Arrest van de Beslagrechter te Luik dd. 26.10.1994
- Sectie :
- Regelgeving
- Type :
- Belgian justice
- Subdomein :
- Fiscal Discipline
Samenvatting :
Invordering.,Bevoegdheid van de beslagrechter.,Revindicatie.
Originele tekst :
Voeg het document toe aan een map
()
om te beginnen met annoteren.
Fisconet
plus Version 5.9.23
Service Public Federal Finances |
|||||||
|
Arrest van de Beslagrechter te Luik dd. 26.10.1994
Document
Search in text:
Properties
Document type : Belgian justice Title : Arrest van de Beslagrechter te Luik dd. 26.10.1994 Tax year : 2005 Document date : 26/10/1994 Document language : NL Name : V 94/8 Version : 1 Court : appeal
ARREST V 94/8 Arrest van de Beslagrechter te Luik dd. 26.10.1994 Bull. nr. 756, pag. 63 Invordering. - Bevoegdheid van de beslagrechter. - Revindicatie. In geval van revindicatie beoordeelt de beslagrechter als bodemrechter soeverein de draagwijdte van de rechtvaardigingsstukken die hem worden voorgelegd, elk geval is immers bijzonder en vereist met name dat wordt nagegaan of er al dan niet collusie is tussen de beslagen schuldenaar en de revindicerende partij met het oog op het bevorderen of het organiseren van de insolvabiliteit van de eerste, ten nadele van de wettige belangen van de vervolgende schuldeiser. Invordering. - Bevoegdheid van de beslagrechter - Revindicatie. 26.10.1994 BESLAGRECHTER TE LUIK B. M.H. tegen Ontvanger der directe belastingen te Visé, B.R. en zijn echtgenote N.P. In geval van revindicatie beoordeelt de beslagrechter als bodemrechter soeverein de draagwijdte van de rechtvaardigingsstukken die hem worden voorgelegd, elk geval is immers bijzonder en vereist met name dat wordt nagegaan of er al of niet collusie is tussen de beslagen schuldenaar en de revindicerende partij met het oog op het bevorderen of het organiseren van de insolvabiliteit van de eerste, ten nadele van de wettige belangen van de vervolgende schuldeiser. Overwegende dat eiseres het eigendomsrecht opeist van de roerende goederen die op 11 juni 1993 zijn in beslag genomen op verzoek van de ontvanger der directe belastingen te Visé in het kader van een tenuitvoerlegging lastens verweerders B.-N.; Overwegende dat, in geval van revindicatie, de beslagrechter als bodemrechter soeverein de draagwijdte beoordeelt van de rechtvaardigingsstukken die hem worden voorgelegd, of het nu gaat om authentieke akten of om onderhandse akten, al of niet met vaste datum; elk geval is immers bijzonder en vereist met name dat wordt nagegaan of er al of niet collusie is tussen de beslagen schuldenaar en de revindicerende partij met het oog op het bevorderen of het organiseren van de insolvabiliteit van de eerste, ten nadele van de wettige belangen van de vervolgende schuldeiser (Jurisprudence du code judiciaire, artikel 1514, 8, C, 6, G. de Leval, Réflexions sur l'action en distraction, J.L., 1978-79, p. 14). Overwegende dat in casu, op grond van de voorgelegde stukken, te noteren valt dat : 1) de schuldenaars in een PVBA C. een drankgelegenheid uitbaatten in de rue Mosty 32 te Saive; deze handelszaak in verval raakte en de vennootschap failliet werd verklaard op 14 september 1992; 2) het meubilair van de schuldenaars op 3 september 1992 is verkocht op verzoek van de ontvanger van het tweede kantoor der directe belastingen te Luik; 3) de schuldenaars zich volledig berooid en zonder inkomsten zijn gaan vestigen bij eiseres, hun dochter, en de tussenkomst genieten van het O.C.M.W. te Blegny; 4) de schuldenaars sinds 1 januari 1994 te Jupille-sur-Meuse wonen, waar schuldenares het beroep van conciërge uitoefent, en over een gemeubelde woonst beschikken; 5) eiseres, van haar kant, op het ogenblik van bovenvermelde feiten sedert een tiental jaren gescheiden leefde van haar ouders; zij als onderwijzeres werkte en dus roerende goederen heeft kunnen verwerven; 6) zij huurster is van het huis gelegen aan de Chemin du Bois 1, te Saive sedert 1 januari 1992 en eigendomsbewijzen voorlegt voor een aantal van de in beslag genomen voorwerpen; Overwegende dat uit die beschouwingen duidelijk volgt dat het in beslag genomen meubilair eigendom is van eiseres, daar haar beroepsinkomsten gedurende 10 jaar haar in de mogelijkheid hebben gesteld om meubilair te verwerven, terwijl haar ouders, wier meubilair gerechtelijk werd verkocht in september 1992, niet de middelen (cf. O.C.M.W.) hebben gehad om er in de maand juni 1993 te verwerven; Overwegende dat de roerende insolvabiliteit van de schuldenaars niet het gevolg is van enige collusie met eiseres, maar wel van de verkoop van hun meubilair op verzoek van de belastingadministratie en van de afwezigheid van inkomsten; Om die redenen, Wij, J. Lamoureux, rechter in de Rechtbank van Eerste Aanleg te Luik, Beslagrechter in deze Rechtbank, bijgestaan door R. Bernaerts, griffier, Gelet op de wet van 15 juni 1935 betreffende het gebruik der talen in gerechtszaken, Rechtdoende op tegenspraak en alle andere besluiten als ongegrond verwerpend, Zeggen dat eiseres eigenaar is van de roerende goederen die op 11 juni 1993 in beslag zijn genomen op verzoek van de Ontvanger der directe belastingen te Visé; Veroordelen genoemde ontvanger bijgevolg om handlichting te verlenen van zijn beslag en zeggen dat indien hij nalaat dit te doen, dit vonnis zal gelden als handlichting; Veroordelen de schuldenaars tot de kosten, begroot op 7.116 frank + 3.900 frank = 11.016 frank voor eiseres en op 3.900 frank voor de Ontvanger der directe belastingen te Visé. |
|||||||