Hof van Cassatie: Arrest van 15 December 2003 (België). RG S030068N
- Sectie :
- Rechtspraak
- Bron :
- Justel N-20031215-7
- Rolnummer :
- S030068N
Samenvatting :
Aan de rechter die kennis neemt van een geschil op verwijzing na gedeeltelijke cassatie, komt slechts rechtsmacht toe binnen de grenzen van verwijzing; die verwijzing is in beginsel beperkt tot de omvang van de vernietiging, zij het met inbegrip van onafscheidbare beslissingen en beslissingen die het gevolg van de vernietigde beslissing zijn (1). (1) Cass., 21 sept. 1992, AR 7704, nr 624.
Arrest :
Voeg het document toe aan een map
()
om te beginnen met annoteren.
Nr. S.03.0068.N.-
RIJKSDIENST VOOR ARBEIDSVOORZIENING, openbare instelling, met zetel gevestigd te 1000 Brussel, Keizerslaan 7,
eiser,
vertegenwoordigd door Mr. Lucien Simont, advocaat bij het Hof van Cassatie, kantoor houdende te 1050 Brussel, Louizalaan 149/20, alwaar keuze van woonplaats wordt gedaan,
tegen
B.M.
verweerder.
I. Bestreden beslissing
Het cassatieberoep is gericht tegen een arrest, op 24 april 2003 op verwijzing gewezen door het Arbeidshof te Brussel.
II. Rechtspleging voor het Hof
Raadsheer Ernest Waûters heeft verslag uitgebracht.
Advocaat-generaal Anne De Raeve heeft geconcludeerd.
Bij arrest van 12 november 2001 heeft het Hof het arrest van het Arbeidshof te Antwerpen van 28 november 2000 gedeeltelijk vernietigd en de beperkte zaak verwezen naar het Arbeidshof te Brussel.
III. Middel
Eiser voert in zijn verzoekschrift een middel aan.
Het verzoekschrift is aan dit arrest gehecht en maakt er deel van uit.
IV. Beslissing van het Hof
1. Middel
Overwegende dat aan de rechter die kennis neemt van een geschil op verwijzing na gedeeltelijke cassatie, slechts rechtsmacht toekomt binnen de grenzen van de verwijzing ; dat die verwijzing in beginsel beperkt is tot de omvang van de vernietiging, zij het met inbegrip van onafscheidbare beslissingen en beslissingen die van de vernietigde beslissingen het gevolg zijn ;
Overwegende dat het arrest van het Hof van 12 november 2001 het arrest van het Arbeidshof te Antwerpen van 28 november 2000 vernietigt "in zoverre het nalaat zich uit te spreken over verweerders recht op uitkeringen vanaf 8 december 1997" ;
Dat het bestreden arrest het hoger beroep van eiser ontoelaatbaar verklaart ;
Dat het arbeidshof aldus zijn rechtsmacht overschrijdt om kennis te nemen van het geschil tussen de partijen binnen de perken waarin dit aan het verwijzingsgerecht werd onderworpen, en zodoende artikel 1110, tweede lid, van het Gerechtelijk Wetboek schendt ;
Dat het middel in zoverre gegrond is ;
2. Kosten
Overwegende dat, krachtens artikel 1017, tweede lid, van het Gerechtelijk Wetboek, eiser in de kosten moet worden veroordeeld ;
OM DIE REDENEN,
HET HOF,
Vernietigt het bestreden arrest ;
Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde arrest ;
Veroordeelt eiser in de kosten ;
Verwijst de zaak naar het Arbeidshof te Gent.
De kosten begroot op de som van honderd eenenveertig euro eenendertig cent jegens de eisende partij.
Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, derde kamer, te Brussel, door afdelingsvoorzitter Robert Boes, de raadsheren Ernest Waûters, Ghislain Dhaeyer, Eric Dirix en Eric Stassijns, en in openbare terechtzitting van vijftien december tweeduizend en drie uitgesproken door afdelingsvoorzitter Robert Boes, in aanwezigheid van advocaat-generaal Anne De Raeve, met bijstand van eerstaanwezend adjunct-griffier Lisette De Prins.
RIJKSDIENST VOOR ARBEIDSVOORZIENING, openbare instelling, met zetel gevestigd te 1000 Brussel, Keizerslaan 7,
eiser,
vertegenwoordigd door Mr. Lucien Simont, advocaat bij het Hof van Cassatie, kantoor houdende te 1050 Brussel, Louizalaan 149/20, alwaar keuze van woonplaats wordt gedaan,
tegen
B.M.
verweerder.
I. Bestreden beslissing
Het cassatieberoep is gericht tegen een arrest, op 24 april 2003 op verwijzing gewezen door het Arbeidshof te Brussel.
II. Rechtspleging voor het Hof
Raadsheer Ernest Waûters heeft verslag uitgebracht.
Advocaat-generaal Anne De Raeve heeft geconcludeerd.
Bij arrest van 12 november 2001 heeft het Hof het arrest van het Arbeidshof te Antwerpen van 28 november 2000 gedeeltelijk vernietigd en de beperkte zaak verwezen naar het Arbeidshof te Brussel.
III. Middel
Eiser voert in zijn verzoekschrift een middel aan.
Het verzoekschrift is aan dit arrest gehecht en maakt er deel van uit.
IV. Beslissing van het Hof
1. Middel
Overwegende dat aan de rechter die kennis neemt van een geschil op verwijzing na gedeeltelijke cassatie, slechts rechtsmacht toekomt binnen de grenzen van de verwijzing ; dat die verwijzing in beginsel beperkt is tot de omvang van de vernietiging, zij het met inbegrip van onafscheidbare beslissingen en beslissingen die van de vernietigde beslissingen het gevolg zijn ;
Overwegende dat het arrest van het Hof van 12 november 2001 het arrest van het Arbeidshof te Antwerpen van 28 november 2000 vernietigt "in zoverre het nalaat zich uit te spreken over verweerders recht op uitkeringen vanaf 8 december 1997" ;
Dat het bestreden arrest het hoger beroep van eiser ontoelaatbaar verklaart ;
Dat het arbeidshof aldus zijn rechtsmacht overschrijdt om kennis te nemen van het geschil tussen de partijen binnen de perken waarin dit aan het verwijzingsgerecht werd onderworpen, en zodoende artikel 1110, tweede lid, van het Gerechtelijk Wetboek schendt ;
Dat het middel in zoverre gegrond is ;
2. Kosten
Overwegende dat, krachtens artikel 1017, tweede lid, van het Gerechtelijk Wetboek, eiser in de kosten moet worden veroordeeld ;
OM DIE REDENEN,
HET HOF,
Vernietigt het bestreden arrest ;
Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde arrest ;
Veroordeelt eiser in de kosten ;
Verwijst de zaak naar het Arbeidshof te Gent.
De kosten begroot op de som van honderd eenenveertig euro eenendertig cent jegens de eisende partij.
Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, derde kamer, te Brussel, door afdelingsvoorzitter Robert Boes, de raadsheren Ernest Waûters, Ghislain Dhaeyer, Eric Dirix en Eric Stassijns, en in openbare terechtzitting van vijftien december tweeduizend en drie uitgesproken door afdelingsvoorzitter Robert Boes, in aanwezigheid van advocaat-generaal Anne De Raeve, met bijstand van eerstaanwezend adjunct-griffier Lisette De Prins.