- Beslissing van 3 februari 2012

03/02/2012 - M11-5-0466/8157

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1

Beslissing - Integrale tekst

(...)

I. Feiten

Op 31 juli 2005 werden Sabri X. (° ../../2003) en Sirine X. (° ../../2004), de kinderen van verzoekster, thuis te ... zwaar mishandeld door de heer Yvo Z.. (° 1964). Deze laatste was de klusjesman van het appartement waar verzoekster woonde; hij had zich vrijwillig aangeboden om op de kinderen van verzoekster te passen.

In het vonnis van de Correctionele rechtbank te ... d.d. 26 februari 2008 lezen we:

"Beklaagde beschrijft het verdere verloop van de dag met de kinderen: hij heeft hen te slapen gelegd, hen weer uit hun bedje gehaald, eten gegeven, in bad gezet, eten gegeven, enz... De hele dag verliep probleemloos, en tussen 19.00 en 20.00 uur legde hij de kinderen te slapen.

Wanneer beklaagde wat later iets hoorde, zag hij dat Sabri in het kinderbedje van Sirine was gekropen. Wanneer Sabri beklaagde opmerkte, wilde hij weer uit bedje klimmen, maar viel daarbij met zijn hoofd tegen de spant van het andere bed. Hij begon hard te wenen, en bloedde aan de onderlip. Beklaagde wist het bloeden te stelpen met een koud washandje, waarna hij het kind weer te slapen legde. Als hij wat later ging kijken, bleek Sabri overgegeven te hebben. Na een nieuwe wasbeurt werd Sabri weer in bed gelegd.

Vanaf dat ogenblik liep het echter helemaal mis: Sirine werd wakker, waarop beklaagde haar over het hele lichaam en in het aangezicht heeft geslagen terwijl ze in haar bed lag. Beklaagde stelt "mijn stoppen sloegen door". Sabri wilde niet slapen. Hij nam hem op, schudde hem dooreen, en heeft hem daarna in de hoek van de kamer geworpen waar hij tussen muur en kleerkast terecht kwam. Toen hij viel sloegen zijn beide benen onder zijn bovenlichaam. In de hoek waar hij lag heeft hij nog een paar rake klappen in het aangezicht gekregen, en een trap tegen zijn achterwerk. Beklaagde legde hem daarna weer in bed."

II. Vervolging

Bij vonnis van de Correctionele rechtbank te ... d.d. 26 februari 2008 werd de heer Yvo Z.., wegens het plegen van de sub I vermelde feiten (toebrengen van opzettelijke slagen en verwondingen aan Sabri en Sirine X.) veroordeeld tot een gevangenisstraf van één jaar (met uitstel van tenuitvoerlegging gedurende een termijn van drie jaar) en tot een geldboete van euro 550.

Op burgerlijk gebied werd de behandeling van de zaak uitgesteld naar een latere zitting.

In de zaak ter afhandeling van de burgerlijke belangen werd de heer Z.. bij vonnis d.d. 7 januari 2009 veroordeeld tot betaling van de som van euro 1.767 meer intresten aan de heer en mevrouw X. - Y. q.q. Sabri X. ( euro 1.517 voor morele schade tijdens de periode van hospitalisatie + euro 250 voor de hinder nadien).

III. Gevolgen van de feiten

Sabri X., amper twee jaar oud, liep als gevolg van de feiten een zware dijbeenbreuk op. Hij werd gedurende 37 dagen gehospitaliseerd.

Luidens het verzoekschrift ondervindt hij ook vandaag nog lichamelijke gevolgen van de feiten (hij zakt geregeld door zijn been).

Hij is nu ook op een leeftijd gekomen dat hij zich vragen begint te stellen over wat er op die 31ste juli 2005 precies is gebeurd...

IV. Mogelijkheden tot schadeloosstelling

Uit de overgemaakte dossierstukken blijkt dat de kansen op verhaal t.o.v. de veroordeelde dader nagenoeg onbestaande zijn.

In een persoonlijk ondertekende verklaring d.d. 8 april 2011 bevestigt verzoekster dat zij niet beschikt over een familiale verzekering noch rechtsbijstandsverzekering.

V. Begroting van de gevraagde hulp

Verzoekster heeft de geleden schade niet concreet begroot.

Luidens het verzoekschrift gedraagt verzoekster zich naar de wijsheid van de Commissie met betrekking tot het gevraagde hulpbedrag.

VI. Beoordeling door de Commissie

Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd.

Aan de ontvankelijkheidsvoorwaarden werd voldaan.

De wetgeving betreffende de hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen nageleefd te worden.

De Commissie stelt vast dat Sabri X., die thans bijna 9 jaar oud is, op tweejarige leeftijd het slachtoffer werd van ernstige gewelddaden. Het staat buiten kijf dat het kind zowel op lichamelijk als op psychisch vlak te lijden heeft (gehad) onder de feiten, en zulks zal ongetwijfeld ook in de toekomst nog het geval zijn.

Naar het oordeel van de Commissie bevinden zich in het dossier op dit ogenblik evenwel onvoldoende elementen op grond waarvan een gefundeerde beslissing kan genomen worden inzake de toekenning van een financiële hulp. Om die reden acht de Commissie het aangewezen om het kind te laten onderzoeken door de Gerechtelijk-geneeskundige dienst (G.G.D.).

De bevindingen van de G.G.D. zullen een nauwkeurig beeld opleveren van de door Sabri X. opgelopen (blijvende) letsels alsook van de impact ervan. Op basis van het verslag van de G.G.D. zal de schade definitief kunnen begroot worden.

*

* *

OP DIE GRONDEN,

De Commissie,

Gelet op:

- de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken;

- de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, laatst gewijzigd bij wet van 30 december 2009;

- het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 7 december 2006.

Verklaart het verzoek ontvankelijk en beveelt, vooraleer ten gronde te oordelen, een medisch deskundigenonderzoek en gelast met dit onderzoek de Gerechtelijk-geneeskundige Dienst, aan dewelke opdracht wordt gegeven, met inachtneming van de bepalingen van artikel 17 van het K.B. van 18 december 1986 en van artikel 979 van het Gerechtelijk Wetboek,

- kennis te nemen van het dossier;

- Sabri X. (geboren op ../../2003, wonende te ..., ... medisch te onderzoeken;

- de letsels te beschrijven die hij heeft opgelopen ten gevolge van de op 31 juli 2005 op hem gepleegde gewelddaden, zowel lichamelijk als psychisch;

- de aard, de graad en de duur (periode) te bepalen van de invaliditeit die eventueel uit die letsels voortvloeit, tijdelijk of definitief, de morele schade die hieruit resulteert en te bepalen indien het slachtoffer nog verdere medische zorgen dient te ontvangen;

- de economische arbeidsongeschiktheid te bepalen indien ze vastgesteld wordt;

- van al deze bevindingen een schriftelijk en gemotiveerd verslag op te stellen en dit neer te leggen op het secretariaat van de Commissie binnen de vier maanden na de kennisgeving van de opdracht;

- de verslaggever, via het secretariaat, op de hoogte te houden van het verloop van de verrichtingen van het deskundigenonderzoek.

Verwijst de zaak inmiddels naar de bijzondere rol.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 3 februari 2012.

De secretaris, De voorzitter,

G. VAN DEN ABBEELE D. DESMET

Vrije woorden

  • Verzoekschrift, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 7 april 2011, waarbij verzoekster om de toekenning heeft gevraagd van een financiële hulp voor schade als gevolg van een opzettelijke gewelddaad.