Arbeidshof: Arrest van 15 Oktober 1980 (Antwerpen (Hasselt)). RG 80/11

Datum :
15-10-1980
Taal :
Nederlands
Grootte :
1 pagina
Sectie :
Rechtspraak
Bron :
Justel N-19801015-9
Rolnummer :
80/11

Samenvatting

Artikel 24, ter, van de wet van 10 maart 1900 beschermt in zekere mate de vastheid van betrekking van de individuele werkman tegen de willekeur van de werkgever, door een vergoeding te koppelen aan een afdanking, die op geen enkel redelijk motief steunt, dit wil zeggen die geen enkel verband houdt met de geschiktheid van de werknemer of met de noodwendigheden in zake de goede werking van de onderneming. Het ene noch het andere criterium kan echter in vraag worden gesteld in geval van collectieve afdankingen die het noodzakelijk gevolg zijn van de sluiting van de onderneming. De door artikel 24, ter, bedoelde willekeur is alsdan in beginsel niet aanwezig. De vraag of de sluiting al dan niet economisch verantwoord was, stelt zich op een geheel ander vlak. In het sociaal-economisch model zoals het uit de huidige belgische wetgeving naar voor komt, ligt het uiteindelijk beslissingsrecht over de voortzetting of de beëindiging van het door hem genomen economisch initiatief bij de ondernemer. De sluiting van de onderneming, gesteund op de eigen evaluatie van de investeringsrisico's, is de uitoefening van een recht van de ondernemer en houdt op zichzelf geen fout in. Het is duidelijk dat partijen van mening kunnen verschillen over de opportuniteit enof de economische noodzakelijkheid van de sluiting van een onderneming. Hierin stelling nemen zou de rechtbank leiden tot het nemen van opties op het vlak van de economische politiek, hetgeen niet tot haar bevoegdheid behoort. Uit hetgeen voorafgaat blijkt dat bij algehele sluiting van een onderneming op grond van economische motieven, artikel 24, ter, in beginsel geen toepassing vindt.

Arrest

De geconsolideerde versie van deze tekst is niet beschikbaar.