- Arrest van 15 januari 2013

15/01/2013 - 2009AR276

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1

Een normaal zorgvuldige en omzichtige notaris vordert een hypothecaire inschrijving binnen een korte termijn, en zo nodig binnen een heel korte termijn. Hij zorgt er tevens voor dat de borderellen voldoende precies en nauwkeurig zijn geformuleerd. Deze beroepsplichten gelden ook bij een notariële akte houdende een pandwisseling of hypotheekverandering.


Arrest - Integrale tekst

ARREST

Het Hof van Beroep te BRUSSEL, eerste kamer, na beraadslaging, spreekt volgend arrest uit :

Rep. Nr. 2013/

A.R. nr. 2009/AR/276

INZAKE VAN :

De naamloze vennootschap CENTEA, waarvan de maatschappelijke zetel gevestigd is te 2018 ANTWERPEN, Mechelsesteenweg 180, Ingeschreven in het register der kruispuntbank der ondernemingen onder het nummer 0404.477.528,

appellante tegen een vonnis uitgesproken door de rechtbank van eerste aanleg te Brussel op 25 november 2008,

vertegenwoordigd door Meester Stefaan CLOET, advocaat te 1190 BRUSSEL, Verbindingslaan 35,

1ste kamer

TEGEN :

1) De naamloze vennootschap FORTIS BANK, waarvan de maatschappelijke zetel gevestigd is te 1000 BRUSSEL, Warandeberg 3, Ingeschreven in het register der kruispuntbank der ondernemingen onder het nummer 0403.199.702,

2) De naamloze vennootschap FORTIS INSURANCE INSURANCE, voorheen FB-VERZEKERINGEN, waarvan de maatschappelijke zetel gevestigd is te 1000 BRUSSEL, Emile Jacqmainlaan 53, Ingeschreven in het register der kruispuntbank der ondernemingen onder het nummer 0248.196.274

geïntimeerden, vertegenwoordigd door Meester Marc VAN EECKHOUDT, advocaat te 1082 BRUSSEL, Dr. Schweitzerplein 18,

3) De heer X. Y., notaris Z.,

geïntimeerde, vertegenwoordigd door Meester Bernard DERVEAUX loco Meester Jean GOEMAERE, advocaat te 1060 BRUSSEL, Charleroisteenweg 136 bus 5,

PANDWISSELING OF HYPOTHEEKVERANDERING.

BEROEPSAANSPRAKELIJKHEID VAN DE NOTARIS IN VERBAND MET DE INSCHRIJVINGSBORDERELLEN.

Een normaal zorgvuldige en omzichtige notaris vordert een hypothecaire inschrijving binnen een korte termijn, en zo nodig binnen een heel korte termijn. Hij zorgt er tevens voor dat de borderellen voldoende precies en nauwkeurig zijn geformuleerd. Deze beroepsplichten gelden ook bij een notariële akte houdende een pandwisseling of hypotheekverandering.

De notaris dient tevens zijn wettelijke beroepsplicht van nauwgezetheid vervat in artikel 47 van de Organieke wet op het notarisambt van 25 ventôse Jaar XI (16 maart 1803) na te leven bij de inhoudelijke formulering de borderellen die hij opmaakt. Het is de taak van de notaris om het borderel zo op te stellen dat het overeenstemt met de wil van de partijen zoals die blijkt uit de akten.

_________________________________________________________

Gelet op de stukken van de rechtspleging, inz.:

- het vonnis van de rechtbank van eerste aanleg te Brussel (21ste kamer), na tegenspraak uitgesproken op 25 november 2008, waarvan geen betekening wordt voorgelegd;

- het verzoekschrift tot hoger beroep, op 2 februari 2009 ter griffie neergelegd;

- de syntheseconclusie van appellante, op 1 juni 2010 ter griffie neergelegd;

- de syntheseconclusie van geïntimeerden N.V. Fortis Bank en N.V. AG Insurance, op 30 juli 2010 ter griffie neergelegd;

- de syntheseconclusie van geïntimeerde Y., op 4 oktober 2010 ter griffie neergelegd.

Gehoord de advocaten van partijen ter openbare terechtzitting van 26 november 2012 en gelet op de stukken die zij neerlegden.

I. Procedure

1. Appellante stelt hoger beroep in tegen het bestreden vonnis dat (1) de oorspronkelijke vordering van geïntimeerden N.V. Fortis Bank en N.V. AG Insurance, voorheen N.V. Fortis Insurance Belgium, ingesteld bij proces-verbaal van vrijwillige verschijning van 22 april 2005, gegrond verklaart, (2) de vordering in vrijwaring van Fortis tegen geïntimeerde Y. ongegrond verklaart, (3) voor recht verklaart dat de N.V. Fortis Bank en N.V. Fortis Insurance Belgium na betaling van 286.694,29 euro door notaris R. als eerste ingeschreven schuldeiser, terecht aanspraak maken op het bedrag van 73.601,71 euro, vermeerderd met de interest op dit bedrag, (4) de N.V. Centea veroordeelt tot de gerechtskosten in hoofde van N.V. Fortis Bank en N.V. Fortis Insurance Belgium en appellante verwijst in haar eigen gerechtskosten en (5) de N.V. Fortis Bank en N.V. Fortis Insurance Belgium veroordeelt tot de gerechtskosten in hoofde van de heer Y..

2. Appellante vordert met de hervorming van het bestreden vonnis, om de oorspronkelijke vordering van geïntimeerden N.V. Fortis Bank en N.V. Fortis Insurance Belgium ongegrond te verklaren, met veroordeling van deze partijen in alle kosten.

Zij vraagt voor recht te zeggen dat de eerste ranginschrijving ten gunste van de N.V. Fortis Bank op het pand gelegen te Brussel, 15de afdeling, Emile Bockstaellan 76-78, genomen op 20 september 2000 de som beloopt van 271.820,67 euro in hoofdsom, te verhogen met drie jaar interest waarvan de rang gewaarborgd wordt door de wet en een bedrag van 14.873,61 euro voor aanhorigheden.

Zij vraagt verder voor recht te zeggen dat de tweede ranginschrijving ten gunste van N.V. Centea, op hetzelfde pand, genomen op 16 december 2002, de som beloopt van 75.000 euro in hoofdsom, te verhogen met drie jaar interest waarvan de rang gewaarborgd wordt door de wet en een bedrag van 7.500,00 euro voor aanhorigheden.

Zij vraagt ten slotte de veroordeling van de N.V. Fortis Bank en N.V. AG Insurance tot betaling van de gerechtskosten van beide aanleggen.

Het hoger beroep werd tijdig en regelmatig ingesteld en is ontvankelijk.

3. Geïntimeerden N.V. Fortis Bank en N.V. AG Insurance besluiten tot de ongegrondheid van het hoger beroep, met veroordeling van appellante tot betaling van alle gerechtskosten.

Zij stellen incidenteel beroep in waarbij zij ondergeschikt de veroordeling vorderen van geïntimeerde Y. tot betaling aan hen van 73.601,71 euro, vermeerderd met verwijlinterest vanaf 6 juli 2004, de gerechtelijke interest en de kosten.

4. Geïntimeerde X. Y. besluit tot de ongegrondheid van het hoofdberoep en van het incidenteel beroep, met veroordeling van N.V. Fortis Bank en N.V. Fortis Insurance Belgium tot betaling van de gerechtskosten.

II. Relevante feitelijke gegevens

5. Het geschil betreft de verdeling onder partijen Centea enerzijds en Fortis anderzijds van het saldo van de opbrengst van een verkoop van onroerend goed waarop beide vermelde partijen aanspraak maken op grond van een hypothecaire inschrijving.

6. Bij akte van ongekende datum, verleden voor notaris B. R. te S., heeft de heer H. L. een onroerend goed, gelegen te Brussel, 15de afdeling, , voor de prijs van 360.296 euro verkocht.

Notaris R. stortte een deel van de prijs, meer bepaald 286.694,29 euro, aan Fortis, in dier hoedanigheid van eerste ingeschreven schuldeiser, en blokkeerde op een rubriekrekening het saldo van 73.601,71 euro in afwachting van de regeling van het geschil tussen Fortis en Centea over hun respectieve aanspraken op het saldo op grond van hierna geschetste situatie.

7. De ASLK-Bank alsmede de ASLK Verzekeringen (thans Fortis) hadden bij akte van 11 juni 1997, verleden voor notaris J. te H., een krediet ten belope van 5.000.000 BEF(123.946,76 euro) aan de heer H. L. toegekend, mits een hypothecaire inschrijving voor 5.000.000 BEF, plus 3 jaar interest en kosten, samen 250.000 BEF, in eerste rang te nemen op een onroerend goed te Antwerpen....

Op 24 juni 1997 werd het hypothecair voorrecht op het tweede hypotheekkantoor te Antwerpen ingeschreven.

8. Bij notariële akte van 21 januari 2000, verleden voor notaris X. Y., heeft Fortis (1) een hypotheekoverdracht aanvaard, in die zin dat de hypothecaire inschrijving op het pand te Antwerpen..., overgedragen werd op een ander pand eigendom van de heer H. L., gelegen te Brussel, 15de afdeling,... en (2) vervolgens een kredietverhoging toegestaan van 10.965.219 BEF (271.820,68 euro) "die een geheel zal uitmaken met de vorige kredietverlening van 5.000.000 BEF en die daardoor gebracht wordt op 15.965.219 BEF" (395.767,44 euro), eveneens mits een hypothecaire inschrijving voor samen 10.965.219 BEF, plus 3 jaar interest en kosten, hetzij samen 11.965.219 BEF, in eerste rang te nemen op het onroerend goed te Brussel....

Deze kredietverhoging en pandwisseling werden op 20 september 2000 ingeschreven op het derde hypotheekkantoor te Brussel. Het inschrijvingsborderel van 20 september 2000 voor de derde hypotheekkantoor Brussel, opgemaakt door notaris X. Y., maakt letterlijk alleen gewag van de kredietopening voor 10.965.219 BEF + drie jaar intrest en accessoria ten belope van 600.000 BEF. Op 20 september 2000 heeft de hypotheekbewaarder deze inschrijving uitgevoerd.

Op 13 januari 2003 werd de hypotheekoverdracht van het pand te Antwerpen...naar het pand te Brussel overgeschreven op het derde hypotheekkantoor te Brussel, en toen voor een bedrag van 5.000.000 BEF (123.946,76 euro), plus 265.000 BEF (6.569,18 euro). Het inschrijvingsborderel dateert van 7 januari 2003.

9. Bij notariële akte van 19 november 2002, verleden voor notaris V. te G., verleende Centea een kaskrediet tot beloop van 75.000 euro aan de BVBA Houthandel E & H, gewaarborgd door een hypothecaire inschrijving in tweede rang op het onroerend goed van de zaakvoerder van de BVBA, de heer H. L., en gelegen te Brussel,....

Er volgde op 16 december 2002 een inschrijving van dit hypothecaire recht op het derde hypotheekkantoor te Brussel voor het bedrag van 75.000 euro in hoofdsom plus 7.500 euro accessoria.

10. Centea liet op 24 februari 2004 een bevel overschrijven op het derde hypotheekkantoor te Brussel nopens het pand te Brussel, ..., waarna het pand, zoals hierboven uiteengezet, vrijwillig verkocht werd voor de prijs van 360.296 euro.

11. Centea erkent slechts de inschrijving in eerste rang van Fortis voor het bedrag in hoofdsom van 271.826,74 euro (10.965.219 BEF) om reden dat de eerste inschrijving op dat pand slechts genomen werd ten belope van dit bedrag van 10.965.219 BEF in hoofdsom plus 600.000 BEF aan toebehoren, of samen 11.565.219 BEF, zijnde het niet betwiste bedrag van 286.694,29 euro dat notaris R. aan Fortis heeft gestort.

12. Centea en Fortis hebben hun wederzijdse vorderingen bij proces-verbaal van vrijwillige verschijning van 22 april 2005 ingesteld.

Fortis dagvaardde notaris Y. in gedwongen tussenkomst bij exploot van 17 januari 2006 en vorderde betaling van 75.000 euro plus interest wegens laattijdige inschrijving in het derde hypotheekkantoor te Brussel.

III. Bespreking

1°. Het principaal hoger beroep

13. De eerste rechter heeft uit de akten en inschrijvingen afgeleid dat Fortis wel degelijk beschikte over een hypothecaire inschrijving op het litigieus onroerend goed ten belope van 5.000.000 BEF + 256.000 BEF + 10.965.219 BEF + 600.000 BEF, hetzij samen 16.830.219 BEF of 417.210,23 euro, zodat Fortis terecht aanspraak maakte op de gehele opbrengst van de verkoop en recht had op het geblokkeerde saldo.

Notaris Y. had bijgevolg volgens de eerste rechter geen tekortkoming begaan en de vordering tegen hem werd afgewezen.

14. Voor het bijkomende krediet van 10.965.219 BEF plus drie jaar intresten en kosten, hetzij samen 11.565.219 BEF, werd een hypothecaire inschrijving genomen op het onroerend goed gelegen te Brussel, op 20 september 2000, maar zonder dat er (uitdrukkelijk noch impliciet maar duidelijk) melding werd gemaakt, meer bepaald in het borderel d.d. 13 september 2000, opgemaakt door notaris Y., onder de rubriek IV ‘tot zekerheid van...", van het voormelde eerste toegestane krediet van 11 juni 1997 voor een hoofdsom van 5.000.000 BEF.

De hoofding zelf van het borderel van 13 september 2000 ‘Inschrijvingsborderel. Pandwisseling en kredietverhoging' impliceert geenszins dat de hypotheekbewaarder te Brussel (ambtshalve) een inschrijving diende te nemen voor het eerste toegestane krediet van 11 juni 1997. Het staat immers de schuldeiser vrij een inschrijving te nemen voor een bedrag dat kleiner is dan het bedrag van de bestaande schulden.

Het hof deelt dus de stelling van de eerste rechter niet alwaar hij oordeelt dat: "Nu in de titel zelf van dit inschrijvingsborderel blijkt dat dit betrekking heeft én op de akte van pandwisseling én op de kredietverhoging, diende duidelijk te zijn dat de inschrijving ook gold tot zekerheid van de oorspronkelijke kredietverlening van 5.000.000 BEF in kapitaal." (bestreden vonnis, p. 8). Het hof stelt dat dit niet uitdrukkelijk noch duidelijk werd gestipuleerd in het borderel, en dat dit evenmin ondubbelzinnig volgt uit het borderel, Romeins cijfer IV ervan.

Een pandwisseling of hypotheekverandering impliceert de vestiging van een hypotheek op een ander goed dan het oorspronkelijk gehypothekeerde goed en tevens de doorhaling van de inschrijving op het oorspronkelijk gehypothekeerde goed.

Artikel 83, 4° van de hypotheekwet inzake de wettelijke vereiste inhoud van de borderellen vereist, gelet op het principe van de specialiteit, dat de borderellen duidelijk en ondubbelzinnig bevatten: "Het bedrag van de hoofdsom en het toebehoren van de schuldvorderingen waarvoor inschrijving wordt gevorderd, en de tijd die voor hun betaling is bepaald". Immers, in het stelsel van de Belgische hypotheekwet moet de schuldvordering gespecialiseerd worden in de akte waardoor de hypotheek of het voorrecht worden gevestigd.

15. Het oordeel van de eerste rechter miskent aldus de bewijskracht van het borderel van 13 september 2000. Het gaat overigens hier niet om de uitlegging van de overeenkomst tussen de betrokken contracterende partijen overeenkomstig de artikelen 1156-1164 van het Burgerlijk Wetboek, maar wel over de (precieze) informatie aan het publiek die uit de inhoud van de hypotheekregisters dient te blijken, opgemaakt, wat de inschrijvingen betreft in het register der inschrijvingen, op basis van de borderellen.

16. Omtrent het eerste toegestane krediet van 5.000.000 BEF, stelt notaris X. Y. ten onrechte dat het aanleiding gaf tot een overbodige herhaalde inschrijving. De beide borderellen (van 13 september 2000 en 7 januari 2003) zijn, qua inhoud, verschillend opgesteld, op punt IV van elk van beide borderellen. De inhoud van beide borderellen dient vergeleken te worden:

• in het borderel van 13 september 2000 staat er onder punt IV: "TOT ZEKERHEID VAN: (a) een bedrag in hoofdsom van 10.965.219 BEF (b) drie jaar interest die de inschrijving in dezelfde rang wettelijk waarborgt tegen een maximum tarief van 20 % per jaar (c) een bedrag van 600.000 BEF in toebehoren (...) Totaal 11.565.219 BEF";

• in het borderel van 7 januari 2003 staat er onder punt IV: "TOT ZEKERHEID VAN: (a) een bedrag in hoofdsom van 5.000.000 BEF of 123.946,76 euro (b) drie jaar interest die de inschrijving in dezelfde rang wettelijk waarborgt tegen een maximum tarief van 20 % per jaar (c) een bedrag van 265.000 BEF of 6.569,18 euro in toebehoren (...) Totaal 5.265.000 BEF" of 130.515,94 euro.

Hieruit volgt dat het borderel van 13 september 2000, opgemaakt naar aanleiding van de akte pandwisseling en kredietverhoging, geen eerste rang aan Fortis verleent voor wat het oorspronkelijke krediet van 5.000.000 BEF in hoofdsom betreft, nu erin geenszins duidelijk en ondubbelzinnig staat dat de inschrijving erop gebaseerd, ook strekt tot zekerheid van: een bedrag in hoofdsom van 5.000.000 BEF + 3 jaar intresten + accessoria ten belope van 265.000,00 BEF.

17. De hypothecaire inschrijving in eerste rang op het onroerend goed te Brussel, kan Fortis slechts laten gelden tot beloop van 271.826, 74 euro (= 10.965.219 BEF) in hoofdsom, om reden dat de eerste inschrijving op dat pand te Brussel slechts genomen werd tot zekerheid van deze hoofdsom van 10.965.219 BEF plus 600.000 BEF als toebehoren, of samen 11.565.219 BEF, zijnde het niet-betwiste bedrag van 286.694, 29 euro, dat notaris B. R. aan Fortis heeft gestort.

NV Centea besluit bijgevolg terecht tot volgende rangorde van de inschrijvingen op het voormelde pand te Brussel:

- in eerste rang, ten gunste van Fortis bank, voor een bedrag in hoofdsom van 271.820, 67 euro, ingevolge de inschrijving op het derde hypotheekkantoor te Brussel, op 20 september 2000;

- in tweede rang, ten gunste van Centea NV, voor een bedrag in hoofdsom van 75.000,00 euro, ingevolge de inschrijving op het derde hypotheekkantoor te Brussel, op 16 december 2002;

- in derde rang, ten gunste van Fortis bank, voor een bedrag in hoofdsom van 123.946,76 67 euro, ingevolge de inschrijving op het derde hypotheekkantoor te Brussel, op 13 januari 2003.

Het hoger beroep is bijgevolg gegrond.

2°. Incidenteel beroep

18. De instrumenterende notaris moet de doelmatigheid van zijn notariële akte nastreven opdat het doel, dat de partijen met hun akte voor het oog hebben, zou gerealiseerd kunnen worden. De notaris heeft de verplichting ervoor te zorgen dat de akte normale uitwerking bekomt. Dit betreft in het bijzonder de bovenvermelde notariële akte pandwisseling - kredietopening de dato 21 januari 2000, en de inschrijvingen op het hypotheekkantoor en het opmaken van de borderellen.

In dit verband moet er worden opgemerkt dat de notaris, bij het opmaken en indienen van de borderellen tot inschrijving, conform artikel 83, eerste lid, (meestal) optreedt in uitvoering van een stilzwijgende volmacht van de schuldeiser. Deze opdracht van de notaris wordt in de praktijk dikwijls aangevuld met de opdracht op korte termijn tot de inschrijving over te gaan, en de schuldeiser vervolgens het hypothecaire getuigschrift te bezorgen waaruit blijkt dat dit gebeurd is. Wel is het zo dat de wetgever, voor de inschrijvingen, anders dan voor de vordering tot overschrijvingen (zie artikel 2, lid 2 Hyp. W.), geen termijn heeft bepaald waarbinnen de inschrijving moet worden gevorderd.

Wat de inschrijvingen betreft m.b.t. een akte van pandwisseling of hypotheekvervanging, dient de notaris op correcte wijze en tevens tijdig, de nodige inschrijving te nemen op het nieuwe of vervangende pand dat voortaan als zakelijke zekerheid zal gelden en dient hij te zorgen voor doorhaling van de inschrijving op het oorspronkelijk gehypothekeerde goed, dat voortaan niet meer als zekerheid zal gelden.

19. Te dezen heeft derde geïntimeerde als instrumenterende notaris, voor deze inschrijving op het nieuw gehypothekeerde goed (het voormelde pand gelegen te Brussel...) voortvloeiende uit de akte van hypotheekvervanging, kennelijk laattijdig de borderellen m.b.t. de hypotheekvestiging opgemaakt nu de inschrijving op het bevoegde hypotheekkantoor te Brussel, slechts daadwerkelijk werd voltrokken op 13 januari 2003, hoewel de notariële akte van de pandwisseling en van de kredietopening al van 21 januari 2000 dateerde. Met andere woorden is de notaris te dezen nalatig geweest nu tijdens deze termijn van ongeveer drie jaar, een andere inschrijving m.b.t. een ander krediet verleend door een andere geldschieter, heeft kunnen plaatsvinden.

De notaris is tevens niet nauwgezet geweest in de zin van zijn wettelijke beroepsplicht van nauwgezetheid vervat in artikel 47 van de Organieke wet op het notarisambt van 25 ventôse Jaar XI (16 maart 1803) bij de inhoudelijke formulering van het punt IV in diens borderel van 7 januari 2003. Het was de taak van de notaris om het borderel zo op te stellen dat het overeenstemde met de wil van de partijen zoals die bleek uit de akten .

Bij het opstellen van het inschrijvingsborderel van 13 september 2000 zowel als bij het nemen van de nodige hypothecaire inschrijving heeft notaris Y. dan ook niet gehandeld als een normaal zorgvuldige en omzichtige notaris die in dezelfde omstandigheden zou zijn geplaatst . De normaal zorgvuldige en omzichtige notaris zou immers de inschrijving binnen een korte termijn hebben gevorderd, en zo nodig binnen een heel korte termijn, en tevens zijn borderel preciezer en nauwkeuriger hebben geformuleerd.

Het incidenteel beroep is dan ook gegrond. Tweede geïntimeerde is gehouden om N.V. Fortis Bank en N.V. Fortis Insurance Belgium te vergoeden tot beloop van de som van 73.601,71 euro, vermeerderd met de verwijlinterest vanaf 6 juli 2004 en met de gerechtelijke interest vanaf 17 januari 2006, datum van de dagvaarding en de gerechtskosten.

3°. De gerechtskosten

20. De gerechtskosten van beide aanleggen betreffende de hoofdvordering worden ten laste gelegd van N.V. Fortis Bank en N.V. Fortis Insurance Belgium, zijnde de in het ongelijk gestelde partijen.

De gerechtskosten van beide aanleggen betreffende de vordering in tussenkomst worden ten laste gelegd van partij Y., zijnde de in het ongelijk gestelde partij.

Partijen begroten terecht de rechtsplegingsvergoeding op het basistarief zoals vastgesteld bij artikel 2 van het K.B. van 26 oktober 2007 .

Het basisbedrag bedraagt na indexatie 3.300 euro.

OM DEZE REDENEN,

HET HOF,

Rechtdoende op tegenspraak,

Gelet op artikel 24 van de wet van 15 juni 1935 betreffende het gebruik der talen in gerechtszaken;

Verklaart het hoger beroep ontvankelijk en in de volgende mate gegrond.

Hervormt het bestreden vonnis behoudens in zover het de vorderingen ontvankelijk verklaart en de gerechtskosten begroot.

Opnieuw rechtsprekend, zegt voor recht dat de eerste ranginschrijving ten gunste van de N.V. Fortis Bank op het pand gelegen te Brussel, ..., genomen op 20 september 2000 de som beloopt van 271.820,67 euro in hoofdsom, te verhogen met drie jaar interest waarvan de rang gewaarborgd wordt door de wet en een bedrag van 14.873,61 euro voor aanhorigheden.

Zegt verder voor recht dat de tweede ranginschrijving ten gunste van N.V. Centea, op hetzelfde pand, genomen op 16 december 2002, de som beloopt van 75.000 euro in hoofdsom, te verhogen met drie jaar interest waarvan de rang gewaarborgd wordt door de wet en een bedrag van 7.500,00 euro voor aanhorigheden.

Verklaart het incidenteel beroep ontvankelijk en als volgt gegrond.

Veroordeelt de heer X. Y. om aan N.V. Fortis Bank en N.V. Fortis Insurance Belgium samen de som van 73.601,71 euro te betalen, vermeerderd met de verwijlinterest vanaf 6 juli 2004 en met de gerechtelijke interest vanaf 17 januari 2006.

Legt de gerechtskosten van beide aanleggen ten laste van de heer X. Y..

...

Aldus gevonnist en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de burgerlijke eerste kamer van het hof van beroep te Brussel, op

15/01/2013

waar aanwezig waren en zitting hielden :

Astrid DE PREESTER, Voorzitter,

Evrard JANSSENS DE BISTHOVEN, Raadsheer,

Marc DEBAERE, Raadsheer,

bijgestaan door Viviane DE VIS, Griffier.

Vrije woorden

  • Hypotheekverandering. Pandwissel. Notariële akte. Inschrijvingborderellen. Rang. Aansprakelijkheid van notaris