- Beslissing van 27 februari 2014

27/02/2014 - M12-5-0926

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1

Beslissing - Integrale tekst

(...)

I. Feiten

Tussen 1 november 2005 en ../../2010 werd verzoekster te ..., te ... en te ... herhaaldelijk seksueel misbruikt door de heer Jan Z. (° 1953), de nieuwe partner van de moeder van verzoekster.

In een toelichtende nota bij het verzoekschrift vinden we volgend feitenrelaas:

"De feiten namen een aanvang rond de dertiende verjaardag van Elke, toen zij door Z. regelmatig intiem gemasseerd werd, betast werd, bij hem in bed diende te gaan liggen, zijn geslachtdeel diende vast te nemen, verplicht werd om naar pornofilms te kijken.

Later werd Elke door Z. ontmaagd in een door deze laatste gehuurd kelderappartement.

Z. kocht een webcam en verplichtte Elke om zich voor deze webcam uit te kleden, mannen op te winden en zichzelf te masturberen. Elke moest hem dan masturberen of hij had seksuele betrekkingen met haar.

Als vergoeding kreeg zij belwaarde voor haar GSM...

Hoe langer hoe meer had Z. seksuele betrekkingen met Elke, zeker tweemaal was de moeder van Elke, mevrouw KEGELS daar ook bij betrokken.

Het ging zowel over orale betrekkingen als vaginale penetratie.

Deze handelingen zijn dus pas gestopt toen Elke, kort na haar achttiende, apart is gaan wonen."

II. Vervolging

Op 28 februari 2011 stelde verzoekster zich bij de onderzoeksrechter te ... burgerlijke partij lastens de heer Jan Z..

Deze laatste werd gedagvaard voor de Correctionele rechtbank te ... om te verschijnen op de zitting van 10 januari 2012 wegens verkrachting, aanranding van de eerbaarheid en aanslag tegen de zeden van een minderjarige.

Daags vóór die zitting, dus op 9 januari 2012, pleegde de heer Z. zelfmoord.

Aldus werd een beslissing tot verval van de strafvordering uitgesproken (vonnis van de Correctionele rechtbank te ... d.d. 7 februari 2012).

III. Gevolgen van de feiten

Verzoekster volgt tot op heden therapie bij mevrouw Suzanne K. (a rato van 1 sessie om de week of om de twee weken). Kostprijs: euro 50 per sessie.

Ze heeft wellicht een meer doorgedreven therapie nodig, maar zowel de moed als de tijd ontbreken haar daartoe.

In het verzoekschrift staat te lezen dat, mocht de Commissie een medisch-psychiatrisch expertiseonderzoek van verzoekster noodzakelijk achten, verzoekster daartoe haar volle medewerking zal verlenen, maar dat zij, gelet op de aard van de feiten, geenszins vragende partij is.

IV. Mogelijkheden tot schadeloosstelling

De heer Z. overleed vooraleer hij kon worden veroordeeld. Zijn twee dochters en zijn kleinkinderen verwierpen zijn nalatenschap (zijn handelszaak was al in faling gegaan).

Luidens het verzoekschrift beschikt verzoekster niet over enige verzekering die de geleden schade dekt.

V. Begroting van de gevraagde hulp

Verzoekster vraagt om de toekenning van een hulp van euro 62.000, zijnde het wettelijk plafond.

De totale schade wordt geraamd op euro 100.000.

Het gevraagde hulpbedrag dekt niet alleen de morele schade, maar tevens de materiële gevolgen van het misbruik (inkomstenverlies gedurende de ganse professionele loopbaan van verzoekster gelet op haar beperkte schoolse opleiding, de blijvende weerslag hierop voor haar tewerkstellingskansen, blijvende noodzaak van therapieën, seksuele schade, genoegenschade, verplaatsings- en administratiekosten,...).

VI. Beoordeling door de Commissie

Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd.

De wetgeving betreffende de hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen nageleefd te worden.

Bij de beoordeling van het voorliggend hulpverzoek houdt de Commissie rekening met:

- de aard en de ernst van de feiten (gekwalificeerd als verkrachting, aanranding van de eerbaarheid en aanslag tegen de zeden van een minderjarige);

- de jeugdige leeftijd van het slachtoffer;

- de verzwarende omstandigheid die erin bestaat dat de zedenfeiten zich gedurende meerdere jaren nagenoeg dagdagelijks voordeden binnen het gezin;

- de ernstige (psychische) gevolgen voor verzoekster, zoals zij blijken uit de neergelegde stukken alsook uit de mondelinge toelichting verstrekt ter zitting van de Commissie;

- de nood aan een intensieve therapie, zoals toegelicht ter zitting;

- de gemiste ontplooiingsmogelijkheden, onder meer op school;

- het feit dat de gerechtelijke procedure ingevolge de zelfmoord van de dader op een abrupte wijze werd beëindigd, hetgeen het verwerkingsproces voor verzoekster uiteraard bemoeilijkt.

Gelet op die omstandigheden kent de Commissie voor de morele schade en de therapiekosten in billijkheid een globale hulp toe van euro 45.000.

OP DIE GRONDEN,

De Commissie,

Gelet op:

- de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken;

- de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, laatst gewijzigd bij wet van 30 december 2009;

- het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 7 december 2006.

Verklaart het verzoek ontvankelijk en kent een hulp toe van euro 45.000.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 27 februari 2014.

De secretaris, De voorzitter,

G. VAN DEN ABBEELE L. VULSTEKE

Vrije woorden

  • Verzoekschrift, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 28 september 2012, waarbij verzoekster om de toekenning heeft gevraagd van een financiële hulp, voor schade als gevolg van een opzettelijke gewelddaad.