- Beslissing van 28 september 2012

28/09/2012 - M12-1-0151/8750

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1

Beslissing - Integrale tekst

(...)

I. Feiten

Op 15 maart 2007 omstreeks 16u 30 werd verzoeker op straat, zonder enige aanleiding, in de rug aangevallen door drie manspersonen, waaronder Benaïssa Z. en Keith W..

Verzoeker kreeg verschillende vuistslagen in het gezicht. W. beukte met de autosleutels tussen de vingers op het voorhoofd van verzoeker in.

Tot slot werd verzoeker een slag toegediend ter hoogte van zijn rechteroor waarbij de sleutel volledig afbrak en in het oor van verzoeker bleef steken.

Verzoeker verloor hierop het bewustzijn en kwam met zijn aangezicht tegen een muur terecht waardoor stukken afbraken van zowel de onderste als bovenste snijtand.

De daders namen vervolgens de vlucht.

II. Vervolging

Bij vonnis dd. 13 december 2010 van de rechtbank van eerste aanleg te ... werd onder meer de volgende tenlastelegging bewezen geacht in hoofde van de genaamde Benaïssa Z. (° 1986) en Keith W. (° 1986), en waarvoor de eerste veroordeeld werd tot een werkstraf van 60 uren en de tweede tot 6 maanden gevangenisstraf met uitstel:

"Te ... op 15.03.2007:

Om de misdaad of het wanbedrijf uitgevoerd te hebben of om aan de uitvoering ervan rechtstreeks medegewerkt te hebben, door enige daad, tot de uitvoering zodanige hulp verleend te hebben dat zonder zijn bijstand het misdrijf niet kon gepleegd worden, om, door giften, beloften, bedreigingen, misbruik van gezag of van macht, misdadige kuiperijen of arglistigheden, dit misdrijf rechtstreeks uitgelokt te hebben,

Opzettelijke verwondingen of slagen te hebben toegebracht aan X. Jonas die voor deze een ziekte of ongeschiktheid tot het verrichten van persoonlijke arbeid ten gevolge had. "

Op burgerlijk vlak werden Z. en W. bij zelfde vonnis solidair veroordeeld tot betaling aan verzoeker de hoofdsom van euro 8.690,40 meer de intresten en een RPV van euro 500.

- administratie en verplaatsingskosten euro 80,00

- medische kosten euro 274,97

- tandschade euro 611,18

- TWO moreel euro 724,25

- esthetische schade (tussen 3/7 en 4/7) euro 7.000,00

Inzake de esthetische schade (vonnis, f°8): " De schade dient te worden begroot op het ogenblik van het vonnis. De rechtbank heeft deze schade ‘de visu' vastgesteld.

Rekening houdend met de leeftijd van de burgerlijke partij op het ogenblik van de consolidatiedatum, de plaats van het litteken; de aard ervan (verticaal) en het feit dat het niet vatbaar is voor esthetische correctie, begroot de rechtbank deze schade ex aequo et bono op het bedrag van 7.000 euro. "

Er werd geen hoger beroep aangetekend tegen dit vonnis.

III. Gevolgen

Samenvatting conclusies van gerechtsdeskundige dr. P. De P. in zijn verslag van 15/06/2009:

Bij het voorval van 15.03.07 werden de volgende letsels opgelopen:

- Wonde ter hoogte van het voorhoofd rechts

- Wonde rechter oor

- Schaafwonde ter hoogte van de neus rechts

- Tandletsels: breuk tand 11, barsten tand 41, tanden 31, 32 gevoelig maar zonder uitwendige breuk

Tijdelijke arbeidsongeschiktheid

100% van 15/03/2007 t/m 06/04/2007

Tijdelijke invaliditeit

100% van 15/03/2007 t/m 22/03/2007

50% van 23/03/2007 t/m 06/04/2007

20% van 07/04/2007 t/m 30/04/2007

10% van 01/05/2007 t/m 31/05/2007

5 % van 01/06/2007 t/m 31/07/2007

3 % van 01/08/2007 t/m 23/10/2007

(23/10/2007: laatste raadpleging bij behandelend tandarts)

Consolidatiedatum: 24 oktober 2007

Blijvende arbeidsongeschiktheid / invaliditeit: geen

Esthetische schade: tussen 3 / 7 en 4 / 7

In verband met de littekenvorming ter hoogte van het voorhoofd: dit litteken is ontsierend, niet alleen omwille van de lokalisatie maar ook omwille van de verticale richting waarbij de mimiek bij het fronsen van het voorhoofd gestoord is.

Het hoger beschreven litteken is niet voor esthetische correctie vatbaar.

Voorbehoud: restauratief herstel van tanden 11 en 14

IV. Mogelijkheden tot schadeloosstelling

IV-1. W. woont in bij zijn ouders alwaar hij niets bezit. Hij is werkloos en bezit geen wagen. Eenmalig kortte hij euro 200 af; bedrag dat volledig opging aan deurwaarderskosten.

In juni/juli 2012 gingen familie en/of vrienden van Z. over tot betaling van de hoofdsom, vermeerderd met de kosten van uitgifte en de rechtsplegingsvergoeding, doch zonder de intresten.

Aan verzoeker werd een bedrag van euro 9.218,90 betaald.

IVI-2. Rechtsbijstandverzekeraar Euromex komt niet tussen omdat de insolventieclausule enkel schade dekt die uit verkeersongevallen voortspruit.

V. Begroting van de gevraagde hulp

Verzoeker vroeg initieel om de toekenning van een hulp van euro 12.704,79 meer de intresten.

- hoofdsom volgens vonnis van 13/12/11 euro 8.690,40

- intresten euro 2.152,89

- RPV euro 500,00

- kosten deskundigenverslag euro 1.361,50

Bij brief van 5 juli 2012 deelde (de raadsman van) verzoeker mee dat vanwege veroordeelde Z. een vergoeding van euro 9.218,90 geïnd werd. "Vanzelfsprekend blijft tegenpartij Keith W. gehouden tot het nog openstaande saldo."

VI. Beoordeling door de Commissie

Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd.

De wetgeving betreffende de hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 nageleefd te worden.

Verzoeker vroeg initieel om de toekenning van een hulp van euro 12.704,79 meer de intresten.

Bij brief van 5 juli 2012 werd meegedeeld dat vanwege veroordeelde Z. een vergoeding van

euro 9.218,90 werd bekomen. "Vanzelfsprekend blijft tegenpartij Keith W. gehouden tot het nog openstaande saldo."

Verzoeker werd dus integraal vergoed voor de hem toegewezen hoofdsom. Terzake de nog gevorderde financiële hulp voor intresten, RPV en expertisekosten merkt de Commissie op dat zij geen integrale schadeloosstelling verzekert. Ze kan, naar billijkheid, een financiële hulp toekennen voor de schadeposten die limitatief zijn opgesomd in artikel 32, § 1, van de wet van 1 augustus 1985.

‘Intresten' zijn niet opgenomen in de limitatieve opsomming en komen dus niet in aanmerking voor een financiële hulp. Het principe dat de bijzaak de hoofdzaak volgt is hier niet van toepassing; immers de schuldenaar van de toegekende hulp, zijnde de Belgische Staat, is niet de veroorzaker van de schade. De zienswijze van de Commissie ten aanzien van de intresten werd bevestigd bij arrest nr. 165.787 van de Raad van State d.d. 12 december 2006.

Rechtsbijstandverzekeraar Euromex komt niet tussen omdat de insolventieclausule enkel schade dekt die uit verkeersongevallen voortspruit. Dat deze clausule een beperkte draagwijdte heeft staat evenwel volledig los van de procedurekosten en expertisekosten die de rechtsbijstandverzekeraar in principe moet ten laste nemen.

Gelet op het subsidiariteitsbeginsel, dat vervat ligt in artikel 31bis, § 1, 5° van voormelde wet, dient de Commissie bij de toekenning van een hulpbedrag rekening te houden met de door verzoeker genoten afbetalingen door de veroordeelden.

In die omstandigheden wordt vastgesteld dat verzoeker reeds substantieel vergoed werd voor de geleden schade en kan de Commissie niet anders dan het verzoek als ongegrond afwijzen.

*

* *

OP DIE GRONDEN,

De Commissie,

Gelet op:

- de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken;

- de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, laatst gewijzigd bij wet van 30 december 2009;

- het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 7 december 2006,

Verklaart het verzoek ontvankelijk doch ongegrond.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 28 september 2012.

De plv. secretaris, De voorzitter,

B. VAN BEURDEN P. DE SMET

Vrije woorden

  • Verzoekschrift, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 16 februari 2012 waarbij verzoeker om de toekenning heeft gevraagd van een financiële hulp voor schade als gevolg van een opzettelijke gewelddaad.