- Beslissing van 18 september 2012

18/09/2012 - M12-1-0236/8802

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1

Beslissing - Integrale tekst

(...)

I. Feiten

Op 3 december 2008 werd verzoekster bij een handgemeen in een pitabar betrokken doordat ze haar vriendin wilde verdedigen tegen een onbekend manspersoon die zich opdrong.

De man duwde verzoekster op de grond waarbij zij terechtkwam op de gestrekte rechterarm.

II. Vervolging

Verzoekster legde op datum der feiten klacht neer tegen onbekenden.

Op 1 april 2009 seponeerde de procureur des Konings te ... het strafdossier omwille van "onvoldoende bewijzen ".

Daarop legde verzoekster in handen van de onderzoeksrechter een klacht met burgerlijke partijstelling neer.

Bij beschikking dd. 3 maart 2011 van de raadkamer van de rechtbank van eerste aanleg te ... werd de inverdenkinggestelde buiten vervolging gesteld voor de tenlastelegging:

"Te ... op 3 december 2008:

Opzettelijke verwondingen of slagen te hebben toegebracht aan X. Carmen, de slagen of verwondingen hebbende een ziekte of ongeschiktheid tot het verrichten van persoonlijke arbeid ten gevolge gehad. "

Deze beschikking bekwam kracht van gewijsde (attest griffie).

III. Gevolgen van de feiten

Conclusies van dr. M. Van M. in zijn verslag van 25/11/2011, i.o. van rechtsbijstandverzekeraar DVV-DEXIA:

" Mevrouw Carmen X. was op 03/12/2008 het slachtoffer van een agressie, waarbij zij een distale radius fractuur rechts en een onverplaatste scaphoidfractuur rechts opliep.

De behandeling was initieel conservatief.

Op 08/01/2009 gebeurde een ingreep bij dagopname, waarbij een Herbertschroef werd geplaatst.

Betrokkene vertoont nog steeds klachten.

Het klinisch onderzoek toont pijn bij de terminale bewegingen van de rechter pols.

De radiografieën tonen het osteosynthesemateriaal nog aanwezig en discrete angulatie van de fragmenten.

De toestand is mijns inziens consolideerbaar.

De tijdelijke invaliditeit met weerslag op de habituele schoolse, huishoudelijke en recreatieve activiteiten als student kan als volgt worden bepaald:

100 % van 03/12/2008 tot 31/01/2009

50% van 01/02/2009 tot 28/02/2009

25% van 01/03/2009 lot 30/04/2009

20% van 01/05/2009 tot 30/06/2009

15 % van 01/07/2009 tot 31/08/2009

10 % van 01/09/2009 tot 31/10/2009

5% van 01/11/2009 tot 31/12/2009

De consolidatiedatum kan bepaald worden op 01/01/2010.

De sequelaire letsels betekenen een blijvende invaliditeit van 4 % met identieke weerslag op de recreatieve activiteiten.

Er moet voorbehoud gemaakt worden voor het verwijderen van het osteosynthesemateriaal en voor posttraumatische artrose ter hoogte van de rechter pols.

Esthetische schade: 1 / 7. "

Verzoekster studeerde op het ogenblik van het feiten in het tweede jaar hotelmanagement. Thans is zij account executive voor een reclamebureau.

IV. Mogelijkheden tot schadeloosstelling

IV-1. De dader kon niet worden geïdentificeerd.

IV-2. Verzoekster heeft een rechtsbijstandverzekering afgesloten bij DVV-DEXIA. Deze kwam tussen in de gerechtskosten.

De clausule ‘onvermogen van derden' is enkel van toepassing bij behoorlijk geïdentificeerde derde.

V. Begroting van de gevraagde hulp

Verzoekster vraagt om de toekenning van een hulp van euro 11.774,94.

- administratie en verplaatsingskosten euro 162,50

- medische kosten euro 289,70

- TWO moreel euro 3.012,50

- B.I. (4% x euro 2.262 / 2) euro 4.524,00

- esthetische schade (1/7) euro 490,00

- meerinspanningen euro 1.198,00

- economische schade huishouden euro 2.098,24

VI. Beoordeling door de Commissie

De wetgeving betreffende de hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 nageleefd te worden.

De Commissie verzekert geen integrale schadeloosstelling. Ze kan, naar billijkheid, een financiële hulp toekennen voor de schadeposten die limitatief zijn opgesomd in artikel 32, § 1, van de wet van 1 augustus 1985:

"Voor de toekenning van een hulp aan de personen als bedoeld in artikel 31, 1°, steunt de commissie uitsluitend op de volgende bestanddelen van de geleden schade :

1° de morele schade, rekening houdend met de tijdelijke of blijvende invaliditeit;

2° de medische kosten en de ziekenhuiskosten, met inbegrip van de prothesekosten;

3° de tijdelijke of blijvende invaliditeit;

4° een verlies of vermindering aan inkomsten ten gevolge van de tijdelijke of blijvende arbeidsongeschiktheid;

5° de esthetische schade;

6° de procedurekosten;

7° de materiële kosten;

8° de schade die voortvloeit uit het verlies van een of meer schooljaren."

‘Meerinspanningen' en ‘economische schade huishouden' zijn daarbij niet opgenomen en komen dus niet in aanmerking voor een financiële hulp. De zienswijze van de Commissie ten aanzien van de meerinspanningen werd bevestigd bij arrest nr. 165.787 van de Raad van State d.d. 12 december 2006.

Inzake de post ‘administratie- en verplaatsingskosten' hanteert de Commissie haar gebruikelijk tarief dat overeenstemt met dat van de indicatieve tabel van het Nationaal verbond van magistraten eerste aanleg en het Koninklijk verbond van vrede- en politierechters.

Rekening houdende enerzijds met de ernst van de feiten en de opgelopen schade en anderzijds met de door de wet uitgesloten schadeposten, meent de Commissie aan verzoekster in billijkheid een hulp te kunnen toeken

*

* *

OP DIE GRONDEN,

De Commissie,

Gelet op:

- de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken;

- de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, laatst gewijzigd bij wet van 30 december 2009;

- het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 7 december 2006,

Verklaart het verzoek ontvankelijk en kent verzoekster een hulp toe van euro 8.440.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 18 september 2012.

De plv. secretaris, De voorzitter,

B. VAN BEURDEN P. DE SMET

Vrije woorden

  • Verzoekschrift, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 6 maart 2012 waarbij verzoekster om de toekenning heeft gevraagd van een financiële hulp voor schade als gevolg van een opzettelijke gewelddaad.