Geen titel
Originele tekst :
Voeg het document toe aan een map
()
om te beginnen met annoteren.
Rechtbank van eerste aanleg te Tongeren
Bij vonnis van 26 november 2013, uitspraak doende in verzet en op tegenspraak, heeft de Rechtbank van Eerste Aanleg van het gerechtelijk arrondissement Tongeren, zitting houdende in correctionele zaken de genaamde,
1...
2. 3230ex13 : BIOSA, Antonio, geboren te Genk op 28 augustus 1958 en wonende te 3600 GENK, Veertien Septemberlaan 48.
Inverdenking gesteld van;
Te Genk :
De eerste als zaakvoerder in feite van 19.11.2008 tot 12.09.2011 van de BVBA IMMORESTO BPR, ON 0808.162.131 met maatschappelijke zetel te Genk, Weg naar As 28, failliet verklaard bij vonnis van de rechtbank van koophandel te Tongeren op 12.09.2011
De tweede als zaakvoerder in rechte en in feite van 19.11.2008 tot 12.09.2011 van de BVBA IMMORESTO BPR, ON 0808.162.131 met maatschappelijke zetel te Genk, Weg naar As 28, failliet verklaard bij vonnis van de rechtbank van koophandel te Tongeren op 12.09.2011
De eerste en de tweede :
Om de misdaad of het wanbedrijf uitgevoerd te hebben of om aan de uitvoering ervan rechtstreeks medegewerkt te hebben, door enige daad, tot de uitvoering zodanige hulp verleend te hebben dat zonder zijn bijstand het misdrijf niet kon gepleegd worden, om, door giften, beloften, bedreigingen, misbruik van gezag of van macht, misdadige kuiperijen of arglistigheden, dit misdrijf rechtstreeks uitgelokt te hebben, als dader of mededader zoals voorzien door art. 66 van het Strafwetboek.
A.
Op 03.09.2010 :
Als bestuurder in rechte of in feite van de handelsvennootschap, die zich in staat van faillissement bevindt met het oogmerk om de faillietverklaring uit te stellen, verzuimd te hebben binnen de bij artikel 9 van de faillissementswet gestelde termijn aangifte te doen van het feitelijke faillissement, te weten na feitelijk faillissement minstens op 02.08.2010 (stuk 5).
B.
Meermaals, op niet nader te bepalen data tussen 12.09.2011 en 15.12.2011 :
Zonder wettig verhinderd te zijn, verzuimd te hebben de verplichtingen gesteld bij artikel 53 van de faillissementswet na te leven, nl. zich volledig onbereikbaar maken voor de curator.
C.
Meermaals, in meerdere malen op niet nader te bepalen data tussen 01.01.2010 en 12.09.2011 :
Bij inbreuk op de artikelen 1, 2, 3, 4-11 van de wet van 17 juli 1975 met betrekking tot de boekhouding en de jaarrekeningen van de ondernemingen, strafbaar gesteld door artikel 16 van voornoemde wet,
als bestuurder, zaakvoerder, directeur of procuratiehouder van de BVBA IMMORESTO BPR, handelsvennootschap of vennootschap die de rechtsvorm van een handelsvennootschap heeft aangenomen, wetens en met bedrieglijk opzet, niet een voor de aard van de omvang van het bedrijf van de onderneming passende boekhouding te hebben gevoerd en/of niet daarbij de bijzondere wetsvoorschriften in acht te hebben genomen betreffende dit bedrijf, namelijk :
geen boekhouding door middel van een stelsel van boekhouden en rekeningen te hebben gevoerd met inachtneming van de gebruikelijke regels van het dubbel boekhouden;
niet alle verrichtingen zonder uitstel, getrouw, volledig en naar tijdsorde ingeschreven te hebben in een ongesplitst dagboek of in een hulpdagboek, al dan niet gesplitst in bijzondere hulpdagboeken;
de verrichtingen niet methodisch te hebben ingeschreven in of overgeschreven naar de rekeningen waarop ze betrekking hebben;
voor gezamelijke mutaties die in de loop van de periode in het ongesplitste hulpdagboek of in de bijzondere hulpdagboeken zijn geregistreerd, niet ten minste eens in de maand een samenvattende boeking te hebben verricht in een centraal boek;
de rekeningen niet te hebben ondergebracht in een voor het bedrijf van de onderneming passend rekeningstelsel, ingericht naar de eisen van de bedrijfsuitoefening van de onderneming;
niet omzichtig en te goeder trouw, ten minste een per jaar de nodige opmerkingen, verificaties, onderzoekingen, en waarderingen te hebben verricht om op een door de onderneming gekozen datum de inventaris op te maken van al haar bezittingen, vorderingen, schulden en verplichtingen van welke aard ook, die betrekking hebben op haar bedrijf en van de eigen middelen daaraan verstrekt;
de rekeningen niet te hebben samengevat en beschreven in een staat, zijnde de jaarrekening;
de jaarrekeningen en de inventarisstukken waarop zij steunen niet te hebben overgeschreven in een boek, of de stukken die wegens hun omvang bezwaarlijk kunnen worden overgeschreven, niet in dat boek te hebben samengevat en erbij gevoegd;namelijk de volledige afwezigheid van de boekhouding met het bedrieglijk opzet enige controle op de samenstelling van het actief onmogelijk te maken.
Veroordeelt tot :
Verklaart het verzet ontvankelijk in zoverre het gericht is tegen de veroordelingen voor tenlasteleggingen A en C;
Maakt het verstekvonnis ongedaan.
Opnieuw rechtdoende :
Verklaart verzetdoende partij schuldig aan de tenlasteleggingen A en C en veroordeelt hem voor de vermengde feiten tot een gevangenisstraf van 4 maanden en een geldboete van 250,00 euro, verhoogd met 45 opdeciemen en alzo gebracht op 1 375,00 euro of een maand vervangende gevangenisstraf.
Verleent aan beklaagde het uitstel van tenuitvoerlegging voor het geheel van de gevangenisstraf en van de gehele geldboete en dit gedurende een termijn van drie jaar.
Legt aan tweede beklaagde BIOSA, Antonio, het verbod op om, persoonlijk of door een tussenpersoon, de functie van bestuurder, commissaris of zaakvoerder in een vennootschap op aandelen, een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid of een coöperatieve vennootschap, enige functie waarbij macht wordt verleend om een van die vennootschappen te verbinden, de functie van persoon belast met het bestuur van een vestiging in België, bedoeld in artikel 198, 6 eerste lid, van de op 30.11.1935 gecoördineerde wetten op de handelsvennootschappen, of het beroep van effectenmakelaar of correspondent effectenmakelaar uit te oefenen.
Stellen de duur van voormeld verbod vast op 3 jaar.
Verleent aan beklaagde het uitstel van dit beroepsverbod en dit gedurende een termijn van vijf jaar.
Verplicht beklaagde bij toepassing van artikel 29 van de Wet van 01.08.1985, gewijzigd bij de Wet van 22 april 2003, het K.B. van 19 december 2003, het K.B. van 31 oktober 2005 en de artikelen 2 en 3 van de wet van 28 december 2011, tot betaling van een bedrag van 25 euro, vermeerderd met 50 opdeciemen en alzo gebracht op 150,00 euro, bij wijze van bijdrage t6t de financiering van het Bijzonder Fonds tot hulp aan de slachtoffers van opzettelijke gewelddaden, ingesteld bij artikel 28 van de Wet van 01.08.1985.
Legt aan beklaagde overeenkomstig artikel 91, tweede lid van het K.B. van 28.12.1950, houdende algemeen reglement op de gerechtskosten in strafzaken, een vergoeding op van ieder 51,20 euro.
Beveelt dat onderhavige beslissing op kosten van de veroordeelden bij uittreksel zal worden bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad overeenkomstig artikel 490 S.W.
Veroordeelt de beklaagde solidair tot de strafkosten van het verstek, deze tot op heden in totaal berekend op 94,27 euro, alsmede tot de kosten van het verzet, deze begroot op 73,77 euro.
Houdt de burgerlijke belangen aan conform artikel 4 VT. Sv.
Tongeren, 6 januari 2014.
Vooreensluidend uittreksel : de hoofdgriffier, (get.) Y. KIELICH.