Voorafgaande beslissing nr. 2016.113 dd. 17.05.2016

Datum :
17-05-2016
Taal :
Frans Nederlands
Grootte :
3 pagina's
Sectie :
Regelgeving
Type :
Prior agreements L 24.12.2002
Subdomein :
Fiscal Discipline

Samenvatting :

Marktconform karakter - Abnormaal of goedgunstig voordeel - Intereste

Originele tekst :

Voeg het document toe aan een map () om te beginnen met annoteren.

Contact | Disclaimer | FAQ
   
Quick search :
Fisconet plus Version 5.9.23
Service Public Federal
Finances
Home > Advanced search > Search results > Voorafgaande beslissing nr. 2016.113 dd. 17.05.2016
Voorafgaande beslissing nr. 2016.113 dd. 17.05.2016
Document
Content exists in : nl fr

Search in text:
Print    E-mail    Show properties

Properties

Document type : Prior agreements L 24.12.2002
Title : Voorafgaande beslissing nr. 2016.113 dd. 17.05.2016
Document date : 17/05/2016
Keywords : arm's length principe / abnormaal of goedgunstig voordeel / interest / binnenlandse vennootschap
Document language : NL
Name : Voorafgaande beslissing nr. 2016.113 dd. 17.05.2016
Version : 1

Voorafgaande beslissing nr. 2016.113 dd. 17.05.2016

 

Marktconform karakter

Abnormaal of goedgunstig voordeel

Interesten

 

Samenvatting

Er werd beslist dat de vooropgestelde debet- en creditinteresten die binnenlandse vennootschap X ontvangt/betaalt in overeenstemming zijn met het “at arm’s length” principe zoals vervat in art. 185, § 2 WIB92 en geen aanleiding zullen geven tot het verstrekken noch verkrijgen van een abnormaal of goedgunstig voordeel in de zin van de artikelen 26, 79 en 207, tweede lid WIB92.

 

I. Voorwerp van de aanvraag

1. De aanvraag strekt ertoe een voorafgaande beslissing te bekomen waarin wordt bevestigd dat onderstaande interesten in overeenstemming zijn met het “at arm’s length” principe zoals vervat in art. 185, §2 WIB 92 en geen aanleiding zullen geven tot het verstrekken noch verkrijgen van een abnormaal of goedgunstig voordeel in de zin van de artikelen 26, 79 en 207, tweede lid WIB 92.

1.1. de debet interesten betaald aan binnenlandse vennootschap X op leningen verstrekt aan de OpCos;

1.2. de debet interesten betaald aan X op leningen verstrekt aan de thesaurievennootschappen en aan de moedervennootschap van de groep evenals de debet interesten betaald door X op leningen haar verstrekt door de thesaurievennootschappen en/of moedervennootschap;

1.3. de creditinteresten op “excess cash” van de groepsleden die door X betaald worden aan de groepsleden en de creditinteresten op “excess cash” van X die door buitenlandse vennootschap Y betaald worden aan X. 

 

II. Omschrijving van de feiten

2. X is een Belgische thesaurievennootschap van de groep. Zij oefent financieringsactiviteiten alsook bredere cash managementactiviteiten uit.

3. De voornaamste thesaurie activiteiten van X zijn de volgende :

3.1. de financiering van groepsleden in en buiten België en de zgn. “In House bank” activiteit met Cash Pool functionaliteit, die aanleiding geven tot

3.1.1. debet interest op leningen aan groepsleden

3.1.2. creditinterest op “excess cash” van groepsleden;

3.2. het verstrekken van zgn. “Cash Management” diensten aan groepsleden in en buiten België. Deze cash managementdiensten maken niet het voorwerp uit van deze beslissing.

 

III. Beslissing

III.A. Debet interest op leningen aan Opco’s

4. De debet interesten op de intragroepsleningen die X verstrekt aan Opco’s wordt als volgt berekend :

I = A + [(B + C) x D]

waarbij dat:

 

Factor

Beschrijving

I

Debet interest op leningen te betalen door de OpCos aan X

A

referentie interbankenrente per munt en per termijn (bijv. LIBOR USD 1 month)

B

credit spread moedervennootschap

C

eenvormige correctie m.b.t. kredietwaardigheid OpCos zijnde de spread tussen de kredietwaardigheid van de moedervennootschap en de kredietwaardigheid van de Opcos

D

D specifieke correctie m.b.t. landenrisico

 

5. Gelet op de hierna vermelde overwegingen/elementen is bovenstaande berekeningswijze voor debet interesten op leningen verstrekt aan de Opco’s marktconform :

5.1. als basisrentevoet wordt een interbankenrente genomen per munt en per termijn, wat een correcte CUP is;

5.2. de spreads (B en C) worden bepaald op grond van informatie beschikbaar bij niet verwante ondernemingen gespecialiseerd in het verstrekken van financiële gegevens;

5.3. de berekeningswijze houdt rekening met de “verbondenheid/groep” hetgeen conform is met de OESO richtlijnen en conform de gebruiken van externe ratingbureaus wat aangetoond werd aan de hand van een rapport van Standard & Poor’s;

5.4. uit attesten van financiële instellingen blijkt dat de interestvoet van de Opcos niet bepaald worden op basis van de individuele credit rating van elke afzonderlijke vennootschap, maar rekening wordt gehouden met de kredietwaardigheid van de moedervennootschap;

5.5. het arrest van de Federal Court of Appeal dd. 15/12/2010 (Canada General Electric Capital verus the Queen) bevestigt dat met de kredietwaardigheid van de moedervennootschap en de “impliciete steun” van de moedervennootschap rekening moet gehouden worden bij het bepalen van een marktconforme rentevoet op leningen toegestaan aan vennootschappen die tot dezelfde groep behoren als de moedervennootschap;

5.6. er wordt rekening gehouden met het landenrisico van de Opco’s. De data om het landenrisico te bepalen worden aangeleverd door een extern gespecialiseerd bureau. Dit risico wordt elk kwartaal aangepast.

III.B. Debet interest op leningen tussen thesaurievennootschappen onderling en door X aan de moedervennootschap

6. De debet interesten op leningen verstrekt aan de moedervennootschap en tussen de thesaurievennootschappen onderling wordt als volgt berekend:

 

I = A + B

waarbij dat:

 

Factor

Beschrijving

I

Debet interest op leningen te betalen door de thesaurievennootschappen/ moedervennootschap

A

A referentie interbankenrente per munt en per termijn (bijv. LIBOR USD 1 month)

B

credit spread moedervennootschap

 

7. Gelet op de hierna vermelde overwegingen/elementen is bovenstaande berekeningswijze voor debet interesten op leningen verstrekt aan de  moedervennootschap en tussen de  thesaurievennootschappen onderling marktconform :

7.1. als basisrentevoet wordt een interbankenrente genomen per munt en per termijn, wat een correcte CUP is;

7.2. de spread (B) wordt bepaald op rond van informatie beschikbaar bij niet verwante ondernemingen gespecialiseerd in het verstrekken van financiële gegevens;

7.3. de thesaurievennootschappen worden hoofdzakelijk met kapitaal gefinancierd en hebben nagenoeg geen externe schulden;

7.4. de thesaurievennootschappen oefenen geen afzonderlijke risicodragende operationele activiteiten uit, maar hun activiteiten zijn beperkt tot financiële dienstverlening t.v.v. groepsleden. Hierdoor kunnen deze thesaurievennootschappen als een verlengstuk van de moedervennootschap aangemerkt worden.

III.C. Creditinterest op ‘excess cash’ groepsleden

8. Indien en in de mate dat er ‘excess cash’ overblijft, schrijft X deze ‘excess cash’ over naar het Y. X verkrijgt dan een vordering op Y en Y is dan creditinteresten verschuldigd aan X. De creditinteresten op ‘excess cash’ worden als volgt berekend :

 

I = A – B

waarbij dat :

 

Factor

Beschrijving

I

creditinteresten op “excess cash” van de groepsleden

A

marktrente van toepassing op de Money Market Securities waarin Y in eigen naam en voor eigen rekening investeert

B

een arm’s length vergoeding voor beheer van portefeuille van Money Market Securities

 

9. Gelet op de hierna vermelde overwegingen/elementen is bovenstaande  berekeningswijze voor creditinteresten aan groepsleden marktconform :

9.1. de rente van toepassing op de Money Market Securities is per definitie at arm’s length omdat het een marktrente is die toegepast wordt tussen onafhankelijke ondernemingen;

9.2. op basis van vergelijkingspunten is de weerhouden beheersvergoeding van 15 basispunten at arm’s length.

III.D. Kritische assumpties

10. Per mail heeft raadgever bevestigd dat X tot op heden geen negatieve rente (debet noch credit) hanteert en dat, wanneer hij negatieve rentes wenst toe te passen een addendum zal aanvragen aan deze beslissing.

11. Deze beslissing doet geen uitspraak over de Cash Management diensten zoals (i) vereffening van geldstromen : Netting (Intercompany) en betalingen aan derden, (ii) diensten inzake “hedging” (t.w. indekking interne en externe geldstromen), (iii) “Affiliate Cash Management” diensten en (iv) diensten inzake “Treasury Accounting”.