- Beslissing van 8 mei 2012

08/05/2012 - M91068/6997

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1

Beslissing - Integrale tekst

(...)

I. Feiten

Verzoekster had op de avond van 8 juli 2009 met een vriend afgesproken in een café te .... Blijkbaar heeft die vriend de genaamde Ali Z. op de hoogte gebracht. Met Z. heeft verzoekster een relatie gehad die ze enkele maanden voordien had beëindigd.

Toen verzoekster het café verliet, werd ze gevolgd door deze laatste. Z. trok de sleutels van haar bromfiets en haar helm uit handen. In het bijzijn van anderen heeft hij toen verzoekster in het aangezicht met een mes of scheermes bewerkt.

In het PV van verhoor dd. 9/7/2009 verklaart verzoekster onder meer: " In maart van dit jaar heb ik de relatie met Z. beëindigd omdat ik te weten kwam dat hij dealde (drugs). Ik had van hem ook al slagen gehad. In maart heb ik hem een duw gegeven. Ik zat hiervoor in hechtenis een week. Z. had het overdreven in zijn verklaring. Ik mocht geen contact meer hebben met Z. maar hij bleef mij opzoeken en opbellen. Ik deed hiervan aangifte op de Quinten W.. Ik heb Z. ook steeds duidelijk gemaakt dat ik met hem niets meer te maken wilde hebben. [...] "

II. Vervolging

Verzoekster legde op 9 juli 2009 klacht neer bij de politie Stad ....

Blijkens een schrijven van het parket van de procureur des Konings te ... d.d. 26 maart 2010 werd het strafdossier zonder gevolg geklasseerd wegens seining van de dader (voorlopig sepot).

Deze kon tot heden niet gevat worden en vertoeft naar alle waarschijnlijkheid in Marokko.

III. Gevolgen van de feiten

Conclusies van gerechtsdeskundige dr. B. V. in zijn verslag van 14/12/2011:

Mevrouw X. werkt in rusthuis Het G. in ... als zorgkundige.

Feiten dateren van 9.7-2009.

Er zijn meerdere hervalperioden geweest.

We verwijzen naar het vorig deskundig verslag dd. 28-11-2009.

Ze is nog eenmaal op raadpleging geweest bij dokter L. De C. heelkunde brandwondencentrum Stuivenbergziekenhuis te ....

Ook op raadpleging geweest in de D. kliniek in ... .

Wat betreft de huidige klachten,

ze blijft zitten met die littekens op het gelaat, ze werkt met dementerenden die elke dag opnieuw over die littekens beginnen.

Ze heeft ondertussen ook een relatie, maar ze merkt dan dat dit anders is, ze voelt zich niet goed in haar vel.

Klinisch onderzoek,

we zien voor ons een dame van op dit ogenblik 24 jaar oud.

Er zijn multipele littekens ter hoogte van het gelaat die recht zijn en daardoor toch vrij opvallend zijn, aan de rechter wang is er een litteken met een lengte van 8 cm en een litteken met een lengte van 4 cm, er is een kruisvormig litteken op de linker wang lengte 7 cm en een litteken onder het oor met een lengte van 12 cm.

De littekens zijn toch nog wat rozig en goed zichtbaar.

Er kan geconsolideerd worden.

Er rest een esthetische schade die toch minstens moet ingeschat worden op 5/7 of zwaar.

Er rest ook blijvende psychische schade.

Dergelijke littekens hebben ook een professionele weerslag, waarvoor 5% blijvende arbeidsongeschiktheid kan toegekend worden.

Tijdelijke arbeidsongeschiktheid:

100% van 9-7-2009 tot en met 27-7-2009

30% van 28.7.2009 tot en met 10-8-2009

100% van 11-8-2009 tot en met 21-8-2009

30% van 22-8-2009 tot en met 9-9-2009

100% van 10-9-2009 tot en met 11-9-2009

30% van 12-9-2009 tot en met 17-9-2009

100% van 18-9-2009 tot en met 8-10.2009

30% van 9-10.2009 tot en met 4-11-2009

100% van 5-11-2009 tot en met 8-11-2009

25% van 9-11-2009 tot en met 30-11-2009

15% van 1-12-2009 tot en met 31-12-2009

10% van 1-1-2010 tot en met 31-3-2010

7% van 1-4-2010 tot en met 8-7-2010;

consolidatiedatum 9 - 7 - 2 0 1 0 ;

blijvende invaliditeit en arbeidsongeschiktheid 5 % (v ij f procent);

esthetische schade 5 / 7 of z w a ar,

IV. Mogelijkheden tot schadeloosstelling

IV-1. De kansen op verhaal zijn twijfelachtig nu de dader geseind staat en zich in het buitenland (Marokko) bevindt.

IV-2. Verzoekster beschikt over een familiale polis met luik rechtsbijstand. Deze polis sloot zij echter af op datum van 5 oktober 2009, zijnde enkele maanden na de feiten. Om die reden verleent de verzekeraar geen tussenkomst.

Zij verklaart over geen hospitalisatieverzekering te beschikken.

IV-3. Bij beslissing van 9 maart 2011 kende de Commissie aan verzoekster een noodhulp toe van

euro 2.500.

V. Begroting van de gevraagde hulp

Verzoekster vraagt om de toekenning van een (hoofd)hulp van euro 32.801,72

- medische kosten euro 2.420,46

- TWO moreel euro 3.785,63

- B.A.O. (5%) euro 10.310,00

- esthetische schade (5/7) euro 12.500,00

- TAO meerinspanningen euro 2.019,00

- TAO economische schade huishouden euro 1.766,63

VI. Beoordeling door de Commissie

Het verzoekschrift werd reeds ontvankelijk verklaard bij beslissing van de Commissie van 9 maart 2011.

Zoals gevraagd legt verzoekster het medisch deskundigenverslag en haar definitieve schadebegroting neer.

De wetgeving betreffende de hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 nageleefd te worden.

De Commissie verzekert geen integrale schadeloosstelling. Ze kan, naar billijkheid, een financiële hulp toekennen voor de schadeposten die limitatief zijn opgesomd in artikel 32, § 1, van de wet van 1 augustus 1985:

"Voor de toekenning van een hulp aan de personen als bedoeld in artikel 31, 1°, steunt de commissie uitsluitend op de volgende bestanddelen van de geleden schade :

1° de morele schade, rekening houdend met de tijdelijke of blijvende invaliditeit;

2° de medische kosten en de ziekenhuiskosten, met inbegrip van de prothesekosten;

3° de tijdelijke of blijvende invaliditeit;

4° een verlies of vermindering aan inkomsten ten gevolge van de tijdelijke of blijvende arbeidsongeschiktheid;

5° de esthetische schade;

6° de procedurekosten;

7° de materiële kosten;

8° de schade die voortvloeit uit het verlies van een of meer schooljaren."

‘Meerinspanningen' zijn daarbij niet opgenomen en komen dus niet in aanmerking voor een hulp. De zienswijze van de Commissie ten aanzien van deze schadepost werd bevestigd bij arrest nr. 165.787 van de Raad van State d.d. 12 december 2006.

‘Economisch verlies huishoudelijke arbeid' is evenmin opgenomen in de limitatieve lijst en komt dus ook niet in aanmerking voor een financiële hulp.

Uit artikel 33, § 1 van de wet van 1 augustus 1985 blijkt dat het bedrag van de hulp naar billijkheid wordt bepaald. Volgens de voorbereidende werken is die beoordeling naar billijkheid zelfs het basisbeginsel van het stelsel (Parl.St., Senaat 1984-85 nr. 873/2/1°,8). Dit uitgangspunt verleent aan de Commissie een appreciatiebevoegdheid, zowel inzake de opportuniteit van de toekenning van een financiële hulp als inzake de bepaling van de omvang van het hulpbedrag.

Het voorgaande impliceert dat de Commissie voor bepaalde schadeposten andere tarieven kan (mag) hanteren dan die waarvan de correctionele rechter zich bedient. Hierdoor kan de door de Commissie toegekende hulp in meerdere of mindere mate afwijken van de in gemeenrecht toegewezen schadevergoeding. Zo baseert de Commissie zich onder meer bij het toekennen van een hulpbedrag voor de schadepost ‘esthetische schade' op haar rechtspraak in gelijkaardige dossiers én op de overgezonden recente kleurenfoto's van de opgelopen verwondingen.

Rekening houdende enerzijds met de ernst van de feiten en de opgelopen schade en anderzijds met de door de wet uitgesloten schadeposten, meent de Commissie aan verzoekster in billijkheid een hulp te kunnen toekennen begroot op euro 30.700.

*

* *

OP DIE GRONDEN,

De Commissie,

Gelet op:

- de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken;

- de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, laatst gewijzigd bij wet van 30 december 2009;

- het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 7 december 2006,

Verklaart het verzoek ontvankelijk en kent verzoekster een hulp toe van euro 30.700.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 8 mei 2012.

De plv. secretaris, De voorzitter,

B. VAN BEURDEN P. DE SMET

Vrije woorden

  • Verzoekschrift, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 18 november 2009 waarbij verzoekster om de toekenning heeft gevraagd van een financiële hulp voor schade als gevolg van een opzettelijke gewelddaad.