- Arrest van 10 maart 2011

10/03/2011 - C.10.0472.F

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
De wijze waarop de in de Wet Landverzekeringsovereenkomst bedoelde regresvordering wordt uitgeoefend is slechts van toepassing op de datum waarop de rechtsvordering is ontstaan, mits die wetsbepalingen op die datum van kracht zijn (1). (1) Cass., 2 sept. 2005, A.R. C.04.0143.F, A.C., 2005, nr. 405, met concl. adv.-gen. m.o. Ph. de Koster, in Pas. 2005

Arrest - Integrale tekst

Nr. C.10.0472.F

AG INSURANCE, nv,

Mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassatie,

tegen

1. X. A.,

2. T.H.M., nv,

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de rechtbank van eerste aanleg te Luik van 7 februari 2002.

Afdelingsvoorzitter Paul Mathieu heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Thierry Werquin heeft geconcludeerd.

II. CASSATIEMIDDELEN

De eiseres voert in haar cassatieverzoekschrift waarvan een eensluidend verklaard afschrift aan dit arrest is gehecht, een middel aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Het bestreden vonnis stelt vast dat het ongeval waarvoor de verweerder aansprakelijk is, zich heeft voorgedaan op 30 april 1992 en dat de eiseres die de slachtoffers heeft vergoed, van plan is tegen de verweerders een regresvordering in te stellen op grond van de artikelen 24 en 25.6 van de modelpolis die van kracht was ten tijde van het schadegeval.

Het bestreden vonnis verklaart die rechtsvordering niet-ontvankelijk op grond van de overweging dat de eiseres zich niet heeft geschikt naar de in artikel 88, tweede lid, van de wet van 25 juni 1992 op de landverzekeringsovereenkomst vervatte verplichting dat zij de verweerders kennis moet geven van haar voornemen om verhaal in te stellen zodra zij op de hoogte is van de feiten waarop die beslissing gegrond is.

Enerzijds is de rechtsvordering waarbij de verzekeraar ten laste van de verzekeringnemer of van de verzekerde die niet de verzekeringnemer is, de teruggave vordert van de bedragen die hij aan een slachtoffer van een schadegeval heeft uitgekeerd, wat impliceert dat de overeenkomst in die mogelijkheid voorziet, gegrond is op de contractuele verbintenis van de verzekeringnemer of de verzekerde, en ontstaat zijn virtueel recht op vergoeding, net zoals de daarmee gepaard gaande verplichting voor de verzekeringnemer of de verzekerde, op het tijdstip van het schadegeval.

Anderzijds, valt de wijze waarop de regresvordering wordt uitgeoefend, zoals met name de in artikel 88, tweede lid, van de wet van 25 juni 1992 bedoelde kennisgeving, onder dezelfde wet als die van de rechtsvordering zelf.

Artikel 88 van de wet van 25 juni 1992, dat betrekking heeft op het recht van verhaal van de verzekeraar op de verzekeringnemer of de verzekerde, is krachtens artikel 3 van het koninklijk besluit van 24 augustus 1992 tot vaststelling van de datum van inwerkingtreding van de bepalingen van die wet, pas op 1 januari 1993 in werking getreden.

Het bestreden vonnis dat het bepaalde in het tweede lid van dat artikel toepast op een regresvordering die valt onder de wet die van kracht is op 30 april 1992, zijnde de datum waarop die vordering is ontstaan, schendt alle in het middel aangewezen wettelijke bepalingen.

Het middel is gegrond.

Dictum

Het Hof,

Vernietigt het bestreden vonnis behalve in zoverre dit het hoger beroep ontvankelijk verklaart.

Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde vonnis.

Houdt de kosten aan en laat de uitspraak daaromtrent aan de feitenrechter over.

Verwijst de aldus beperkte zaak naar de rechtbank van eerste aanleg te Verviers.

Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, eerste kamer, te Brussel, door afdelingsvoorzitter Paul Mathieu, de raadsheren Didier Batselé, Albert Fettweis, Christine Matray en Mireille Delange, en in openbare rechtszitting van 10 maart 2011 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Paul Mathieu, in aanwezigheid van advocaat-generaal Thierry Werquin, met bijstand van griffier Patricia De Wadripont.

Vertaling opgemaakt onder toezicht van afdelingsvoorzitter Robert Boes en overgeschreven met assistentie van griffier Johan Pafenols.

De griffier, De afdelingsvoorzitter,

Vrije woorden

  • Verzekeraar

  • Regresvordering

  • Voorafgaande kennisgeving

  • Werking van de wet in de tijd