Ministerieel besluit tot vaststelling van de veiligheidsinrichtingen van de overweg nr. 1 op de spoorlijn nr. 66, baanvak Brugge - Torhout, gelegen te Zedelgem ter hoogte van de kilometerpaal 4.337

Datum :
12-07-2016
Taal :
Frans Nederlands
Grootte :
1 pagina
Sectie :
Wetgeving
Bron :
Numac 2016014187
Auteur :
Federale Overheidsdienst Mobiliteit En Vervoer

Originele tekst :

Voeg het document toe aan een map () om te beginnen met annoteren.

De Minister van Mobiliteit,
Gelet op de wet van 12 april 1835 betreffende het tolgeld en de reglementen van de spoorwegpolitie, artikel 2, geïnterpreteerd bij de wet van 11 maart 1866;
Gelet op de wet van 23 juli 1926 betreffende de NMBS en het personeel van de Belgische Spoorwegen, artikel 16, vervangen bij de wet van 1 augustus 1960 en gewijzigd bij het koninklijk besluit van 18 oktober 2004;
Gelet op de wet betreffende de politie over het wegverkeer gecoördineerd op 16 maart 1968, artikel 1, eerste lid;
Gelet op het koninklijk besluit van 11 juli 2011 betreffende de veiligheidsinrichtingen aan overwegen op de spoorwegen, artikel 11, § 1;
Gelet op het ministerieel besluit nr. A/615/66 van 9 september 2002;
Overwegende dat bovengenoemd ministerieel besluit de veiligheidsinrichtingen vaststelt van, onder andere, de overweg nr. 1 gelegen op de spoorlijn nr. 66, baanvak Brugge - Torhout, gelegen te Zedelgem ter hoogte van de kilometerpaal 4.337;
Overwegende dat het noodzakelijk is deze veiligheidsinrichtingen in overeenstemming te brengen met het bovengenoemde koninklijk besluit van 11 juli 2011, rekening houdend met de kenmerkende eigenschappen van het weg- en spoorverkeer en met de zichtbaarheid van bedoelde overweg,
Besluit :
Artikel 1. De overweg nr. 1 op de spoorlijn nr. 66, baanvak Brugge - Torhout, gelegen te Zedelgem ter hoogte van de kilometerpaal 4.337, wordt uitgerust met de veiligheidsinrichtingen bedoeld in artikel 3, 1°, het verkeersbord A47, en 2° a) van het koninklijk besluit van 11 juli 2011 betreffende de veiligheidsinrichtingen aan overwegen op de spoorwegen.
Art. 2. Dezelfde overweg wordt bijkomend uitgerust met de veiligheidsinrichtingen bedoeld in artikel 4, 1° b), 3°, 4°, 5° en 6° van hetzelfde koninklijk besluit:
1) het systeem met gedeeltelijke afsluiting, aan weerszijden van de overweg;
2) een geluidssein, aan weerszijden van de overweg;
3) een verkeersbord A47:
a) links van de weg en links van het fietspad, aan weerszijden van de overweg;
b) links van de weg en rechts van het fietspad, kant Steenbrugge;
4) op elk bijkomend verkeersbord A47, een verkeerslicht dat de overgang verbiedt;
5) op elk verkeersbord A47, een verkeerslicht dat de overgang toestaat.
Art. 3. Het ministerieel besluit nr. A/615/66 van 9 september 2002 wordt opgeheven voor wat betreft de bepalingen aangaande overweg nr. 1.
Brussel, 12 juli 2016.
François BELLOT