Hof van Beroep: Arrest van 10 Mei 1993 (Antwerpen). RG 11140

Datum :
10-05-1993
Taal :
Nederlands
Grootte :
1 pagina
Sectie :
Rechtspraak
Bron :
Justel N-19930510-5
Rolnummer :
11140

Samenvatting :

Wanneer aandelen werden overgedragen tegen de boekwaarde, wordt terecht gesteld dat met deze transactie geen winst werd gerealiseerd en dat alleen een gerealiseerde winst belastbaar is. Een vennootschap is inderdaad slechts belastbaar op de winsten die werkelijk in het vermogen van de onderneming zijn opgenomen, terwijl ze niet belastbaar is op winst die ze niet effectief heeft gerealiseerd, ook al had ze die kunnen realiseren door op een andere wijze haar zaken te beheren. Het is de belastingadministratie dientengevolge niet toegelaten in te grijpen in het beheer van de belastingplichtige teneinde het werkelijk winstcijfer te vervangen door een "normale" winst, die als grondslag voor de belastingheffing wordt aangewend. De "beweerde niet verwezenlijkte meerwaarde" kon ten dezen evenmin in toepassing van de artikelen 24 (oude versie) en 53 W.I.B. (art. 26 en 79 W.I.B. 1992) worden aangezien als een abnormaal of goedgunstig voordeel, dat zou moeten worden toegevoegd aan de werkelijke winst, en als dusdanig zou belastbaar zijn. Artikel 24 W.I.B. (oud) heeft inderdaad enkel de overheveling van winsten naar het buitenland willen voorkomen en is bijgevolg alleen van toepassing indien abnormale of goedgunstige voordelen worden toegekend aan personen of ondernemingen die in het buitenland gevestigd zijn. Artikel 24 W.I.B. (oud) is een wettelijke uitzondering op de regel dat niet-verwezenlijkte winst principieel niet belastbaar is, zodat het beperkend dient geïnterpreteerd te worden, en het bijgevolg niet bij analogie mag worden toegepast. Immers werd slechts ingevolge de wijziging bij artikel 256 van de Wet van 22 december 1989, door de toevoeging van een derde lid, het toepassingsgebied van het artikel uitgebreid tot elk abnormaal of goedgunstig voordeel verleend aan om het even welke natuurlijke of rechtspersoon, zelfs indien de verkrijger van het voordeel niet in het buitenland gevestigd is. Uit het feit dat de wetgever het nodig heeft geacht aan artikel 24 W.I.B. (oud) een derde lid toe te voegen, met betrekking tot alle voordelen toegekend aan Belgische genieters, dient besloten - a contrario - dat dergelijke voordelen onder de vroegere wetgeving niet belastbaar waren bij de verstrekker. Het standpunt van de administratie als zou het verschil tussen de werkelijke waarde en de cessieprijs van de verkochte aandelen een liberaliteit uitmaken, die overeenkomstig de bepalingen van de artikelen 44 en 50, 2° W.I.B. (art. 49 en 53, 1° W.I.B. 1992) als verworpen uitgave bij de belastbare winst moet worden gevoegd, wordt afgewezen. Uit de lezing van beide voornoemde artikelen blijkt dat er slechts van een bedrijfslast sprake kan zijn wanneer de belastingplichtige uitgaven, gedaan tot het verkrijgen of het behoud van belastbare inkomsten, wil aftrekken van het bruto-belastbaar inkomen. De essentiële vereiste daartoe is dat er werkelijk uitgaven worden gedaan tijdens het belastbaar tijdperk. Bij verkoop van aandelen tegen de boekwaarde is er geen uitgave. De marktwaarde van aandelen is gelijk aan de prijs die een onafhankelijke derde voor de aandelen zou betaald hebben op hetzelfde tijdstip en onder dezelfde omstandigheden. Een dergelijke prijs is niet noodzakelijk gelijk aan de intrinsieke waarde of de rendementswaarde van de aandelen, maar kan beïnvloed worden door een reeks van factoren. Er bestaat geen fiscaal verplichte waarderingsmethode van aandelen.

Arrest :

De geconsolideerde versie van deze tekst is niet beschikbaar.