- Arrest van 24 januari 2013

24/01/2013 - 5/2013

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1

Het Hof zegt voor recht :

Artikel 2, § 1, zesde lid, van de wet van 31 december 2003 houdende invoering van een eenmalige bevrijdende aangifte schendt de artikelen 10, 11 en 172 van de Grondwet in zoverre het de verplichting oplegt dat de herinvestering van de in artikel 2, § 1, eerste lid, 2°, van dezelfde wet bedoelde tegoeden gedurende drie jaar vanaf de aangifte moet worden verricht in roerende waarden bedoeld in artikel 2, 1°, a) tot d), van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten, met uitsluiting van herinvestering in onroerend goed.


Arrest - Integrale tekst

Vrije woorden

  • Prejudiciële vraag betreffende de artikelen 2, § 1, 4, § 2, en 10, eerste lid, van de wet van 31 december 2003 houdende invoering van een eenmalige bevrijdende aangifte, gesteld door de Rechtbank van eerste aanleg te Brussel. Fiscaal recht

  • Inkomstenbelastingen

  • Eenmalige bevrijdende aangifte

  • Vervreemding van roerende tegoeden vóór het verstrijken van de termijn van drie jaar

  • 1. Roerende tegoeden op onregelmatige wijze bewaard in België

  • Herinvestering in roerende vorm

  • 2. Roerende tegoeden op onregelmatige wijze bewaard in het buitenland

  • Herinvestering in roerende of onroerende vorm.