Nummer S 29/02-02

Datum :
13-06-2006
Taal :
Frans Nederlands
Grootte :
1 pagina
Sectie :
Regelgeving
Type :
Comments
Subdomein :
Fiscal Discipline

Samenvatting :

Erkenning van schulden - Medische kosten

Originele tekst :

Voeg het document toe aan een map () om te beginnen met annoteren.

Contact | Disclaimer | FAQ
   
Quick search :
Fisconet plus Version 5.9.23
Service Public Federal
Finances
Home > Advanced search > Search results > Nummer S 29/02-02
Nummer S 29/02-02
Document
Content exists in : nl fr

Search in text:
Print    E-mail    Show properties

Properties

Document type : Comments
Title : Nummer S 29/02-02
Tax year :
Document date : 13/06/2006
Document language : NL
Name : S 29/02-02
Version : 1
Previous document   Next document   Show list of documents

Nummer S 29/02-02

02. - Erkenning van schulden - Medische kosten.

02. - In een verklaring van schuldeiser verklaart een vader dat zijn overleden dochter tegenover hem schuldenaar was van voorschotten voor medische kosten ten belope van 16.058.045 BEF.

Uit een gerechtelijke expertise blijkt dat de betaling van deze

kosten geenszins integraal door de vader van de overledene ten

laste genomen werd.

In een schulderkenning, nà de gerechtelijke expertise

ondertekend door de twee kinderen van de overledene en haarechtgenoot, bevestigen dezen de schuldvordering van hun grootvader en schoonvader op de nalatenschap voor een bedrag van 16.000.000 BEF.

De rechter stelt vast dat deze erkenning slechts in naam bestaat aangezien er geen enkel betalingsengagement wordt onderschreven en dat de onregelmatigheid van de termijnen, gelet op artikel 1326 BW, hen toelaat later het belang ervan te betwisten.

Terwijl eisers beweren dat de familiebanden tussen de overledene en haar vader beletten dat naar een geschrift gegrepen werd, laat de rechter opmerken dat aangezien de vader onder gerechtelijk mandaat was geplaatst, en de dochter het voorwerp uitmaakte van een gerechtelijke onbekwaamheid, het debat zich niet afspeelde tussen een vader en zijn dochter, maar tussen twee gerechtelijke mandatarissen die belast waren met de verdediging van de belangen van eerstgenoemden.

Tenslotte laat de rechter opmerken aan de twee kinderen die opwerpen dat zij veroordeeld werden tot de betaling van een provisioneel bedrag aan de gerechtelijke raadsman van hun grootvader, aan te rekenen op het bedrag van de schulderkenning, dat de gerechtelijke raadsman van de grootvader niet de enige is die in rechte kan optreden.

Bijgevolg is de echtheid van de schuld niet vastgesteld en dient ze dus te worden verworpen uit het passief van de nalatenschap.

(Vonnis van de rechtbank van eerste aanleg te Nijvel, dd. 13 juni 2006 - bl. nr. E.E./91.825)

----------
OKTOBER 2006 - 205/2-2