- Beslissing van 15 juni 2012

15/06/2012 - M11-5-0447/8141

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1

Beslissing - Integrale tekst

(...)

I. Feiten

Op 20 juli 2004 werd verzoeker te ... geslagen door de heer Nenad Z..

In het PV van verhoor van verzoeker, afgelegd voor de Politie ... op 20 juli 2004, lezen we:

"(...) Toen ik mij in het garagecomplex van het gebouw bevond, kwam Z. als een razende gek naar mij toe. Hij riep mij toe "gij dief". Hierop haalde hij een houten stok, later blijkt dit een tafelpoot te zijn, uit zijn binnenzak en sloeg mij hiermee een viertal keer uit volle kracht op het lichaam. (...)"

De heer Z. zou verzoeker geslagen hebben omdat hij naar zijn vrouw zou gekeken hebben.

II. Vervolging

Bij vonnis van de Correctionele rechtbank te ... d.d. 21 december 2005 werd de heer Nenad Z., wegens het plegen van de sub I vermelde feiten, veroordeeld tot een gevangenisstraf van acht maanden (met gewoon uitstel van tenuitvoerlegging gedurende een termijn van drie jaar) en tot een geldboete van euro 550.

Op burgerlijk gebied werd hij veroordeeld tot betaling van de som van euro 1.421,91 meer intresten aan verzoeker.

Tegen alle beschikkingen van dit vonnis werd hoger beroep ingesteld door de beklaagde en door het Openbaar Ministerie.

Bij arrest van het Hof van Beroep te ... d.d. 21 september 2010 werd het bestreden vonnis op strafgebied hervormd, in die zin dat de eenvoudige schuldigverklaring werd uitgesproken wegens overschrijding van de redelijke termijn van de duur van de strafvervolging (toepassing van artikel 21ter V.T. Sv.)

Op burgerlijk gebied werd de heer Z. veroordeeld tot betaling van de som van euro 2.124,16 meer intresten aan verzoeker.

III. Gevolgen van de feiten

Verzoeker liep de volgende verwondingen op: fractuur rechter pinkbeentje (gipsverband tot 26 augustus 2004), ernstige kneuzingen t.h.v. rechterzij, -dijbeen en -schouder.

Hij was gedurende 58 dagen volledig arbeidsongeschikt (20 juli 2004 tot en met 15 september 2004).

IV. Mogelijkheden tot schadeloosstelling

Verzoeker beschikte ten tijde van de feiten over een polis rechtsbijstand (KBC Defendo), maar de maatschappij weigerde aanvankelijk tussen te komen op basis van de waarborg ‘onvermogen van derden' omdat de heer Z. ambtshalve geschrapt is in België en zijn insolventie bijgevolg niet meer kon nagegaan worden (zie brief KBC d.d. 27 januari 2011).

In zijn schrijven d.d. 23 april 2012 deelde de raadsman van verzoeker mee dat KBC uiteindelijk overging tot vergoeding van zijn cliënt.

V. Begroting van de gevraagde hulp

Verzoeker vraagt om de toekenning van een hulp van euro 4.230,64:

- medische kosten (opleg): euro 226,91 (cf. arrest)

- verplaatsings- en administratiekosten: euro 95,00 (idem)

- inkomstenverlies: euro 1.758,48 (arrest: ongegrond)

- TAO morele schade: euro 1.798,00 (arrest: euro 1.450)

- verlies economische waarde huishoudelijke arbeid: euro 352,25 (cf. arrest)

VI. Beoordeling door de Commissie

Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd.

Aan de ontvankelijkheidsvoorwaarden werd voldaan.

De wetgeving betreffende de hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen nageleefd te worden.

Luidens artikel 31bis, § 1, 5°, van voormelde wet kan een financiële hulp worden toegekend onder de volgende voorwaarde: "De schade kan niet afdoende worden hersteld door de dader of de burgerlijk aansprakelijke partij, op grond van een stelsel van sociale zekerheid of een private verzekering, noch op enige andere manier."

Aangezien verzoeker werd vergoed door zijn rechtsbijstandsverzekeraar, is het bij de Commissie ingediend hulpverzoek zonder voorwerp geworden.

*

* *

OP DIE GRONDEN,

De Commissie,

Gelet op:

- de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken;

- de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, laatst gewijzigd bij wet van 30 december 2009;

- het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 7 december 2006.

Verklaart het verzoek zonder voorwerp.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 15 juni 2012.

De secretaris, De voorzitter,

G. VAN DEN ABBEELE D. DESMET

Vrije woorden

  • Verzoekschrift, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 20 april 2011, waarbij verzoeker om de toekenning heeft gevraagd van een financiële hulp voor schade als gevolg van een opzettelijke gewelddaad.