- Beslissing van 8 maart 2012

08/03/2012 - BM11-1-185/8570

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1

Beslissing - Integrale tekst

(...)

I. Feiten

Op 30 december 2007 heeft Hee Chan Z. mevrouw Cornelia X., zijnde de oudere zus van verzoekster, om het leven gebracht.

"Z. Hee Chan heeft met een groot vleesmes 10 steek- en snijverwondingen toegebracht aan het weerloze slachtoffer dat bij het begin van de aanval met haar rug naar hem toegekeerd in de zetel zat. Ook de voorzijde van het lichaam van het slachtoffer werd bewerkt met het mes. Minstens twee steken blijken dodelijk te zijn geweest. "

(arrest verklaring van de jury en motivering)

" Deze feiten duiden aan dat betrokkene niet het minste respect opbrengt voor de fysieke integriteit van het slachtoffer en haar omgeving, temeer daar de feiten werden gepleegd voor de ogen van de zeer jonge kinderen van het slachtoffer. "

(arrest van veroordeling)

II. Vervolging

II-1. Bij arrest van het Hof van Assisen van de provincie ... van 5 februari 2010, zitting houdende te ..., werd de genaamde Hee Chan Z. veroordeeld tot levenslange opsluiting, wegens:

" Te ... op 30 december 2007:

Opzettelijk, met het oogmerk om te doden, X. Cornelia, geboren te Poortugal (Nederland) op 18 september 1966, met voorbedachten rade, gedood te hebben. "

II.2. Bij arrest van het Hof van Assisen van de provincie ... van 5 februari 2010, zitting houdende te ..., werd Hee Chan Z. op burgerlijk gebied veroordeeld om te betalen aan verzoekster: euro 6.250 morele schade meer de intresten, meer euro 125 rechtsplegingsvergoeding.

Beide arresten verwierven kracht van gewijsde.

III. Mogelijkheden tot schadeloosstelling

III-1. De raadsman van de veroordeelde laat weten dat zijn cliënt totaal onvermogend is. Hij verblijft in de gevangenis en heeft geen domicilie.

III-2. Verzoekster verklaart geen enkele verzekering te hebben afgesloten die kan tussenkomen in de opgelopen schade.

IV. Begroting van de gevraagde hulp

Verzoekster vraagt aan de Commissie een financiële hulp van euro 6.500:

- euro 6.250 morele schade

- euro 250 materiële kosten

Tevens verklaart verzoekster zich te gedragen naar de wijsheid van de Commissie met betrekking tot het gevraagde bedrag.

V. Beoordeling door de Commissie

Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd.

De wetgeving betreffende de hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 nageleefd te worden.

De Commissie verzekert geen integrale schadeloosstelling. Ze kan, naar billijkheid, een financiële hulp toekennen aan "erfgerechtigden, in de zin van artikel 731 van het Burgerlijk Wetboek, tot en met de tweede graad van een persoon die overleden is als rechtstreeks gevolg van een opzettelijke gewelddaad of personen die in duurzaam gezinsverband samenleefden met de overledene" (art. 31, 2°, W. 1.08.1985) voor de schadeposten die limitatief zijn opgesomd in artikel 32, § 2, met name:

1° de morele schade;

2° de medische kosten en de ziekenhuiskosten;

3° het verlies aan levensonderhoud voor personen die op het ogenblik van de gewelddaad ten laste waren van het slachtoffer;

4° de begrafeniskosten;

5° de procedurekosten;

6° de schade die voortvloeit uit het verlies van een of meer schooljaren.

‘Materiële kosten ‘ zijn niet opgenomen in deze lijst en komen bijgevolg niet in aanmerking voor een financiële hulp.

Uit zowel de reactie van (de raadsman van) verzoekster op het verslag als uit de psychiatrische verslagen van het Universitair Medisch Centrum te ..., blijkt dat verzoekster dagelijks geconfronteerd wordt met de schrijnende gevolgen van de bijzonder drieste feiten nu zij, samen met haar echtgenoot, een thuis heeft gegeven aan de jonge kinderen van wijlen haar zus die, als rechtstreekse getuige van de feiten, ernstig trauma opliepen en de nodige therapeutische begeleiding behoeven.

Bij de beoordeling van de toe te kennen financiële hulp houdt de Commissie dan ook inzonderheid rekening met de ernst en de gruwelijke omstandigheden van de feiten als tevens met de zware impact van de bijkomende verantwoordelijkheid en zorg voor de kinderen van wijlen haar zus op het persoonlijk en gezinsleven. In die omstandigheden en aangezien verzoekster heeft verklaard zich te gedragen naar de wijsheid van de Commissie met betrekking tot het gevraagde bedrag, meent de Commissie, die niet gebonden is door de uitspraak op burgerrechtelijk gebied, in billijkheid een hulp te kunnen toekennen begroot op euro 12.500.

In deze context wenst de Commissie nog te benadrukken dat, naar haar oordeel, moreel leed, zoals pijn of smart, niet louter door een geldelijke tegemoetkoming kan gelenigd worden. Hooguit is de financiële hulp een erkenning van dit leed, een vorm van troost, een middel om het leed draaglijker te maken. Dienvolgens kan het toegekende bedrag slechts een abstracte begroting zijn.

*

* *

OP DIE GRONDEN,

De Commissie,

Gelet op:

- de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken;

- de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, laatst gewijzigd bij wet van 30 december 2009;

- het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 7 december 2006,

Verklaart het verzoek ontvankelijk en kent verzoekster een hulp toe van euro 12.500.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 8 maart 2012.

De plv. secretaris, De voorzitter,

B. VAN BEURDEN P. DE SMET

Vrije woorden

  • Verzoekschrift, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 16 november 2011, waarbij verzoekster, vertegenwoordigd door mr. Tom E., advocaat te ... en tevens geassisteerd door het Nederlands Schadefonds Geweldsmisdrijven conform Richtlijn 2004/80/EG dd. 29 april 2004 van de Raad van de Europese Unie, om de toekenning heeft gevraagd van een financiële hulp voor schade als gevolg van een opzettelijke gewelddaad.