw Marleen VERSTRAETEN, gevolmachtigde afgevaardigde ;

2) HET ALGEMEEN BELGISCH VAKVERBOND (A.B.V.V.) , met zetel gevestigd te 1000 BRUSSEL, Hoogstraat, 42,

3) DE NATIONALE CONFEDERATIE VOOR KADERPERSONEEL (N.C.K.), met zetel gevestigd te 1030 BRUSSEL, Lambermontlaan, 171, bus 4,

betrokken partijen, die niet verschijnen ;

* * *

Gelet op de wet van 15 juni 1935 houdende het gebruik der talen in gerechtszaken ;

Gelet op de wet van 10 oktober 1967 houdende het Gerechtelijk Wetboek ;

Gelet op de Bedrijfsorganisatiewet van 20 september 1948 en de Welzijnswet van

4 augustus 1996;

Gelet op de wet van 4 december 2007 betreffende de sociale verkiezingen van het jaar 2008;

Gelet op de wet van 28 juli 2011 tot wijziging van de wet van 4 december 2007 tot regeling van de gerechtelijke beroepen ingesteld in het kader van de procedure aangaande de sociale verkiezingen van 2008 ;

Gelet op de wet van 28 juli 2011 tot wijziging van de wet van 4 december 2007 betreffende de sociale verkiezingen van het jaar 2008 ;

I. DE PROCEDURE

De rechtbank nam kennis van volgende procedurestukken :

- het verzoekschrift neergelegd ter griffie op 12 januari 2012

- de conclusie van verwerende partij van 23 januari 2012

- de besluiten van het ACV van 24 januari 2012

- de syntheseconclusie van verwerende partij van 26 januari 2012

- de bundels van partijen;

De partijen werden bij aangetekend schrijven opgeroepen voor de zitting van 19 januari 2012 waarop de zaak uitgesteld werd naar de zitting van 27 januari 2012;

Gehoord de aanwezige partijen ter openbare zitting van 27 januari 2012 waarna de debatten gesloten werden;

Gehoord Mevrouw Patricia COOLS, Substituut van de Arbeidsauditeur in haar mondeling advies gegeven ter zitting van 27 januari 2012 waarop partijen niet repliceren waarna de zaak in beraad genomen;

II. DE VORDERING

In de zaak met AR 12/494/A

Het ACV vordert:

- te zeggen voor recht dat een ondernemingsraad moet worden opgericht vóór de technische bedrijfseenheid bestaande uit de juridische entiteit MERCEDES-BENZ Drogenbos NV met maatschappelijke zetel en uitbatingzetel te 1620 DROGENBOS - Grote Baan 340 en een bijkomende uitbatingzetel te 1070 ANDERLECHT - Steenweg naar Bergen 1423 A en de juridische entiteit MERCEDES-BENZ Wemmel NV met maatschappelijke zetel en uitbatingzetel te 1780 WEMMEL - Steenweg naar Brussel 253;

- verweerders te bevelen onverwijld over te gaan tot het verrichten van alle hen door de wetten van 4 december 2007 betreffende de sociale verkiezingen (B.S. 07/12/2007) en van 28 juli 2011 tot wijziging van de wet van 4 december 2007 m.b.t. de sociale verkiezingen van 2008 (B.S., 12/09/2011) opgelegde handelingen, met het oog op het organiseren van sociale verkiezingen hetzij op 10/05/2012, hetzij in de periode gaande van 07/05/2012 tot en met 20/05/2012 voor de aanduiding door het personeel van de personeelsafgevaardigden in de ondernemingsraad;

- verweerders te veroordelen tot de kosten van het geding.

In de zaak met AR 12/495/A

Het ACV vordert:

- te zeggen voor recht dat een comité voor preventie en bescherming op het werk moet worden opgericht vóór de technische bedrijfseenheid bestaande uit de juridische entiteit MERCEDES-BENZ Drogenbos NV met maatschappelijke zetel en uitbatingzetel te 1620 DROGENBOS - Grote Baan 340 en een bijkomende uitbatingzetel te 1070 ANDERLECHT - Steenweg naar Bergen 1423 A en de juridische entiteit MERCEDES-BENZ Wemmel NV met maatschappelijke zetel en uitbatingzetel te 1780 WEMMEL - Steenweg naar Brussel 253;

- verweerders te bevelen onverwijld over te gaan tot het verrichten van alle hen door de wetten van 4 december 2007 betreffende de sociale verkiezingen (B.S. 07/12/2007) en van 28 juli 2011 tot wijziging van de wet van 4 december 2007 m.b.t. de sociale verkiezingen van 2008 (B.S., 12/09/2011) opgelegde handelingen, met het oog op het organiseren van sociale verkiezingen hetzij op 10/05/2012, hetzij in de periode gaande van 07/05/2012 tot en met 20/05/2012 voor de aanduiding door het personeel van de personeelsafgevaardigden in het comité voor preventie en bescherming op het werk

- verweerders te veroordelen tot de kosten van het geding.

III. DE SAMENVOEGING

De rechtbank voegt beide zaken samen omdat ze samenhangend zijn (artikel 30 gerechtelijk Wetboek ).

IV. DE FEITEN

De nv MERCEDES-BENZ Drogenbos (hierna MB Drogenbos) heeft meer dan 100 werknemers in dienst en heeft de procedure opgestart om sociale verkiezingen te organiseren op 10 mei 2012 voor de ondernemingsraad en het comité.

Op 9 december 2011 kondigde de nv MB Drogenbos, bij middel van de formulieren X-60 aan dat er geen wijzigingen in de structuur van de technische bedrijfseenheid waren, zowel op het niveau van de ondernemingsraad als op het niveau van het comité. Volgens de vennootschap bestaat de technische bedrijfseenheid uit haar vestigingen te Drogenbos en te Anderlecht.

Op 3 januari 2012 maakte de nv MB Drogenbos haar beslissing "X-35" bekend. Er werden geen wijzigingen aangebracht aan de mededeling op datum X-60.

De nv MERCEDES-BENZ Wemmel (hierna MB Wemmel) heeft slechts een 25-tal werknemers in dienst en houdt geen sociale verkiezingen in 2012. Zij heeft ook geen ondernemingsraad noch comité.

V. DE ONTVANKELIJKHEID

Het beroep werd met een geldig verzoekschrift ingeleid binnen de termijn van 7 dagen als bepaald in artikel 3 van de wet van 4 december 2007 tot regeling van de gerechtelijke beroepen ingesteld in het kader van de procedure aangaande de sociale verkiezingen, zoals gewijzigd bij wet van 28 juli 2011.

De vordering is ontvankelijk.

VI. BESPREKING

(1)

Ter gelegenheid van de sociale verkiezingen van 2012 moeten ondernemingsraden worden ingesteld in al de ondernemingen die gewoonlijk gemiddeld ten minste 100 werknemers tewerkstellen (artikel 2 van de Wet van 28 juli 2011 tot bepaling van de drempel van toepassing voor de instelling van de ondernemingsraden of de vernieuwing van hun leden ter gelegenheid van de sociale verkiezingen van het jaar 2012).

Een comité moet worden ingesteld in al de ondernemingen die gewoonlijk gemiddeld ten minste 50 werknemers tewerkstellen (artikel 49 van de wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers).

(2)

De Wet van 20 september 1948 houdende de organisatie van het bedrijfsleven

bepaalt het volgende:

Artikel 14 :

"(...) Onverminderd de bepalingen van artikel 21 §10 en § 11, dient te worden verstaan onder:

1° onderneming : de technische bedrijfseenheid, bepaald in het kader van deze wet op grond van de economische en sociale criteria; in geval van twijfel primeren de sociale criteria (...)"

Artikel 14, § 2 b :

"Meerdere juridische entiteiten worden vermoed, tot het tegendeel wordt bewezen, een technische bedrijfseenheid te vormen, indien het bewijs kan worden geleverd :

(1) dat ofwel deze juridische entiteiten deel uitmaken van eenzelfde economische groep of beheerd worden door eenzelfde persoon of door personen die onderling een economische band hebben, ofwel dat deze juridische entiteiten éénzelfde activiteit hebben of activiteiten die op elkaar afgestemd zijn;

(2) en dat er elementen bestaan die wijzen op een sociale samenhang tussen deze juridische entiteiten, zoals met name een gemeenschap van mensen verzameld in dezelfde gebouwen of in nabije gebouwen, een gemeenschappelijk personeelsbeheer, een gemeenschappelijk personeelsbeleid, een arbeidsreglement of collectieve arbeidsovereenkomsten die gemeenschappelijk zijn of die gelijkaardige bepalingen bevatten.

Wanneer het bewijs wordt geleverd van één van de voorwaarden bedoeld in (1) en het bewijs van bepaalde elementen bedoeld in (2), zullen de betrokken juridische entiteiten beschouwd worden als vormend een enkele technische bedrijfseenheid behalve indien de werkgever(s) het bewijs levert(en) dat het personeelsbeheer en -beleid geen sociale criteria aan het licht brengen, kenmerkend voor het bestaan van een technische bedrijfseenheid in de zin van artikel 14 par.1, tweede lid, punt 1.

Dat vermoeden mag geen weerslag hebben op de continuïteit, de werking en de bevoegdheidssfeer van de nu bestaande organen en mag enkel worden ingeroepen door de werknemers en de organisaties die hen vertegenwoordigen in de zin van par.1, tweede lid, punt 4 en 5."

De wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bevat de zelfde regels (artikel 50, §3).

(3)

De representatieve organisatie of de werknemer die zich op het vermoeden wil beroepen, moet dus bewijzen dat alle verschillende betrokken juridische entiteiten zich minstens bevinden in één van de volgende drie gevallen:

• deel uitmaken van éénzelfde economische groep;

• beheerd worden door éénzelfde persoon of door personen die onderling een economische band hebben;

• éénzelfde activiteit hebben of activiteiten die op elkaar zijn afgestemd.

De representatieve organisatie of de werknemer die het wettelijk vermoeden inroept moet tevens bewijzen dat er meerdere elementen bestaan die wijzen op een sociale samenhang tussen alle de betrokken juridische entiteiten. De wet geeft een niet limitatieve opsomming van deze sociale criteria :

• een gemeenschap van mensen verzameld in dezelfde gebouwen of in nabije gebouwen;

• een gemeenschappelijk personeelsbeheer;

• een gemeenschappelijke personeelsbeleid;

• een arbeidsreglement of collectieve arbeidsovereenkomsten die gemeenschappelijk zijn of die gelijkaardige bepalingen bevatten.

A. De economische criteria

(4)

Beide verweersters zijn twee aparte vennootschappen en baten elk een Mercedez-garage uit. Beiden maken deel uit van de Mercedez-Benz-groep van vennootschappen (stukken 29.6 en 30.8 eiseres).

De raad van bestuur van de nv MERCEDES-BENZ Drogenbos bestaat uit de heren X (voorzitter), Y (Gedelegeerd bestuurder), Z en Q (bestuurders) (stuk 14 eiseres).

De raad van bestuur van de nv MERCEDES-BENZ Wemmel bestaat uit de heren X (Voorzitter), Y (Gedelegeerd bestuurder), P, Q (bestuurders) (stuk 15 eiseres).

Zoals verweersters opmerken, zijn weliswaar niet alle bestuurders dezelfde en is ook de Voorzitter van de Raad van Bestuur in beide vennootschappen verschillend.

De zogenaamde "economische criteria " voor het wettelijk vermoeden zijn alleszins aangetoond.

(5)

Verder vermeldt eiseres nog de volgende economische elementen :

- beide bedrijven hanteren hetzelfde informaticasystemen. Zo bijvoorbeeld voor de verlofaanvragen voor het bediendenpersoneel (stuk 35) en voor het nakijken van de productiviteit/efficiëntie/rendabiliteit (KPI = key performance indicator) (stukken 36 en 37) De nota's voor herstellingen aan de voertuigen zijn identiek (stuk 39).

- Personeel van het ene bedrijf dient in te springen in het andere bedrijf en er is overleg tussen de directieleden (stukken 37 en 38). Het ene bedrijf levert ook diensten aan het andere (stuk 49), hierbij opzienbarende kortingen verstrekkend.

- Verweersters hanteren dezelfde naamstructuur en gedeeltelijk zelfs dezelfde naam.

- Zij gebruiken ook dezelfde bedrijfsrevisor zijnde KPMG (stukken 14.26 en 15.23). Tevens dezelfde notaris, Mr. H. (stukken 14.24 en 15.24)

- Beide ondernemingen gebruiken dezelfde raadsman.

- Beide juridische entiteiten manifesteren zich soms samen: als één geheel deelgenomen aan een wedstrijd, georganiseerd door MERCEDES-BENZ BeLux voor de filialen en concessiehouders (stuk 34).

- Zij gebruiken hetzelfde briefpapier (stukken 16 en 17, dezelfde logo en een op identieke visuele wijze gestructureerde website (stukken 29 en 30).

- Men maakt gebruik van hetzelfde promotiemateriaal (stuk 31 en 38.1).

- Beide vennootschappen hebben dezelfde personen aangesteld om de gecoördineerde tekst van de statuten op te stellen (stukken 14.24 en 15.25). Beide vennootschappen wijzigen hun kapitaal in dezelfde zin en op dezelfde dag (stukken 14.24 en 15.24).

(6)

Verweersters van hun kant zetten in conclusies uiteen, zonder dat eiseres dit betwist, dat de Mercedes-Benz Groep in België zowel onafhankelijke garages (concessiehouders) als garages die (deels) in handen zijn van de Mercedes-Benz Groep omvat. Voor beide soorten ondernemingen wordt er zorg voor gedragen dat zij eenzelfde extern imago uitstralen naar het cliënteel. Elke garage wordt echter onafhankelijk van elkaar bestuurd en geleid. Er is dus geen economische afhankelijkheid aanwezig. Dit is ook zo voor Mercedes-Benz Drogenbos en Mercedes-Benz Wemmel:

- Mercedes-Benz Drogenbos was voorheen de naamloze vennootschap 'Dean-auto' die werd overgenomen door de MB Groep. Naast de garage te Drogenbos is er ook nog een vestiging te Anderlecht waar er carrosserie-activiteiten worden uitgeoefend. Het gros van het cliënteel van MB Drogenbos bestaat voor 80% uit grote bedrijven die beroep doen op MB Drogenbos voor hun bedrijfswagens (zogenaamde "fleet").

- Mercedes-Benz Wemmel daarentegen vormt de juridische opvolger van de nv Abrumatrans, die sinds 1983 steeds een totaal afzonderlijke vennootschap vormde. Het gros van het cliënteel bij MB Wemmel bestaat uit particulieren en tevens ook kleine KMO's.

- Zo verdeelt enkel MB Drogenbos het merk 'Smart' terwijl MB Wemmel deze wagens niet verdeelt. Andersom is bijvoorbeeld enkel MB Wemmel actief als NCC (Nearly New Car) verdeler terwijl MB Drogenbos dit niet is. Bovendien legt MB Wemmel zich ook toe op het onderhoud van lichte bedrijfsvoertuigen. In tegenstelling tot hetgeen eiseres beweert, doet MB Drogenbos dit niet.

Verweersters benadrukken dat het wettelijk vermoeden bedoeld is om is te vermijden dat een werkgever kunstmatig zijn onderneming zou opsplitsen in meerdere juridische entiteiten, om zo de organisatie van sociale verkiezingen te vermijden. Zij verwijzen naar de voorbereidende werken bij de wet, het verslag Goutry (Kamer 1998-'99, stuk 1856/3, 98/99, 12), waarin staat:"de versoepeling van de criteria maken het mogelijk komaf te maken met de fictieve splitsingen van ondernemingen in diverse entiteiten."

Wanneer, zoals in deze zaak, blijkt dat er geen sprake kan zijn van een kunstmatige constructie, moet het vermoeden met de nodige omzichtigheid worden toegepast, aldus verweersters.

B De sociale criteria

(7)

Eiseres steunt zich in haar verzoekschrift en in conclusies op de volgende elementen:

- Het personeelsbeleid wordt verzorgd door de heer Y, tevens Gedelegeerd Bestuurder (stukken 16 en 17);

- De uiteindelijke personeelsverantwoordelijken zijn dezelfden in beide bedrijven (stukken 16 en 17).

- Er wordt eenzelfde systeem voor de evaluatie van het personeel gebruikt, "KPI"genaamd (stukken 37.3 personeel Anderlecht en 37.6 personeel Wemmel).

- De arbeidsvoorwaarden worden bij beiden bepaald door de afspraken in de schoot van de PC 112.00 (stukken 20 en 21). De loonbrieven vertonen overigens dezelfde structuur en worden verzorgd door het hetzelfde sociaal secretariaat.

- De arbeidsreglementen, op de lengte van de reeks aan mogelijke uurroosters na, zijn quasi identiek (stukken 18 en 19). Een analoge opmerking geldt voor de arbeidsovereenkomsten waar er zelfs een opmerkelijke gelijkenis bestaat tussen de overeenkomst voor arbeiders en deze voor bedienden (stukken 16 en 17).

- Er bestaan gemeenschappelijk dienstnota's en instructies (stukken 25, 26, 27, 28, 32, 33, 41, 42, 43, 44, 45, 46 en 47).

- Openstaande betrekkingen worden naar de volledige groep overgemaakt (stuk 40).

- De personeelsleden van de beide firma's genieten van dezelfde hospitalisatieverzekering (stukken 22, 23 en 24).

- Er bestaan onderlinge contacten tussen het personeel (stukken 32 en 34).

- Het personeel van de ene firma gaat hulp bieden bij de andere firma (stukken 37 en 38).

- De personeelsleden krijgen dezelfde vorming (stuk 25).

- De personeelsleden vieren samen Sint-Elooi en komen bij sommige gelegenheden naar buiten als één groep (stukken 32 en 34).Zij worden ook samen aangesproken door het management bij het overbrengen van de kerst en nieuwjaarswensen (stuk 33) en voor andere personeelsevenementen (stuk 48).

Voor sommige elementen verwijst eiseres naar dezelfde stukken, ook voor de "economische elementen" (in het vet gedrukt hierboven).

(8)

Bij nader onderzoek van de stukken die eiseres en de stukken die verweerster neerlegt, moet de rechtbank toch vaststellen dat de elementen die eiseres aanbrengt, niet "wijzen op een sociale samenhang" tussen beide verweersters.

Beide verweersters baten op afzonderlijke lokaties hun eigen Mercedez- garage uit met een eigen werkplaats. Het personeel van MB Drogenbos en MB Wemmel zijn ondergebracht in volledig verwijderde gebouwen opn een aanzienlijke afstand (minstens 17 kilometer langs de Brussels ring). Er zijn ook geen gemeenschappelijke voorzieningen die eventueel zouden gedeeld worden door MB Drogenbos en MB Wemmel; er zijn geen interne verkorte telefoonnummers en er is geen interne postdienst tussen beide vennootschappen

Eiseres betwist niet de verklaring van verweersters dat beide vennootschappen verschillende toegangsbadges hebben zodat de werknemers van MB Drogenbos niet zonder meer de gebouwen van MB Wemmel kunnen betreden en omgekeerd.

Eiseres erkent dat de personeelsleden van MB Drogenbos en MB Wemmel ook duidelijk onderscheiden werkkledij dragen (met het logo van Mercedes-Benz, maar waarbij duidelijk vermeld is dat het betrokken personeelslid behoort tot de nv MB Drogenbos of tot de nv MB Wemmel (foto ‘s stuk 22 verweersters).

Eiseres betwist niet dat de werknemers van beide vennootschappen elkaar tijdens de werkweek op geen enkele wijze tegenkomen en dat wanneer nieuwe werknemers in dienst treden bij de ene of de andere vennootschap, er geen gemeenschappelijke ontvangst is voor deze medewerkers.

(9)

Verder blijkt dat de directie van beide vennootschappen, met uitzondering van de "CEO" (de heer Y) volledig verschillend is:

MB Drogenbos

Sales Manager M

After Sales Manager S

Financial & Administration Manager M

Center Manager MB Anderlecht R

MB Wemmel

Sales Manager B

After Sales Manager L

Financial & Administration Manager O

Verweersters lichtten toe, zonder dat eiseres dit tegenspreekt, dat de reden waarom de CEO momenteel dezelfde persoon is, verklaard wordt door het feit dat halverwege 2009 geen CEO meer aanwezig was in MB Wemmel. De heer Y die op dat moment reeds CEO in MB Drogenbos was, heeft toen aanvaard om eveneens CEO te zijn van deze vennootschap gelet op het feit dat deze qua omzet beperkt is.

Er bestaat ook geen gemeenschappelijke maar slechts aparte organigrammen voor beide vennootschappen (stuk 31 verweersters) en er bestaan ook geen werkgroepen met werknemers van beide vennootschappen.

(10)

Verweersters brengen ook stukken voor die haar stelling staven dat het personeelsbeleid afzonderlijk wordt bepaald door de respectievelijke verschillende directies van MB Drogenbos en MB Wemmel , zo b.v. de agenda's van de managemenstvergaderingen van deze verschillende directies, stuk 19 verweersters: op de laatste management meeting van MB Wemmel werd beslist over diverse punten van het personeelsbeleid, sales, gebouwen, algemeen beleid binnen MB Wemmel, enz.

Zo blijkt uit de agenda van de vergadering dat onder meer volgende punten vermeld worden:

- Voordeel van Alle Aard

- Doelstellingen 2012: Onderneming - Management - Personeel

- Investeringen

- Website: onderhoud & New

Personeel

- aanwerving?

- vakanties

Hetzelfde blijkt voor MB Drogenbos waar de directie van MB Drogenbos afzonderlijk overlegt over onderwerpen van personeelsbeleid, loonpolitiek, arbeidsorganisatie.

Eiseres van haar kant brengt geen concrete aanwijzingen aan dat , in weerwil van deze stukken, er wel sprake zou zijn van een gemeenschappelijk personeelsbeleid.

Integendeel betwist eiseres niet de verklaringen in conclusies van verweerster:

- dat bij afwezigheid er geen zelfde melding van toepassing is bij beide bedrijven :

MB Drogenbos: de werknemers (arbeiders) moeten bij afwezigheid de heer S en/of de heer M verwittigen.

MB Wemmel: de werknemers (arbeiders) moeten bij afwezigheid mevrouw O en/of de heer L verwittigen;

- dat de disciplinaire bevoegdheid bij verschillende personen ligt:

MB Drogenbos: waarschuwingsbrief dd. 8 februari 2011 ondertekend door de heer R, Center Manager van het filiaal te Anderlecht (stuk 15 verweerster);

MB Wemmel: verwittigingen dd. 19 april 2010, 24 november 2010 en 17 juni 2011, ondertekend door de heren L, After-Sales Manager te Wemmel, en P, Verantwoordelijke Atelier Wemmel (stuk 16 verweersters);

- dat beide vennootschappen een verschillend formulier voor vakantieaanvragen hebben (stuk 18 verweerster). Het stuk 35 van eiseres blijkt niets anders te zijn dan een overzicht van de vakantiedagen in een computerapplicatie (tool) die hiervoor ter beschikking wordt gesteld door het sociaal secretariaat Partena en gaat dus niet uit van verweersters zelf, in tegenstellinge tot de intern gebruikte vakantie-aanvragen zelf die verschillend zijn.

- dat de vacatures bij de ene niet worden ingevuld via de andere; men doet geen beroep op elkaar om werknemers uit te wisselen, noch worden vacatures voor de ene vennootschap intern uitgehangen in de andere vennootschap. Elk schrijft blijkbaar zijn eigen vacatures uit (stuk 3 verweersters). Het ene stuk 40 van eiseres in dat verband betreft slechts een email waarin MB Drogenbos een verkoper zoekt (Junior Sales Advisor Fleet) en de general manager de vraag stelt of iemand een goede kandidaat kent. Dit ene stuk vormt geen bewijs van een gezamenlijk aanwervingsbeleid of-beheer.

(11)

Het feit dat beide werkgevers zijn aangesloten bij hetzelfde sociaal secretariaat, wat op zich dan weer de overeenstemming tussen bepaalde documenten kan verklaren (bv zelfde standaardmodel voor arbeidsovereenkomsten en lay out loonfiches, stukken 16,17,20 en 21 eiseres), is in het geval van verweersters geen element dat op een "sociale samenhang" van het personeel wijst. Verweersters verklaren namelijk dat zij hetzelfde sociaal secretariaat hebben, net zoals alle andere vennootschappen van de MB Groep, omdat dit vanuit de Groep aldus wordt opgelegd (zo beschikken ook de vennootschappen van MB Gent (afzonderlijke TBE), over MB Antwerpen (afzonderlijke TBE), MB Aalst (afzonderlijke TBE), over MB Aalst (afzonderlijke TBE), tot MB Wavre (afzonderlijke TBE) of MB Waterloo (afzonderlijke TBE) over hetzelfde sociaal secretariaat en daarom over een arbeidsreglement met een gelijkaardige standaardtekst en lay out en over analoge loonbrieven).

Overigens bevatten de arbeidsreglementen van beide verweersters dan nog meerdere verschillen:

- Arbeidsduur: dit is gedeeltelijk anders omschreven bij beide arbeidsreglementen;

- Uurroosters: zijn wel degelijk verschillend;

- Loonberekening (artikel 29-30 bij MB Drogenbos , tegenover artikel 28-29 bij MB Wemmel). Bij MB Drogenbos wordt voor de arbeiders het loon maandelijks berekend met een afrekening in het midden van de maand, terwijl bij MB Wemmel het arbeidsreglement bepaalt dat de afrekening gebeurt op het einde van de maand. Bij MB Drogenbos wordt verder bepaald dat het loon voor de arbeiders op de 20ste en 5de van de volgende maand wordt betaald, terwijl bij MB Wemmel wordt bepaald dat dit gebeurt op de 15de en 5de van de volgende maand.

- andere contactpersonen voor EHBO, preventie, vertrouwenspersoon.

Bij MB Drogenbos werd bovendien een CAO gesloten over flexibele uurroosters en een CAO over zaterdag-en zondagwerk van de verkopers (stukken 20 en 21 verweersters).

Eiseres vermeldt dat "eenzelfde systeem voor evaluaties wordt gebruikt" ( de "KPI", stukken 36 en 37 eiseres) maar betwist niet de verklaring van verweersters dat dit niet het systeem van MB Drogenbos en/of MB Wemmel is maar wel van de moedermaatschappij. Deze verklaring lijkt aannemelijk waar algemeen bekend is dat merken hoge eisen stellen aan de concessiehouders. Het is dus geen element dat wijst op een sociale samenhang tussen de werknemers van de verweersters.

Doordat beide verweersters een garage uitbaten, ressorteren zij vanzelf tot het zelfde paritair comité.Verweerster toont echter aan dat bij elke verweerster verschillende arbeidsvoorwaarden gelden (arbeidsduur, werkroosters, anciënniteitsdagen, hospitalisatieverzekering).

Zo zijn beide vennootschappen weliswaar aangesloten bij de hospitalisatieverzekering van respectievelijk Delta Lloyd en Swiss Life, die inmiddels recent zijn gefusioneerd (stukken 22,23 en 24 eiseres). Verweersters lichten verder toe dat er belangrijke verschillen zijn: bij MB Drogenbos hebben alle werknemers een hospitalisatieverzekering ten laste van MB Drogenbos; bij MB Wemmel daarentegen hebben slechts 3 personen van het managemen een hospitalisatieverzekering ten laste van MB Wemmel.

Wat betreft de arbeidsvoorwaarden is er dus geen aanwijzing van sociale samenhang.

(12)

Wat betreft de stukken (stuk 25) die eiseres neerlegt betreffende een gemeenschappelijke vorming ("CSI Coaching" waaraan het personeel van beide verweersters deelneemt, blijkt niet dat er vormingen worden georganiseerd specifiek voor MB Drogenbos en MB Wemmel samen. Integendeel blijken de vormingen georganiseerd te zijn door de moedermaatschappij Mercedes-Benz, waarop werknemers van de verschillende filialen en concessiehouders van Mercedes-Benz aanwezig kunnen zijn, zoals ook blijkt uit het eigen stuk 25.3 van eiseres: "Cluster Ring Brussels"). Zo leggen verweersters ook bijkomende stukken neer waaruit duidelijk blijkt dat bepaalde werknemers van MB Drogenbos aanwezig waren, samen met werknemers van andere garages, en zonder aanwezigheid van werknemers van MB Wemmel (stuk 32 verweersters). Ook hier is dus geen aanwijzing op van sociale samenhang tussen beide verweersters.

(13)

Verder blijkt niet dat er personeel in de beide ondernemingen is tewerkgesteld of wordt uitgeleend. Verweerster erkent dat er één uitzondering bestaat, namelijk de tijdelijke terbeschikkingstelling (4 weken , 1 à 2 dagen per week in de zomer van 2009) van mevrouw W door MB Drogenbos aan MB Wemmel, omwille van het verlof en de afwezigheid van een werknemer in Wemmel, zoals alleszins werd uiteengezet in een brief aan de Sociale Inspectie werd hiervan trouwens op correcte wijze op de hoogte gebracht (stuk 12 verweersters; vgl ook stuk 38.4 eiseres).

Verweersters lichten verder toe dat de enkele overige gevallen waarop eiseres doelt met verwijzing naar een aantal stukken (stukken 37, 38.2, 38.5, 38.6 eiseres) allemaal gaan over directiepersoneel van de ene vennootschap dat uitleg heeft verschaft aan directiepersoneel van de andere vennootschap omtrent economische zaken (als gevolg van het feit dat ze beiden tot de MB Groep behoren). Zo b.v.het stuk 37.1 en bijlagen van eiseres waaruit blijkt dat de heer L, lid directie bij MB Wemmel, een technisch document is komen uitleggen te Anderlecht aan een directielid van MB Drogenbos.

De rechtbank kan slechts vaststellen dat de door eiseres bedoelde gevallen alleszins zeer uitzonderlijk lijken (een viertal gevallen verspreid over twee jaar), en inderdaad, zoals verweersters opmerken, er eerder op wijzen dat beide vennootschappen los van elkaar functioneren en in geen enkel opzicht afhankelijk zijn van elkaar. Een informatie-uitwisseling omtrent economisch-technische punten, of het samen bestellen om te kunnen genieten van kortingen (stuk 38.3 eiseres) wijst op zich niet op een sociale samenhang tussen beide vennootschappen en hun personeelsleden.

Hetzelfde geldt voor de enkele stukken van eisrees waaruit blijkt dat de ene een herstelling heeft uitgevoerd voor de andere (stukken 39 en 49 eiseres): zoals verweersters toelichten, zijn dit louter economische gevolgen van het feit dat beiden Mercedes-Benz garages betreffen met een verschillende activiteit, waarbij de ene garage soms diensten kan leveren en deze in casu allezins aan normale tarieven blijkt te factureren aan de andere garage (eiseres bewijst zelfs niet het bestaan van beweerde kortingen), zoals veel bedrijven opdrachten voor andere bedrijven uitvoeren, zonder dat daaruit een sociale samenhang blijkt.

(14)

Eiseres verwijst uitgebreid naar een aantal emails van de heer Y aan een hele groep van werknemers waaruit zij afleidt dat er "gemeenschappelijk dienstnota's en instructies" zijn voor het personeel van de beide ondernemingen (stukken 26, 27, 28, 32, 33, 41, 42, 43, 44, 45, 46 en 47).

Deze stukken kunnen nochtans niet overtuigen. Het betreft voornamelijk emails van de heer Van Doren aan telkens dezelfde verzameling van email-adressen, van voornamelijk werknemers van Drogenbos-Anderlecht en waar slechts twee namen van de garage te Wemmel voorkomen (telkens O, een directielid en haar assistente D.R ).

Inhoudelijk zijn meerdere emails duidelijk uitsluitend bestemd voor de werknemers van MB Drogenbos (bv stuk 43: bericht dat er "gens de voyage" (rondtrekkende mensen) kamperen in (het nabijgelegen) Ruisbroek en stuk 33.4 email van vrijdag 23 december 2011 13 uur 58 waarbij het personeel wordt uitgenodigd voor een eindejaarsdrink om 16 uur 40 "bij ons chalet").

Verder blijkt ook helemaal niet dat de inhoud van deze emails onder het personeel van Wemmel werd verspreid.

De enige mail die werkelijk bestemd is voor de twee garages, wordt dan ook duidelijk wel gericht zowel aan de voormelde contact-groep maar ook aan meerdere emailadressen van werknemers van Wemmel die dus bewust werden toegevoegd als bestemmeling (stuk 47: email over het "White Star Weekend"; stuk 26 email met aankondiging van -afzonderlijke- bezoeken MB BeLux aan Drogenbos en Wemmel naar aanleiding van een technisch probleem; stuk 44 uitnodiging voor een "smartmeeting" terwijl Wemmel geen "smart"wagens verkoopt; de stukken 45 aankondiging bezoek muizenverdelging en 46 wagen die gezocht wordt, waarvan helemaal niet duidelijk is dat dit werkelijk ook op MB Wemmel betrekking zou hebben).

Het blijkt niet dat er gemeenschappelijke dienstnota's of instructies zijn. Verweersters lichten bovendien toe dat er enkel richtlijnen bestaan vanuit de moedermaatschappij die gelden voor de verschillende concessiehouders en filialen, inclusief Drogenbos, Waterloo, Aalst, Wemmel, enz. en dat deze zogenaamde dienstnota's worden opgesteld en verstuurd vanuit de MB Groep in België: zoals uit stuk 27 van eiseres blijkt ( nota's opgesteld door de heer Esselens van Mercedes-Benz Belgium Luxembourg nv, de centrale hoofdzetel in België, wat ook blijkt uit de titel van de bijlagen: "Work-Instructions MB BeLux").

Deze nota's gaan dus klaarblijkelijk niet uit vanwege verweersters maar wel vanuit de MB Groep en worden verstuurd naar alle filialen, zo ook stuk 28: melding van diefstallen bij andere concessiehouders). Ook de emails i.v.m. de internationale samenwerking met Ducati (stuk 42 eiseres) en de ISO-controle (stuk 41 eiseres) heeft louter verband met het dealerschap.

Het feit dat er tussen MB Drogenbos en MB Wemmel niet eens een gemeenschappelijk informatica-netwerk bestaat, lijkt alleszins ook de verklaringen van verweersters te ondersteunen.

Verder leggen verweersters ook verschillende interne nota's van 24 februari 2011, 28 mei 2011, 28 september 2011 , 8 november 2011, 24 november 2011 en 8 december 2011 neer die opgesteld zijn door MB Drogenbos zelf en die enkel verspreid werden onder het personeel van MB Drogenbos en dus enkel voor deze personeelsleden bestemd zijn. (stukken 4 en 7 verweerster); andere instructies werden uitsluitend vanuit MB Wemmel aan de personeelsleden van MB Wemmel verstuurd door de heer Y (bv e-mail van 24 oktober 2011 inzake wisselstukken (stuk 6 en stuk 24 verweersters).

(15)

Verder blijkt het niet zo te zijn dat het personeel van MB Drogenbos-Anderlecht en van MB Wemmel samen feest viert. (de stukken 32, 33 en 48 eiseres).

Het blijkt namelijk dat eiseres in feite zich in dat verband steunt op één uitzonderlijke gebeurtenis. Zij betwist niet dat het een Europese voetbalmatch in 2010 van Anderlecht betrof, waar zowel werknemers van MB Drogenbos als werknemers van MB Wemmel uitgenodigd werden omdat MB Drogenbos, als sponsor van Anderlecht, tickets had aangeboden aan werknemers van MB Wemmel aangezien de zoon van de After Sales Manager van MB Wemmel toen ook bij de eliten van Anderlecht speelde.

Verweersters tonen verder met stukken aan dat de jaarlijkse sociale evenementen afzonderlijk worden georganiseerd: bij MB Drogenbos jaarlijks een zomerevenement en ook een personeelsfeest naar aanleiding van de feestdag van de patroonheilige van de metaalbewerkers Sint-Elooi op 1 december van elk jaar ( uitnodiging van 23 mei 2011 verstuurd door MB Drogenbos - enkel naar werknemers van MB Drogenbos - omtrent een barbecue op 23 juni 2011 , stuk 8 verweersters; interne nota van 3 november 2011 met de uitnodiging voor alle personeelsleden van MB Drogenbos voor haar Sint-Elooisfeest op 2 december 2011, stuk 10 verweersters); bij MB Wemmel werd ook een afzonderlijk personeelsfeest gehouden op 22 juni 2011 waarop enkel de personeelsleden van MB Wemmel werden uitgenodigd, stuk 8 verweersters ; een verschillende uitnodiging voor een eigen Sint-Elooi-feest bij MB Wemmel op 25 november 2011, stuk 10 verweersters).

Ook wat de beweerder gezamelijke deelname aan een wedstrijd betreft (stuk 34 eiseres) betwist eiseres niet de volgende toelichting door verweersters: het betrof een deelname aan een wedstrijd georganiseerd door de invoerder Mercedes-Benz (White-Star Weekend), waaraan de verschillende concessiehouders deelnamen. MB Wemmel en MB Drogenbos hebben elk een dergelijk White Star weekend georganiseerd en hierbij gebruik gemaakt van synergieën. Het personeel was hierbij echter niet betrokken: er waren géén gezamenlijke initiatieven, het personeel is hiervoor niet samengekomen op één plaats, er werd hierover niet overlegd door het personeel, enz. Elke vennootschap heeft alles dus afzonderlijk georganiseerd , wat ook gestaafd wordt door de uitnodigingen voor verschillende dagen die verweersters neerleggen (stukken 27 en 28).

(16)

Tenslotte zijn er nog enkele andere eerder economische elementen die eiseres opwerpt, die , zoals verweersters opmerken, inderdaad vanzelf voortvloeien uit het feit dat zij behoren tot het Mercedes-Benz dealernetwerk (b.v.het gebruik van dezelfde standaard leveringsbonnen). Het zelfde geldt voor de enkele gezamelijke advertenties en promotiemateriaal (stukken 31 en 38.1 eiseres, een lipstick en advertentie op het autosalon). Verweersters tonen aan en het ligt voor de hand dat er voortdurend advertenties worden geplaatst door de concessiehouders en dat dit evenzeer gezamenlijk met meerdere garages in het land (stuk 30 verweersters) en ook alleen (b.v. MB Drogenbos, stuk 29 verweersters) gebeurt.

Verder is ook het feit dat er overeenkomst bestaat tussen de vennootschapsakten, de notaris en de raadsman, ook volledig te verklaren doordat beide verweersters dezelfde hoofdaandeelhouder hebben.

Deze elementen leveren alleszins geen aanwijzing van sociale samenhang op.

(17)

Er zijn dus geen elementen aangetoond die wijzen op een reële sociale samenhang opdat het wettelijk vermoeden zou gelden. Op basis van het onderzoek van alle aangebrachte economische en sociale elementen komt de rechtbank tot het besluit dat verweersters verscheidene technische bedrijfseenheden vormen.

Bovendien, zelfs indien de elementen die eiseres aanbrengt toch als een aanwijzing van sociale samenhang zouden kunnen worden beschouwd, dan nog stelt de rechtbank vast dat verweersters het voldoende overtuigende bewijs leveren dat het personeelsbeheer en -beleid geen sociale criteria aan het licht brengen, kenmerkend voor het bestaan van een technische bedrijfseenheid.

De verklaringen van eiseres in conclusies over de wenselijkheid en de voordelen van een gezamenlijk sociaal overleg voor beide ondernemingen zijn verder niet relevant nu niet bewezen is dat er een sociale samenhang bestaat en die hoe dan ook wettelijk vereist is opdat er sprake kan zijn van één technische bedrijfseenheid.

OM DEZE REDENEN,

DE RECHTBANK,

Gehoord Mevrouw Patricia COOLS, Substituut in haar eensluidend mondeling advies gegeven ter zitting van 27 januari 2012 ;

Voegt de zaken met het AR nr. 12/494/A en 12/495/A samen ;

Verklaart de vordering van eiseres ontvankelijk maar ongegrond ;

Zegt dat de sociale verkiezingen verder georganiseerd worden overeenkomstig de beslissingen zoals door de nv Mercedes-Benz Drogenbos meegedeeld op de datum X-35 zoals bedoeld in artikel 12 van de wet van 4 december 2007 betreffende de sociale verkiezingen.

Veroordeelt eiseres tot de kosten, tot op heden begroot op 1.320 euro rechtsplegingsvergoeding voor verweersters;

Aldus gevonnist door de drieendertigste kamer van de Arbeidsrechtbank van Brussel waar zitting hielden :

Mevrouw Carla CORBISIER, rechter,

Mijnheer Willy HERREMANS, rechter in sociale zaken, werkgever

Mevrouw Sylvia LOGIST, rechter in sociale zaken, bediende

En uitgesproken ter openbare zitting van 06/02/2012

waar aanwezig waren

Mevrouw Carla CORBISIER , rechter

bijgestaan in de uitspraak door Mevrouw Sabine DE BRUYCKER, griffier - Hoofd van Dienst

De Griffier-Hoofd van Dienst , De Rechters in Sociale Zaken, De Rechter,

S. DE BRUYCKER S. LOGIST & W. HERREMANS C. CORBISIER

Vrije woorden

  • SOCIALE VERKIEZINGEN

  • TECHNISCHE BEDRIJFSEENHEID