Hof van Cassatie - Arrest van 12 january 2012 (België)

Publicatie datum :
12-01-2012
Taal :
Frans - Nederlands
Grootte :
2 pagina's
Sectie :
Rechtspraak
Bron :
Justel 20120112-3
Rolnummer :
C.10.0660.N

Samenvatting

De beslagrechter die moet oordelen over de wettigheid en regelmatigheid van een bewarend beslag, vermag niet meer te beslissen dat de aan dit beslag onderliggende vordering zeker, vaststaand en opeisbaar is, wanneer deze vordering door de rechter ten gronde reeds als ongegrond werd afgewezen (1). (1) Zie de concl. van het O.M.

Arrest

Nr. C.10.0660.N

RIMOUSKI MOTORCYCLES INC. / RIMOUSKI MOTORCYCLETTES INC., met zetel te Canada, PQ, Montée Industrielle 424, G5M 1X1,

eiseres,

vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Brederodestraat 13, waar de eiseres woonplaats kiest,

tegen

1. J.-J. P., alias P.,

2. S. T.,

3. F. B.,

4. L.E.F.T. sarl, MANHATTAN CARS - ELYSEE CARS, vennootschap naar Frans recht, met zetel te 13008 Marseille (Frankrijk), boulevard Michelet 300, BAT U7,

verweerders.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwerpen van 18 november 2009.

Raadsheer Alain Smetryns heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Guy Dubrulle heeft geconcludeerd.

II. CASSATIEMIDDELEN

De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, drie middelen aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Ontvankelijkheid van het cassatieberoep

1. De eiseres voert enkel grieven aan tegen het arrest in zoverre het uitspraak doet over de vorderingen van de eiseres tegen de eerste verweerder en de derde verweerder, zodat het cassatieberoep in zoverre gericht tegen de tweede en vierde verweerders geen belang vertoont.

2. Dit cassatieberoep kan evenwel gelden als vordering tot bindendverklaring.

Eerste middel

Ontvankelijkheid

3. Het eerste middel dat geen grieven formuleert in zoverre de appelrechters oordelen ten aanzien van de eerste verweerder, is in zoverre gericht tegen deze laatste niet ontvankelijk.

Vierde onderdeel

4. Krachtens artikel 1395, eerste lid, Gerechtelijk Wetboek, neemt de beslagrechter kennis van de vorderingen betreffende bewarende beslagen en middelen tot tenuitvoerlegging.

5. De beslagrechter oordeelt of het beslag wettig en regelmatig is, zonder hierbij uitspraak te doen over de zaak zelf.

De beslagrechter die moet oordelen over de wettigheid en regelmatigheid van een bewarend beslag, vermag aldus niet meer te beslissen dat de aan dit beslag onderliggende vordering zeker, vaststaand en opeisbaar is, wanneer deze vordering door de rechter ten gronde reeds als ongegrond werd afgewezen.

6. Uit de stukken waarop het Hof vermag acht te slaan, blijkt dat de vordering van de derde verweerder tegen de eerste verweerder en Canadian Cars bij op tegenspraak gewezen vonnis van de Tribunal de Grande Instance van Châlons-en-Champagne van 10 oktober 2007 als ongegrond werd afgewezen.

7. In deze omstandigheden vermochten de appelrechters ten aanzien van de eiseres niet meer wettig te oordelen dat de derde verweerder beschikt over een zekere, vaststaande en opeisbare vordering lastens de eerste verweerder en Canadian Cars en dat dientengevolge de derde verweerder, mede gelet op de vastgestelde collusie, ook lastens de eiseres beschikt over een zekere, vaststaande en opeisbare schuldvordering, die de handhaving van het beslag gelegd op verzoek van de derde verweerder wettigt.

Het onderdeel is in zoverre gegrond.

Derde middel

Ontvankelijkheid

8. Het derde middel komt uitsluitend op tegen de afwijzing door de appelrechters van de vordering van de eiseres in zoverre gericht tegen de eerste verweerder.

9. In zoverre gericht tegen de derde verweerder is het derde middel niet ontvankelijk.

Gegrondheid

10. De eiseres heeft het in het middel bedoeld verweer gevoerd.

11. De appelrechters beantwoorden dit verweer niet.

Het middel is in zoverre gegrond.

Overige grieven

12. De overige grieven kunnen niet leiden tot ruimere cassatie.

Dictum

Het Hof,

Vernietigt het bestreden arrest in zoverre dit oordeelt over de vorderingen van de eiseres ten aanzien van de eerste en derde verweerders en over de kosten.

Verklaart dit arrest bindend aan de tweede en vierde verweerders.

Verwerpt het cassatieberoep voor het overige.

Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde arrest.

Veroordeelt de eiseres in de helft van de kosten.

Houdt de overige kosten aan en laat de beslissing daaromtrent aan de feitenrechter over.

Verwijst de aldus beperkte zaak naar het hof van beroep te Gent.

Bepaalt de kosten voor de eiseres op 1162,89 euro.

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit waarnemend eerste voorzitter Edward Forrier, als voorzitter, en de raadsheren Eric Stassijns, Beatrijs Deconinck, Alain Smetryns en Geert Jocqué, en in openbare rechtszitting van 12 januari 2012 uitgesproken door waarnemend eerste voorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal Guy

Dubrulle, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche.