- Arrest van 31 juli 2013

31/07/2013 - 116/2013

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1

Het Hof zegt voor recht :

In zoverre het de verkeersongevallen waarbij een voertuig is betrokken dat op een spoorweg rijdt die volledig is afgezonderd van het verkeer op de plaatsen bedoeld in artikel 2, § 1, van de wet van 21 november 1989 betreffende de verplichte

aansprakelijkheidsverzekering inzake motorrijtuigen, wanneer het slachtoffer van het ongeval een passagier van dat voertuig is, niet uitsluit van de regeling van de automatische vergoeding, schendt artikel 29bis, § 1, tweede lid, van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 19 januari 2001, de artikelen 10 en 11 van de Grondwet niet.


Arrest - Integrale tekst

Vrije woorden

  • Prejudiciële vragen over artikel 29bis, § 1, tweede lid, van de wet van 21 november 1989 betreffende de verplichte aansprakelijkheidsverzekering inzake motorrijtuigen, zoals dat artikel werd gewijzigd bij artikel 2 van de wet van 19 januari 2001 tot wijziging van diverse bepalingen betreffende de regeling inzake automatische vergoeding van de schade, geleden door zwakke weggebruikers en passagiers van motorrijtuigen, gesteld door de Politierechtbank te Brussel. Verzekeringsrecht

  • Aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen

  • Automatische vergoeding van de slachtoffers van verkeersongevallen

  • Toepassingsgebied

  • Ongevallen die zich voordoen binnen een aan een spoorweg gebonden motorrijtuig terwijl het voertuig zich bevindt op een plaats die volledig afgezonderd is van het verkeer.