- Arrest van 9 januari 2013

09/01/2013 - 2012/PGA/1568

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1

Indien de gemiddelde hoogte van de sparren 4 meter bereikte en die bomen minstens ongeveer 26 à 27 jaar oud waren, kan niet worden voorgehouden dat de aanplantingen uitsluitend bestemd waren voor de verkoop als kerstboom.

Het perceel met dergelijke sparren voldoet aan de omschrijving als bos ondermeer omdat het gelegen is in de uitbreidingsperimeter van een natuurreservaat.

Wie een perceel zelfs in agrarisch gebied gebruikt als bos en na de ontbossing geen bedoeling heeft om te herbebossen, is strafbaar wegens het wijzigen van gebruik.

Een schriftelijk, duidelijk en negatief antwoord van het agentschap Bos en Natuur en het loutere feit dat nadien geen andere briefwisseling meer werd gevoerd, kan niet het vermoeden doen ontstaan dat hun eerdere stellingname zou gewijzigd zijn, zodat de onoverkomelijke dwaling niet kan worden aangenomen.


Arrest - Integrale tekst

Het Hof van Beroep, zitting houdende op 9 januari 2013

te Antwerpen, 12e kamer

(...)

Tevergeefs betwisten beklaagden dat kwestieus perceel als bos diende beschouwd te worden in de zin van artikel 3 §§ 1 en 2 van het Bosdecreet nu het perceel als zodanig door beklaagden zelf beschouwd werd wat blijkt uit hun brief van 8 oktober 2008 ("+/- 30 jarig sparrenbos ... dat wilde ontbossen zonder te herbebossen"). Dat het, zoals zij voorhouden in conclusie, zou gaan om aanplantingen met naaldbomen die uitsluitend bestemd zijn voor de verkoop als kerstboom, is niet aan te nemen nu enerzijds zulks uit geen enkel objectief stuk blijkt (de eenzijdige schriftelijke verklaringen voorgelegd door beklaagden beantwoorden niet aan zulkdanig criterium) en anderzijds een dergelijke aanplanting niet langer geacht wordt aan deze voorwaarde te voldoen wanneer de gemiddelde hoogte van het bestand 4 meter heeft bereikt wat dient aangenomen voor de bomen waarvan hier sprake en die minstens ongeveer 26 à 27 jaar oud waren. Hiervoor kan verwezen worden naar de luchtfoto's in het dossier waarop duidelijk een volgroeid en aaneengesloten bos te zien is.

De aanplanting van sparren op het kwestieuze perceel voldoet derhalve aan de omschrijving als bos, zijnde een grondoppervlakte waarvan de bomen en de houtachtige struikvegetaties het belangrijkste bestanddeel uitmaken, waartoe een eigen fauna en flora behoren en die één of meer functies vervullen, ondermeer ecologische, organismebeschermende evenals milieubeschermende functies omdat het gelegen is in de uitbreidingsperimeter van het Vlaamse natuurreservaat Zoerselbos.

De eerste rechter achtte terecht ongeloofwaardig de verklaring van beklaagden voorgehouden in de brief van hun toenmalige raadsman d.d. 9 december 2008 dat de bomen eerst op een wachtbed hadden gestaan en nadien pas in 1986/1987 zouden zijn aangeplant geworden op het kwestieuze perceel en dat zij in hun brief van 8 oktober 2008 de leeftijd van de bomen hadden vermeld. Uit de duidelijke en niet mis te verstane bewoordingen van deze laatste brief die als het ware in 'tempore non suspecto' werd geschreven blijkt dat het wel degelijk ging om de aanplanting in 1981-1982 'Het perceel is gelegen in agrarisch gebied, werd beplant met epiceas (kerstbomen) mogelijk eind 1981 maar zeker in het voor- en najaar 1982' (onderlijning door het hof) zodat even verder terecht werd gesproken over een '+/- 30 jarig sparrenbos'. De door beklaagden voorgelegde foto's (stukken 78/79) ondersteunen de beweringen van beklaagden geenszins nu eruit niet op te maken valt waar en wanneer deze foto's genomen werden. Bovendien blijkt daaruit op geen enkele wijze of en zo ja, wanneer deze boompjes werden verplant en naar waar.

Met de eerste rechter wordt vastgesteld dat het hier wel degelijk gaat om ontbossing, zijnde iedere handeling waardoor een bos geheel of gedeeltelijk verdwijnt en aan de grond een andere bestemming of gebruik wordt gegeven. Het perceel, hoewel gelegen in agrarisch gebied, werd gebruikt als bos en na de ontbossing hadden beklaagden (en hebben nog steeds) niet de bedoeling om te herbebossen (zie o.m. hun brief van 8 oktober 2008 en de verklaring ter terechtzitting). Het gebruik werd aldus gewijzigd.

Beklaagden beroepen zich dan ook tevergeefs op artikel 87 lid 5 van het Bosdecreet dat enkel spreekt van rooiing en mits het respecteren van de maximum ouderdom van 22 jaar van een bos dat overigens zonder enige geldige vergunning of melding werd aangelegd.

Tevergeefs beroepen beklaagden zich op een onoverkomelijke dwaling. Het negatieve antwoord van het agentschap Bos en Natuur bij brieven van 10 oktober 2008 en 9 januari 2009 laten aan duidelijkheid niets te wensen over en het loutere feit dat nadien geen andere briefwisseling meer werd gevoerd kan niet het vermoeden doen ontstaan dat hun eerdere stellingname zou gewijzigd zijn.

(...)

Vrije woorden

  • Ontbossen

  • Definitie van een bos

  • Kerstbomen

  • Herbebossingsintentie

  • Misdrijf gebruikswijziging

  • Onoverkomelijke dwaling.