- Beslissing van 15 mei 2012

15/05/2012 - M11-3-0861/8374

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1

Beslissing - Integrale tekst

(...)

I. Feiten

Op 8 mei 2007 werd de op dat ogenblik 15-jarige verzoekster door de vader van een vriendje verkracht in een rendez-vous hotel te ....

"Op 10 mei 2007 trof Linda Y. op de kamer van haar 15-jarige dochter Leen X. een brief aan van een zekere ‘Erik' waarin onder meer beschreven werd dat ze ‘fantastische' dagen hadden beleefd en dat hij nogmaals een kamer wilde huren. Hierover geïnterpelleerd door haar moeder gaf Leen X. toe op 8 mei 2007 met beklaagde Erik Z., de vader van haar toenmalige vriend, naar een motelkamer in ... te zijn geweest, waar ze samen seksuele handelingen hadden gesteld."

II. Vervolging

- Erik Z. (arbeider, geboren op ../../) werd vervolgd wegens:

Te ..., op 8 mei 2007:

A. De misdaad van verkrachting, zijnde elke daad van seksuele penetratie van welke aard en met welk middel ook, gepleegd te hebben op de persoon van een kind boven de volle leeftijd van veertien jaar en beneden die van zestien jaar op het ogenblik van de feiten, namelijk op X. Leen, die daar niet in had toegestemd, hetzij doordat de daad is opgedrongen door middel van geweld, dwang of list, hetzij mogelijk is gemaakt door een onvolwaardigheid of een lichamelijk of geestelijk gebrek van het slachtoffer.

B. Aanranding van de eerbaarheid met geweld of bedreiging gepleegd te hebben op de persoon van een minderjarige, geen volle zestien jaar oud op het ogenblik van de feiten."

- Bij vonnis d.d. 22 oktober 2008 van de rechtbank van eerste aanleg te ... werd Erik Z. veroordeeld tot een gevangenisstraf van 18 maanden waarvan 12 maanden met probatie-uitstel gedurende 5 jaar en een geldboete van euro 2.750,00.

Op burgerlijk gebied werd psychiater M. aangesteld om verzoekster te onderzoeken en werd een provisionele schadevergoeding van 1,00 euro toegekend.

Dit vonnis is in kracht van gewijsde getreden.

- Bij vonnis d.d. 28 april 2011 werd Z. bij verstek veroordeeld om aan de verzoekster de som van euro 4.222,50 meer de intresten te betalen en een rechtsplegingsvergoeding van euro 550,00.

III. Gevolgen van de feiten voor Leen X.

Conclusies van gerechtsdeskundige dr. F. M. (zoals blijkt uit het vonnis):

TAO 100% van 08/05/2007 tot 20/05/2007

50% van 21/05/2007 tot 30/06/2007

20% van 01/07/2007 tot 31/08/2007

10% van 01/09/2007 tot 30/09/2007

Geen invloed op de beroepsactiviteit (was leerling) of in andere levenssferen

Betrokkene kon geleidelijk aan de normale activiteiten hervatten, met een periode van tijdelijke arbeidsongeschiktheid.

Consolidatie op 1 oktober 2007 met een BI ten gevolge van psychische schade van 3% zonder esthetische schade, geen littekens.

Geen voorafbestaande toestand. Geen hulp van derden nodig in de huishouding of daarbuiten.

Psychotherapeutische opvolging te voorzien in totaal van een 10-tal sessies ten bedrage van euro 50 per sessie.

IV. Mogelijkheden tot schadeloosstelling

- Uit de betekening van het vonnis van 28 april 2011 blijkt dat de dader geen gekende woon- of verblijfplaats heeft. Er werden geen verdere gegevens verstrekt met betrekking tot de (in)solvabiliteit van de dader.

- Verzoekster heeft een rechtsbijstandverzekering afgesloten bij DAS. De clausule ‘onvermogen van derden' is evenwel niet van toepassing op "een diefstal, poging tot diefstal, gewelddaad of vandalisme".

V. Begroting van de gevraagde hulp

morele schade TWO euro 1.222,50

13d à 100% à euro 25 euro 325,00

41d à 50% à euro 12,50 euro 512,50

62d à 20% à euro 5,00 euro 310,00

30d à 10% à euro 2,50 euro 75,00

schade blijvende invaliditeit euro 3.000,00

VI. Beoordeling door de Commissie

Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd. Aan de ontvankelijkheidsvoorwaarden werd voldaan. De kansen op verhaal tegenover de dader zijn quasi onbestaande.

De wetgeving betreffende de hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 nageleefd te worden.

1. Verzoekster vraagt om de toekenning van een hulp van euro 4.222,50, zijnde de door de rechtbank toegekende schadevergoeding.

2. De Commissie is van oordeel dat de gevraagde hulp dient te worden toegekend in billijkheid nu het slachtoffer geleden heeft is door de feiten die haar zijn aangedaan. Bovendien is het door verzoekster gevraagd bedrag in overeenstemming met hetgeen haar werd toegekend door de Rechtbank van Eerste Aanleg te ... d.d. 28 april 2011.

*

* *

OP DIE GRONDEN,

De Commissie,

Gelet op:

- de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken;

- de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, laatst gewijzigd bij wet van 30 december 2009;

- het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 7 december 2006.

Verklaart het verzoek ontvankelijk en kent verzoekster een hulp toe van euro 4.222.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 15 mei 2012.

De secretaris a.i., De voorzitter,

M. STEYAERT P. DRAULANS

Vrije woorden

  • Verzoekschrift, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 11 augustus 2011, waarbij verzoekster om de toekenning heeft gevraagd van een financiële hulp voor schade als gevolg van seksueel misbruik op haar gepleegd.