- Beslissing van 9 oktober 2012

09/10/2012 - M12-1-0391/8884

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1

Beslissing - Integrale tekst

(...)

I. Feiten

" De minderjarige Emily X. (16 jaar) ging tot de feiten van 13 december 2010 op enkele diverse avonden babysitten voor het kind in het gezin van betichte.

Naar aanleiding van dit babysitten in de nacht van 12 op 13 december 2010, maakte de betichte zich in de vroege morgen van zondag 13 december 2009 schuldig aan verkrachting, minstens aanranding van de eerbaarheid.

De feiten deden zich voor toen Emily X. bleef overnachten en nadat de betichte rond 3 uur in de ochtend met zijn partner was thuisgekomen.

Betichte slaagde er in zijn slachtoffer in haar diepe slaapt eerst te betasten en haar kledij naar beneden te trekken en vervolgens seksuele handelingen te stellen die resulteerden in een zaadlozing op het lichaam van zijn slachtoffer.

Tegen 05 uur in de ochtend ontwaakte en raakte het slachtoffer gewaar van de feiten toen zij vaststelde dat op haar onderrug semen zat.

Vermits betichte als enige man het pand aanwezig was en zij hem in de kamer zag staan was duidelijk dat hij de enige mogelijke dader kon zijn.

Zij raakte totaal overstuur en ontvluchte in alle staten het pand, en belde haar vriend op, die onmiddellijk ter plaatse kwam en zich over haar ontfermde.

s' Middags lichtte zij haar moeder in waarna onmiddellijk klacht werd ingediend.

De aanwezige politiediensten telden nog vast dat het slachtoffer ook dan nog aan het wenen was uit pure onmacht. De confrontatie was voor het slachtoffer een bijzonder pijnlijke ervaring. "

II. Vervolging

Bij vonnis dd. 1 februari 2011 van de rechtbank van eerste aanleg te ... werden onder meer de volgende tenlasteleggingen bewezen geacht in hoofde van de genaamde Nick Z.

(° 1989), en waarvoor deze veroordeeld werd tot 2 jaar gevangenisstraf met uitstel onder probatievoorwaarden

"Te ... op 13 december 2009:

A. Bij inbreuk op de artikelen 100 ter, 375 lid 1, 2 en 4, 377 lid 1 en 4, 378 en 483 van het Strafwetboek, de misdaad van verkrachting te hebben gepleegd, zijnde elke daad van seksuele penetratie van welke aard en met elk middel ook, gepleegd op een persoon die daar niet in toestemt, wanneer met name de daad is opgedrongen door middel van geweld, dwang of list of mogelijk is gemaakt door een onvolwaardigheid of een lichamelijk of een geestelijk gebrek van het slachtoffer, de misdaad gepleegd zijnde op de persoon van een minderjarige boven de volle leeftijd van

zestien jaar, met name op X. Emily, geboren te ... op ../../1993, met de omstandigheid dat de schuldige behoorde tot degenen die over het slachtoffer gezag hebben.

B. 1. Bij inbreuk op de artikelen 100 ter, 373 lid 1 en 2, 374, 377 lid 1 en 2, 378 en 483 van het Strafwetboek, aanranding van de eerbaarheid met geweld of bedreiging gepleegd te hebben op de persoon van een minderjarige boven de volle leeftijd van zestien jaar met de omstandigheid dat de schuldige behoorde tot degenen die over het slachtoffer gezag hebben:

1. te ... in de periode van 31 oktober 2009 tot 8 november 2009, op een niet nader te bepalen tijdstip :

met name op X. Emily, geboren te ... op ../../1993,

B.2. [...]

B.3. [...] "

Op burgerlijk vlak werd Z. bij zelfde vonnis veroordeeld tot betaling aan verzoekster de hoofdsom van ex aequo et bono euro 4.000 voor morele schade meer de intresten en een RPV van

euro 900.

Dit vonnis bekwam kracht van gewijsde (attest griffie).

III. Gevolgen van de feiten

Nota BP:

" Morele schade voor het slachtoffer.

Het weze duidelijk dat het echte leed werd aangedaan aan de minderjarige Emily X..

De feiten hebben een grote morele smet gemaakt op haar.

Gezien haar jonge leeftijd is zij eensklaps een aantal illusies armer geworden, en is zij geconfronteerd met een boosaardigheid die haar vroeger totaal vreemd was.

Dat heeft blijvende gevolgen op haar karakter en levenskwaliteit.

Hoe lang zij hiermee zal geconfronteerd blijven is niet te voorspellen.

Zij kreeg slachtofferhulp aangeboden, doch meende de feiten zelf wel aan te kunnen en te verwerken.

De morele klap is even later gekomen, en was des te harder.

Zoals hierboven aangegeven zijn de feiten nog steeds niet verwerkt, en draagt het slachtoffer nog steeds de mentale sporen van wat gebeurd is.

Voor verkeersslachtoffers kan worden teruggevallen op zgn. indicatieve tabellen.

Voor slachtoffers van seksueel geweld bestaan geen tabellen.

Zoals de actualiteit jammer genoeg dagelijks aantoont, dragen de slachtoffers dit aangedane leed soms hun hele leven met zich mee. "

* Een meer geactualiseerde schets van Emily's toestand werd op 7 september 2012 bezorgd door haar raadsman. Daaruit blijkt onder meer dat enerzijds de feiten nog niet verwerkt zijn, anderzijds dat zij voorlopig geen therapie wenst uit vrees om opnieuw met de feiten te worden geconfronteerd die zij zo snel mogelijk wil vergeten.

IV. Mogelijkheden tot schadeloosstelling

IV-1. De instrumenterende gerechtsdeurwaarder laat op 13/04/2012 weten dat er geen zinvolle uitvoeringsmogelijkheden zijn lastens de veroordeelde. Hij heeft 2 kleine betalingen (van 75 en 50 euro) verricht maar deze werden aangewend op de openstaande uitvoeringskosten. "In de eerste 24 maanden valt wellicht geen beschikbaar te verwachten".

IV-2. Verzoekster verklaart op geen enkele verzekeringstussenkomst te kunnen beroep doen.

V. Begroting van de gevraagde hulp

Verzoekster vraagt om de toekenning van een hulp van euro 4.900 conform het vonnis van 01/02/2011.

In haar schriftelijke reactie van 7 september 2012 stelt zij zich tevens te gedragen naar de wijsheid van de Commissie nopens de begroting van de hulp.

VI. Beoordeling door de Commissie

Het verzoekschrift aan de Commissie werd aanvankelijk ingeleid door mevrouw Y. qualitate qua Emily X.. Aangezien Emily X. meerderjarig is werd geacteerd dat het verzoek door haar werd ingediend in eigen naam.

In die omstandigheden dient het verzoekschrift te worden beschouwd als regelmatig naar de vorm. Het werd tevens tijdig neergelegd.

De wetgeving betreffende de hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 nageleefd te worden.

Uit artikel 33, § 1 van de wet van 1 augustus 1985 blijkt dat het bedrag van de hulp naar billijkheid wordt bepaald. Volgens de voorbereidende werken is die beoordeling naar billijkheid zelfs het basisbeginsel van het stelsel (Parl.St., Senaat 1984-85 nr. 873/2/1°,8). Dit uitgangspunt verleent aan de Commissie een appreciatiebevoegdheid, zowel inzake de opportuniteit van de toekenning van een financiële hulp als inzake de bepaling van de omvang van het hulpbedrag.

Rekening houdend met alle omstandigheden van de zaak, zoals hierboven geschetst, meent de Commissie aan verzoekster het gevraagde hulpbedrag van euro 4.900 zonder meer te kunnen toekennen.

*

* *

OP DIE GRONDEN,

De Commissie,

Gelet op:

- de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken;

- de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, laatst gewijzigd bij wet van 30 december 2009;

- het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 7 december 2006,

Verklaart het verzoek ontvankelijk en kent verzoekster een hulp toe van euro 4.900.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 9 oktober 2012.

De plv. secretaris, De voorzitter,

B. VAN BEURDEN C. DELESIE

Vrije woorden

  • Verzoekschrift, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 17 april 2012 waarbij verzoekster om de toekenning heeft gevraagd van een financiële hulp voor schade als gevolg van een opzettelijke gewelddaad.