Hof van Cassatie: Arrest van 20 November 1978 (België). RG 5277

Datum :
20-11-1978
Taal :
Nederlands
Grootte :
1 pagina
Sectie :
Rechtspraak
Bron :
Justel N-19781120-4
Rolnummer :
5277

Samenvatting :

Op grond van de artikelen 2 en 2bis der gecoordineerde bediendenwetten veroordeelde het bestreden arrest (arbeidshof Brussel, 28 juni 1977) de werkgever tot betaling van een schadevergoeding wegens het niet in dienst houden van een bediende na het verstrijken van een derde achtereenvolgende overeenkomst voor bepaalde tijd. Het arrest wordt gecasseerd: "Overwegende dat het arrest vaststelt dat verweerder zonder onderbreking in dezelfde functie in dienst van eiseres is geweest ingevolge drie opeenvolgende arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd, respectievelijk gesloten op 12 juli 1972, 31 oktober 1972 en 2 mei 1974; Overwegende dat ingevolge artikel 2 van de op 20 juli 1955 gecoordineerde wetten betreffende het bediendencontract, ingevoegd door de wet van 21 november 1969 en in het onderwerpelijk geval nog van toepassing, de drie arbeidsovereenkomsten voor een bepaalde tijd telkens schriftelijk moesten worden vastgesteld 'uiterlijk op het tijdstip waarop de bediende in dienst' trad; dat hiermee enkel wordt bedoeld dat de schriftelijke vaststelling moet gebeuren vóór het eerste of daaropvolgende contract voor bepaalde tijd in werking treedt, al ware het vorige contract voor bepaalde tijd nog in werking op het ogenblik dat het tweede of derde contract ondertekend werd, en al zou aldus de nieuwe bepaalde termijn zonder onderbreking gevolg zijn op de termijn van het vorige contract voor bepaalde tijd; Overwegende dat, luidens artikel 2bis van de gecoordineerde wetten, de partijen die de uitvoering van de arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd na het verstrijken van de termijn voortzetten, geacht worden de verbintenis voor een onbepaalde tijd te willen vernieuwen; dat deze bepaling alleen de stilzwijgende hernieuwing van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd regelt, doch geen betrekking heeft op het sluiten van opeenvolgende overeenkomsten voor bepaalde tijd; Overwegende dat het arrest de artikelen 2 en 2bis van de gecoordineerde wetten schendt door te beslissen dat de wet nietig verklaart het sluiten van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd met een bediende die reeds in dienst is."

Arrest :

De geconsolideerde versie van deze tekst is niet beschikbaar.