- Beslissing van 20 augustus 2012

20/08/2012 - M12-1-0393/8886

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1

Beslissing - Integrale tekst

(...)

I. Feiten

" Verzoekster was in de ochtend van 25 januari 2012 samen met haar echtgenoot Lucien X., aanwezig aan café R... in de ...straat 7 te ....

De heer X. stelde vast dat de metalen afdekplaat van het keldergat verschoven was. Toen hij deze wegnam, stelde hij vast dat er een manspersoon in het keldergat zat.

Toen de aanvaller uit het keldergat gekomen was en toen de heer X. meedeelde dat hij de politie zou verwittigen, werd de aanvaller uitermate agressief.

Eerst stampte hij de heer X. op zijn rechterkuit waardoor deze ten val kwam en toen hij op de grond lag, bleef de aanvaller op zijn gezicht slaan.

Toen verzoekster de aanvaller wou tegenhouden met haar paraplu, keerde hij zich tegen haar en kreeg zij slagen en stampen.

Het is zelfs zo ver gekomen dat de aanvaller dreigde om met de afdekplaat van de kelder te slaan.

De overbuur, de heer Stefaan D., kon de aanvaller gelukkig afleiden tot de politiediensten ter plaatse waren en hij ingerekend werd. "

II. Vervolging

Bij vonnis dd. 21 maart 2 012 van de rechtbank van eerste aanleg te ... werd onder meer de volgende tenlastelegging bewezen geacht in hoofde van de genaamde Mohammed Z.

(° 1987) en waarvoor deze veroordeeld werd tot 12 maanden gevangenisstraf:

"Te ... op 25.01.2012:

A. Bij inbreuk op de artikelen 392, 398 en 399 lid 1 Sw., opzettelijk verwondingen of slagen te hebben toegebracht, met de omstandigheid dat de slagen of verwondingen een ziekte of ongeschiktheid tot het verrichten van persoonlijke arbeid ten gevolge hebben gehad, nl.

1. aan Lucien X.;

2. aan Gerarda Y..

B. [...] "

Op burgerlijk vlak werd Z. bij zelfde vonnis veroordeeld tot betaling aan verzoekster een provisie van euro 1.000 (" in acht genomen de aard van de verwondingen en de gevolgen die thans reeds vaststaan") en een RPV van euro 412.

Dr. E. M. werd aangesteld als geneesheer-deskundige met de gebruikelijke opdrachten.

III. Mogelijkheden tot schadeloosstelling

De dader blijkt volstrekt onvermogend te zijn.

Verzoekster heeft een rechtsbijstandverzekering afgesloten bij LAR maar deze komt enkel tussen voor geschillen die zich voordoen in het privéleven van de verzekerde: "Uit het PV van verhoor blijkt dat onze verzekerden dagelijks gaan kuisen in het café waar het ongeval zich heeft voorgedaan. Conform de polisvoorwaarden moeten wij deze activiteit dus kaderen in een beroepsbezigheid gezien ze gewoonlijk en hoogstwaarschijnlijk met winstoogmerk wordt uitgeoefend. "

Verzoekster heeft geen geschreven contract aangegaan met de uitbater voor het poetsen van het café zodat er niets is voorzien in geval van een ongeval. De café-uitbater heeft evenmin enige andere verzekering afgesloten die tussenkomst in de opgelopen schade.

IV. Begroting van de gevraagde noodhulp

Verzoekster vraagt om de toekenning van een noodhulp van euro 1.000 teneinde de aangestelde deskundige te provisioneren en motiveert haar verzoek als volgt:

" In datzelfde vonnis werd bepaald dat er een voorschot op het ereloon van de aangestelde deskundige ter griffie moet worden geconsigneerd. Dit voorschot werd vastgelegd op euro 1.000. Verzoekster is echter gepensioneerd en niet in de mogelijkheid om dit bedrag zelf te betalen. De familiale verzekeraar weigert daarenboven elke tussenkomst, zodat verzoekster zich genoodzaakt ziet om huidig verzoek neer te leggen."

V. Beoordeling door de Commissie

Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd.

De voorwaarden tot toekenning van een noodhulp worden opgesomd in artikel 36 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen:

"Onverminderd de toepassing van de artikelen 31 tot 33, § 1, kan de commissie een noodhulp toekennen wanneer elke vertraging bij de toekenning van de hulp de verzoekster een ernstig nadeel kan berokkenen, gelet op zijn financiële situatie.

De noodhulp wordt per schadegeval en per verzoekster toegekend voor schade boven 500 euro en is beperkt tot een bedrag van 15 000 euro.

De noodhulp kan aangevraagd worden zodra de ontploffing of de reddingsdaad zich hebben voorgedaan en, voor de slachtoffers van opzettelijke gewelddaden, vanaf de burgerlijke partijstelling of de indiening van een klacht.

Wanneer het gaat om de kosten bedoeld in artikel 32, § 1, 2°, is de dringendheid altijd verondersteld. Artikel 33, § 1, is niet van toepassing wanneer de commissie zich uitspreekt over het verzoek tot tenlasteneming van deze kosten. Het reële bedrag van de kosten wordt door de commissie in aanmerking genomen, zonder toepassing van de beperking die bepaald wordt in het tweede lid."

Luidens de eerste alinea van het hierboven geciteerd artikel 36 kan de Commissie aan het slachtoffer een noodhulp toekennen indien het in financiële moeilijkheden verkeert.

Zo behoort het tevens tot de vaste rechtspraak van de Commissie om een noodhulp toe te wijzen ter provisionering van de medisch deskundige.

Rekening houdend met alle omstandigheden van de zaak, zoals hierboven geschetst, kan het gevraagde noodhulpbedrag van euro 1.000 zonder meer worden toegekend.

Overeenkomstig artikel 30, § 3, tweede lid, van de wet houdt de voorzitter van de kamer als enig lid zitting inzake verzoeken om noodhulp.

OP DIE GRONDEN,

De voorzitter,

Gelet op:

- de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken;

- de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, laatst gewijzigd bij wet van 30 december 2009;

- het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 7 december 2006,

Verklaart het verzoek ontvankelijk en kent verzoekster een noodhulp toe van euro 1.000.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 20 augustus 2012.

De plv. secretaris, De voorzitter,

B. VAN BEURDEN C. DELESIE

Vrije woorden

  • Verzoekschrift, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 19 april 2012, waarbij verzoekster om de toekenning heeft gevraagd van een noodhulp voor schade als gevolg van een opzettelijke gewelddaad.