Hof van Beroep: Arrest van 15 November 2007 (Antwerpen). RG 2007AR2475

Datum :
15-11-2007
Taal :
Nederlands
Grootte :
1 pagina
Sectie :
Rechtspraak
Bron :
Justel N-20071115-7
Rolnummer :
2007AR2475

Samenvatting :

Onder kosteloosheid om bevrijd te kunnen worden van de verbintenissen als borg moet worden verstaan de afwezigheid van een persoonlijk economisch belang bij de borgstelling.

Arrest :

Voeg het document toe aan een map () om te beginnen met annoteren.

- G

APPELLANT

tegen het vonnis van de rechtbank van koophandel te Antwerpen d.d. 13 juni 2006.

Verschijnt niet, noch iemand voor hem.

TEGEN :

- NV ING BELGIE, met maatschappelijke zetel gevestigd te 1050 Brussel, Marnixlaan 24, met administratieve zetel gevestigd te 2000 Antwerpen, Lange Gasthuisstraat 20.

GEÏNTIMEERDE

vertegenwoordigd door Mr. Ph. Meulepas loco Mr. R. De-mets, advocaat te 2000 Antwerpen, Verlatstraat 23-25.

Met een verzoekschrift neergelegd op 4 september 2007 tekende appellant hoger beroep aan tegen het vonnis van de rechtbank van koophandel te Antwerpen van 13 juni 2006 waarbij zijn verzoekt tot bevrijding als kosteloze borg voor de verbintenissen van de failliete BVBA Marilyn Watch werd afgewezen.

Hij meent wel bevrijd te moeten worden van zijn verbintenissen als kosteloze borg.

Op de zitting van 11 oktober 2007 waarop het hoger beroep werd ingeleid is appellant niet verschenen noch iemand namens hem.

Geïntimeerde heeft de behandeling bij verstek gevorderd en vraagt het hoger beroep ongegrond te verklaren.

***

1.

Het hof verwijst naar het bestreden vonnis wat betreft de voorgaan-den van de procedure.

2.

De eerste rechter heeft het verzoek tot bevrijding als borg afgewezen met het motief dat de borgstelling niet als kosteloos kan worden aangezien.

Daarvoor verwees de eerste rechter naar het feit dat sinds 1990 ap-pellant zaakvoerder van de failliete vennootschap was en aandeel-houder ervan.

3.

Zonder de juistheid van de feitelijke vaststellingen gedaan door de eerste rechter te betwisten meent appellant dat de borgstelling toch als kosteloos moet worden aangezien om reden dat geen tegenpres-tatie voor de borgstelling werd verleend.

4.

Onder kosteloosheid om bevrijd te kunnen worden van de verbinte-nissen als borg moet worden verstaan de afwezigheid van een per-soonlijk economisch belang bij de borgstelling.

Door erop te wijzen dat appellant sinds 1990 (het faillissement da-teert van 2004) zaakvoerder was en aandeelhouder van de failliete vennootschap heeft de eerste rechter er terecht op gewezen dat ap-pellant een persoonlijk economisch belang had bij de borgstelling nu de gewaarborgde schuld moest dienen om de activiteiten van de vennootschap te doen bloeien en voort te zetten zodanig dat appel-lant als zaakvoerder en aandeelhouder de vruchten kon plukken van de goede gang van zaken in de vennootschap.

5.

Bij gebrek aan bewijs van de ingeroepen kosteloosheid van de borg-stelling is het hoger beroep ongegrond.

O M D I E R E D E N E N :

H E T H O F,

Rechtdoende op tegenspraak t.a.v. geïntimeerde en bij verstek t.a.v. appellant;

Gelet op artikel 24 van de wet van 15 juni 1935;

Verklaart het hoger beroep ongegrond,

Verwijst appellant in de kosten ervan, deze aan de zijde van geïnti-meerde begroot op nihil bij gebrek aan opgave.

Aldus gedaan en uitgesproken in openbare terechtzitting van

15 NOVEMBER 2007

waar aanwezig waren :

de heer E. HULPIAU Voorzitter

mevrouw A. WINANTS Raadsheer

de heer E. LEMMENS Raadsheer

mevrouw C. VERSWYVELEN Griffier

C. VERSWYVELEN E.LEMMENS

A. WINANTS E. HULPIAU