- Arrest van 26 januari 2011

26/01/2011 - P.10.1148.F

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Wanneer personen door een politiedienst worden verhoord, maakt de wet geen onderscheid tussen verdachten, slachtoffers en getuigen; de regels die in artikel 47bis van het Wetboek van Strafvordering zijn bepaald, zijn op hen toepasselijk en die personen leggen geen eed af, in welke hoedanigheid zij ook worden verhoord (1). (1) Zie H.-D. BOSLY, D. VANDERMEERSCH en M.-A. BEERNAERT, Droit de la procéduré pénale, Brussel, Die Keure, 2010, p. 347-348.

Arrest - Integrale tekst

Nr. P.10.1148.F

I. J.-P. I.,

II. Cl. D.,

mr. Luc Misson, advocaat bij de balie te Luik,

beklaagden,

eisers,

beide cassatieberoepen tegen

STAD CHARLEROI, vertegenwoordigd door het college van burgemeester en schepenen,

burgerlijke partij,

verweerster.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

De cassatieberoepen zijn gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Bergen, correctionele kamer, van 5 mei 2010.

De tweede eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, vier middelen aan.

Raadsheer Gustave Steffens heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Damien Vandermeersch heeft geconcludeerd.

II. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

A. Cassatieberoep van J.-P. I.

1. In zoverre het cassatieberoep gericht is tegen de beslissing op de strafvordering

De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen.

2. In zoverre het cassatieberoep gericht is tegen de beslissing op de burgerlijke rechtsvordering

De eiser voert geen middel aan.

B. Cassatieberoep van C. D.

1. In zoverre het cassatieberoep gericht is tegen de beslissing op de strafvordering

Eerste middel

De eiser verwijt het bestreden arrest dat het de verhoren van verschillende personen niet weert op grond dat, enerzijds, sommige getuigen werden verhoord nadat zij zonder enige verantwoording van hun vrijheid waren beroofd en dat, anderzijds, de speurders zich schuldig hebben gemaakt aan listen, bedrog, dwang en valsheid, door morele druk op de verhoorde personen uit te oefenen.

Wanneer personen door een politiedienst worden verhoord, maakt de wet geen onderscheid tussen verdachten, slachtoffers en getuigen. De regels die in artikel 47bis Wetboek van Strafvordering zijn bepaald, zijn op hen toepasselijk en die personen leggen geen eed af, in welke hoedanigheid zij ook worden verhoord.

Het arrest stelt vast dat er op het ogenblik van de verhoren, ernstige aanwijzingen van schuld bestonden voor een misdaad of wanbedrijf in verband met de betrokkenen en dat zij op wettelijke wijze van hun vrijheid werden beroofd, aangezien zij over de redenen van hun vrijheidsberoving werden ingelicht.

In zoverre het middel bijgevolg aanvoert dat er geen enkele plausibele reden was om die getuigen van het plegen van een misdrijf te verdenken en dat die getuigen door het feit van hun vrijheidsberoving onder druk waren gezet, oefent het kritiek uit op die feitelijke beoordeling of vereist het onderzoek ervan het nazicht van feitelijke gegevens, waarvoor het Hof niet bevoegd is. In zoverre is het niet ontvankelijk.

Voor het overige voert de eiser aan dat de speurders zich schuldig hebben gemaakt aan listen, bedrog, dwang en valsheid, door morele druk op de verhoorde personen uit te oefenen.

Het arrest vermeldt dienaangaande dat, ofschoon het hof van beroep begrip kan opbrengen voor de overwegingen van de beklaagden in verband met de gretigheid waarmee de speurders voluit geloof hebben gehecht aan de verklaringen van één van de betrokkenen, het hof die evenwel niet ziet als bedrog, druk of list vanwege de speurders.

In zoverre het middel kritiek uitoefent op die feitelijke beoordeling of het onderzoek ervan het nazicht van feitelijke gegevens vereist, waarvoor het Hof niet bevoegd is, is het eveneens niet ontvankelijk.

Ten slotte voert de eiser aan dat het arrest de voorwaarden voor de toelaatbaarheid van een onregelmatig verkregen bewijs miskent.

Het arrest wijst evenwel het verweer af dat is afgeleid uit de onregelmatigheid van de bekritiseerde verhoren.

Het middel dat op een foutieve lezing van het arrest berust mist dienaangaande feitelijke grondslag.

(...)

Derde en vierde middel

De eiser voert aan dat het beginsel van het recht op tegenspraak en het beginsel van de gelijkheid van de wapens is miskend in zoverre het dossier werd behandeld los van het dossier waaruit het voortvloeit.

Hij voert eveneens de herhaalde schendingen aan van het geheim van het onderzoek en de miskenning van het vermoeden van onschuld dat daaruit voortvloeit.

In zijn conclusie had de eiser die gegevens opgenomen in een rubriek "Algemeen voorbehoud".

Aangezien de eiser de voormelde gegevens niet als middel had opgeworpen voor de appelrechters, kan hij ze niet voor het eerst aanvoeren voor het Hof.

De middelen zijn niet ontvankelijk.

Ambtshalve onderzoek van de beslissing over de strafvordering

De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen.

2. In zoverre het cassatieberoep gericht is tegen de beslissing op de burgerlijke rechtsvordering

De eiser voert geen bijzonder middel aan.

Dictum

Het Hof,

Verwerpt de cassatieberoepen.

Veroordeelt de eisers in de kosten van hun cassatieberoep.

Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, tweede kamer, te Brussel, door afdelingsvoorzitter ridder Jean de Codt, de raadsheren Benoît Dejemeppe, Pierre Cornelis, Gustave Steffens en Françoise Roggen, en in openbare terechtzitting van 26 januari 2011 uitgesproken door afdelingsvoorzitter ridder Jean de Codt, in aanwezigheid van advocaat-generaal Damien Vandermeersch, met bijstand van griffier Tatiana Fenaux.

Vertaling opgemaakt onder toezicht van raadsheer Filip Van Volsem en overgeschreven met assistentie van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky.

De afgevaardigd griffier, De raadsheer,

Vrije woorden

  • Verhoor van personen

  • Personen verhoord door een politiedienst

  • Onderscheid tussen verdachten, slachtoffers en getuigen

  • Eedaflegging