Hof van Cassatie - Arrest van 23 oktober 2003 (België)

Publicatie datum :
23-10-2003
Taal :
Frans Nederlands
Grootte :
1 pagina
Sectie :
Rechtspraak
Bron :
Justel 20031023-12
Rolnummer :
C030470N

Samenvatting

Wanneer het Hof van Cassatie oordeelt dat uit de door verzoeker uiteengezette gegevens niet valt af te leiden dat geen van de rechters die deel uitmaken van de rechtbank in staat zou zijn op een onafhankelijke en onpartijdige wijze uitspraak te doen, noch dat die gegevens bij de openbare opinie gewettigde twijfel zouden doen ontstaan aangaande hun geschiktheid om de zaak te behandelen, verwerpt het het verzoek de zaak wegens wettige verdenking aan de rechter te onttrekken (1). (1) Zie Cass., 4 april 2003, AR C.03.0077.N, nr ...; 13 juni 2003, AR C.03.0201.N, nr ... . De partijen in het echtscheidingsgeding vorderden de onttrekking niet. De conclusie van de echtgenoot van de vrederechter strekte uitdrukkelijk tot afwijzing van de vordering van de procureur des Konings.

Arrest

Nr. C.03.0470.N
PROCUREUR DES KONINGS BIJ DE RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG TE ANTWERPEN,
verzoeker tot onttrekking van de zaak aan de rechter,
in de zaak
D.G.
tegen
B.R.
I. Geding in cassatie
Het Hof heeft op 25 september 2003 beslist dat het verzoek niet kennelijk onontvankelijk is.
De Voorzitter van de Rechtbank van Eerste Aanleg te Antwerpen heeft de verklaring bedoeld bij artikel 656, vierde lid, 1°, b, Gerechtelijk Wetboek gedaan. Hij heeft ze alleen ondertekend en vermeldt niet dat hij dit gedaan heeft na overleg met andere leden van het gerecht.
Mr. Marc Bartholomeeusen heeft geconcludeerd voor G.D.
Voorzitter Ivan Verougstraete heeft verslag uitgebracht.
Advocaat-generaal Guido Bresseleers heeft geconcludeerd.
II. Beslissing van het Hof
Overwegende dat het verzoekschrift gegrond is op de omstandigheid dat een vordering tot echtscheiding ingesteld is voor de Rechtbank van Eerste Aanleg te Antwerpen door G.D., deskundige die ingeschreven is op de lijst van de deskundigen van de Rechtbank van Eerste Aanleg te Antwerpen, tegen R.B., die van 1994 tot 2001 rechter was in de Rechtbank van Eerste Aanleg te Antwerpen en sinds 2001 vrederechter is te Antwerpen ;
Overwegende dat volgens de verklaring van de voorzitter van de rechtbank, de meeste rechters van zijn rechtbank R.B. goed kennen en "persoonlijk op de hoogte zijn van bepaalde aspecten van het persoonlijk leven van beide partijen die thans het voorwerp uitmaken van het geding" ; dat, steeds volgens de verklaring van de voorzitter van de rechtbank, veel kritiek van derden is gehoord over het feit dat de zaak in Antwerpen werd behandeld ;
Overwegende dat in rechtsplegingen die eveneens verband hielden met de betwistingen gevoerd tussen R.B.
en G.D. tot nu toe niet blijkt dat enige onttrekking werd gevraagd noch voor de vrederechter noch voor de rechtbank ;
Dat het feit op een "lijst van deskundigen" van een rechtbank te zijn vermeld of magistraten persoonlijk te kennen geen persoonlijke of nauwe band impliceert tussen de rechtbank en zijn leden en de betrokken deskundige ;
Dat de omstandigheid dat R.B. vroeger lid is geweest van de rechtbank waarvan de onttrekking wordt gevraagd, evenmin noodzakelijk impliceert dat deze rechtbank niet onpartijdig zou kunnen beslissen ;
Overwegende dat uit de door verzoeker uiteengezette gegevens niet valt af te leiden dat geen van de rechters die deel uitmaken van de rechtbank in staat zou zijn op een onafhankelijke en onpartijdige wijze uitspraak te doen of dat die gegevens bij de openbare opinie gewettigde twijfel zouden doen ontstaan aangaande hun geschiktheid om de zaak te behandelen ;
Dat het verzoek moet worden verworpen ;
OM DIE REDENEN
HET HOF,
Verwerpt het verzoek ;
Veroordeelt de Staat in de kosten.
De kosten begroot op de som van nul euro.
Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, eerste kamer, te Brussel, door voorzitter Ivan Verougstraete, afdelingsvoorzitter Robert Boes, de raadsheren Ernest Waûters, Jean de Codt en Albert Fettweis, en in openbare terechtzitting van drieëntwintig oktober tweeduizend en drie uitgesproken door voorzitter Ivan Verougstraete, in aanwezigheid van advocaat-generaal Guido Bresseleers, met bijstand van griffier Philippe Van Geem.