Commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders: Beslissing van 6 April 2004 (België). RG M3508-3129

Datum :
06-04-2004
Taal :
Nederlands
Grootte :
2 pagina's
Sectie :
Rechtspraak
Bron :
Justel N-20040406-2
Rolnummer :
M3508-3129

Samenvatting :

Samenvatting 1

Beslissing :

Voeg het document toe aan een map () om te beginnen met annoteren.
(...)
I. Feiten
Uit de stukken blijkt dat verzoekster op 20 april 2003 omstreeks 1 uur s' nachts te ..., na een bezoek aan een snookerzaal met haar vriend Guido V., een stevige klap in de rug kreeg, waarna ze met haar gezicht op de grond viel.
Aanvankelijk dacht verzoekster dat de feiten gepleegd werden door een onbekende, terwijl haar vriend nog binnen aan het afrekenen was (zie haar verklaring aan de politie te ... d.d. 24 april 2003). Nadat haar geheugen terugkwam, verklaarde ze evenwel op 12 mei en op 2 juni 2003 dat ze zeer sterke vermoedens had dat haar vriend Guido V. de dader was. Deze vertoonde namelijk een lichte verwonding aan de kneukels van zijn hand.
De heer V. verklaarde dat hij en zijn vriendin die avond stevig gedronken hadden. Hij zou korte tijd na zijn vriendin de snookerzaak verlaten hebben en zou haar buiten aangetroffen hebben op de grond. Hij zou haar niet geslagen hebben.
De uitbater van de zaak verklaarde aan de politie dat er tussen verzoekster en Guido V., die allebei bekend staan als stevige drinkers, die bewuste avond hevige discussies plaatsvonden. Ze zouden samen naar buiten zijn gegaan. V. zou iets later terug binnengekomen zijn met de vraag de hulpdiensten te bellen, daar zijn vriendin gevallen was. De uitbater was echter geen getuige van de feiten.
II. Vervolging
Verzoekster deed op 24 april 2003 bij de politie te ... aangifte van opzettelijke slagen en verwondingen toegebracht door onbekenden.
III. Medische gevolgen
Ingevolge de feiten liep verzoekster onder meer een gebroken neus en schouder op. Er werden ook 4 fronttanden losgeslagen (wortels gebroken). Er was hospitalisatie van 20 tot 22 april 2003.
IV. Financiële, professionele en sociale situatie van de verzoekster en de dader
Uit moraliteitsverslagen opgesteld door de lokale politie blijkt het volgende:
x Verzoekster is meer dan 66 % invalide (sinds 01.01.2003). Ze geniet een maandinkomen van ca. Euro 700, doch Euro 380 gaat naar huishuur en Euro 104 naar gas en elektriciteit. Er zijn ook hoge dokterskosten (had borstkanker + amputatie + zwaar ongeval + dubbele bypass aorta). Wegens geldgebrek draait haar sociaal leven op een laag pitje. Ze heeft een slechte gezondheid. Ze is alleenwonend en heeft geen kinderen. Ze woont in een verzorgd appartement.
x De heer V. bewoont een appartement. Als postbode verdient hij ca. Euro 1.000 per maand. Hij is alleenstaand gezinshoofd.
V. Schadeloosstelling
Verzoekster beschikt over een familiale verzekering bij DVV. De polis rechtsbijstand voorziet een clausule onvermogen van derden (artikel 4), doch deze waarborgt aan de verzekerde slechts de betaling van de vergoeding die hem door de rechtbank is toegekend. In casu ligt geen vonnis voor.
Verzoekster beschikt eveneens over een hospitalisatieverzekering, doch deze komt niet tussen voor de eerste drie ligdagen (artikel 3 a van de polis). Eevnmin is er een tussenkomst voor tandprothesen (artikel 3 f).
VI. Begroting van de schade door de verzoekster
Verzoekster vraagt om de toekenning van een noodhulp voor:
- medische kosten en tandprothesen: Euro 6.497,15
- therapiekosten: Euro 6,50
- ABC Asse: Euro 6,50
- taxi en vrijwilligersvervoer: Euro 226,50
VII. Beoordeling door de Commissie
Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd. Aan de ontvankelijkheidsvoorwaarden werd voldaan. Aangezien de daders tot op heden onbekend bleven, kan de geleden schade uiteraard niet op hen verhaald worden.
In de onderhavige zaak liggen enkel de verklaringen voor van verzoekster, van de heer V. en van de uitbater van de snookerzaak. Deze laatste was geen getuige van de feiten. Al bestaat er aldus enige twijfel omtrent de waarachtigheid van de feiten, toch mag in de huidige stand van het dossier aangenomen worden dat er sprake is van een opzettelijke gewelddaad.
Verzoekster vraagt om de toekenning van een noodhulp voor de medische kosten, tandprothesen en therapiekosten, alsmede voor taxivervoer en vrijwilligersvervoer.
Luidens artikel 36, laatste lid, van de wet van 1 augustus 1985 wordt de dringendheid van de medische kosten altijd verondersteld. Volgens de door verzoekster neergelegde stukken belopen deze kosten, met inbegrip van therapiekosten, Euro 6.503,65.
De overige kosten kunnen door verzoekster gevraagd worden in het kader van een procedure hoofdhulp.
VIII. Begroting van de noodhulp door de Commissie
De noodhulp kan in billijkheid begroot worden op Euro 6.500.
OP DIE GRONDEN,
De Commissie,
Gelet op de artikelen 17 ,§ 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken, de artikelen 31 tot 37bis van de wet van 1 augustus 1985, zoals gewijzigd door de wetten van 26 maart 2003 en 22 april 2003 en de artikelen 14 tot 34 van het K.B. van 18 december 1986,
Verklaart het verzoek ontvankelijk,
Kent de verzoekster een noodhulp toe van Euro 6.500.
Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 6 april 2004.