- Arrest van 28 januari 2011

28/01/2011 - C.09.0487.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
De vordering tot nietigverklaring van de toewijzing van het in beslag onroerend goed moet tevens gericht zijn tegen de koper van het goed.

Arrest - Integrale tekst

Nr. C.09.0487.N

PAUL KUSSENEERS nv, met zetel te 2000 Antwerpen, De Burburestraat 11,

eiseres,

vertegenwoordigd door mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Quatre Brasstraat 6, waar de eiseres woonplaats kiest,

tegen

ING BELGIË nv, met zetel te 1000 Brussel, Marnixlaan 24,

verweerster,

vertegenwoordigd door mr. Caroline De Baets, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1050 Brussel, Louizalaan 149, bus 20, waar de verweerster woonplaats kiest.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent van 9 juni 2009 op verwijzing gewezen ingevolge het arrest van het Hof van 4 oktober 2007.

Raadsheer Eric Dirix heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Guy Dubrulle heeft geconcludeerd.

II. CASSATIEMIDDEL

De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Ontvankelijkheid van het cassatieberoep

1. De verweerster werpt een middel van niet-ontvankelijkheid op: het cassatieberoep is laattijdig omdat het werd ingesteld tegen een beslissing inzake rangregeling waarvoor de termijn voor het instellen van rechtsmiddelen begint te lopen vanaf het tijdstip van de kennisgeving van de beslissing bij gerechtsbrief overeenkomstig artikel 1649, tweede lid, Gerechtelijk Wetboek, hetzij op 17 juni 2009, terwijl het cassatieberoep pas op 21 september 2009 ter griffie van het Hof werd neergelegd.

2. Anders dan waarvan het middel van niet-ontvankelijkheid van het cassatieberoep uitgaat, heeft het cassatieberoep geen betrekking op een arrest inzake rangregeling, maar op een derdenverzet van de eiseres tegen de beschikking van de beslagrechter waarbij met toepassing van artikel 1580 Gerechtelijk Wetboek een notaris is benoemd en belast om over te gaan tot de veiling van de in beslag genomen goederen en tot de verrichtingen van rangregeling.

Het middel van niet-ontvankelijkheid moet worden verworpen.

Middel

Tweede onderdeel

3. Door te oordelen dat de vordering van de eiseres strekt tot de nietigverklaring van de openbare verkoop geven de appelrechters van de gedinginleidende akte en van de syntheseconclusie van de eiseres een uitlegging die met de bewoordingen ervan niet onverenigbaar is.

Het onderdeel mist feitelijke grondslag.

Eerste onderdeel

4. Krachtens artikel 1598 Gerechtelijk Wetboek wordt een uittreksel van de akte van toewijzing aan de beslagene betekend op verzoek van de aangewezen notaris. Dit uittreksel vermeldt onder meer de naam, de voornaam, het beroep en de woonplaats van de beslaglegger, van de beslagene en van de koper.

Luidens artikel 1622, derde lid, Gerechtelijk Wetboek, moet iedere vordering tot nietigverklaring van de toewijzing, op straffe van verval, worden ingediend binnen vijftien dagen na de betekening bedoeld in artikel 1598 en moet zij de optredende notaris worden aangezegd.

Uit het geheel van deze bepalingen volgt dat de vordering tot nietigverklaring van de toewijzing tevens gericht moet zijn tegen de koper van het in beslag genomen onroerend goed.

5. De appelrechters die vaststellen dat de gedinginleidende akte strekt tot de nietigverklaring van de openbare verkoop en dat deze vordering uitsluitend gericht is tegen de beslagleggende schuldeiser en op grond hiervan oordelen dat de vordering van de eiseres niet ontvankelijk is, verantwoorden hun beslissing naar recht.

Het onderdeel kan niet worden aangenomen.

Dictum

Het Hof,

Verwerpt het cassatieberoep.

Veroordeelt de eiseres in de kosten.

Bepaalt de kosten op de som van 833,33 euro jegens de eisende partij en op de som van 108,05 euro jegens de verwerende partij

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit eerste voorzitter Ghislain Londers, als voorzitter, de afdelingsvoorzitters Edward Forrier en Robert Boes, en de raadsheren Eric Dirix en Geert Jocqué, en in openbare rechtszitting van 28 januari 2011 uitgesproken door eerste voorzitter Ghislain Londers, in aanwezigheid van advocaat-generaal Guy Dubrulle, met bijstand van griffier Johan Pafenols.

Vrije woorden

  • Uitvoerend beslag op onroerend goed

  • Toewijzing

  • Vordering tot nietigverklaring

  • Koper