- Arrest van 3 juni 2011

03/06/2011 - C.10.0617.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Het verbod op ereloonsupplementen voor artsen, voor de forfaitaire honoraria per opname en/of per verpleegdag te betalen, geldt voor de verstrekkingen inzake klinische biologie, ongeacht of de tegemoetkoming geheel dan wel gedeeltelijk forfaitair wordt betaald (1). (1) Zie de concl. van het O.M.

Arrest - Integrale tekst

Nr. C.10.0617.N

UNIVERSITAIR ZIEKENHUIS GENT, openbare instelling met rechtspersoon¬lijkheid, met zetel te 9000 Gent, De Pintelaan 185, handelend zowel in eigen naam als voor het eigen vermogen van de R.U. Gent waarvan ze de ziekenhuisactiviteit heeft overgenomen en waarmee een verrekeningsakkoord bestaat,

eiseres,

vertegenwoordigd door mr. Bruno Maes, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Central Plaza, Loksumstraat 25, waar de eiseres woonplaats kiest,

tegen

G. D.,

verweerder,

vertegenwoordigd door mr. Willy van Eeckhoutte, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 9051 Gent, Driekoningenstraat 3, waar de verweerder woonplaats kiest.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis van het vredegerecht eerste kanton Gent van 26 oktober 2009, in laatste aanleg gewezen.

Advocaat-generaal Christian Vandewal heeft op 4 februari 2011 een conclusie neergelegd.

Raadsheer Geert Jocqué heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Christian Vandewal heeft geconcludeerd.

II. CASSATIEMIDDEL

De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

1. Artikel 138 Ziekenhuiswet bepaalt: "De artsen bedoeld in §§ 1, 2 en 4, mogen geen supplementen toepassen voor de forfaitaire honoraria per opname en/of per verpleegdag te betalen betreffende verstrekkingen inzake klinische biologie of medische beeldvorming".

Artikel 57 ZIV-wet bepaalt: "§ 1 De tegemoetkoming voor de verstrekkingen inzake klinische biologie zoals ze door de Koning nader worden omschreven, wordt voor de in een ziekenhuis opgenomen rechthebbenden per ziekenhuis vastgesteld op basis ofwel van een forfait dat per verpleegdag wordt betaald ofwel van een forfait per opneming, ofwel van die twee forfaits. De Koning kan evenwel bepalen dat de verstrekkingen waarop het forfait van toepassing is slechts voor een door Hem nader te bepalen gedeelte door het forfait wordt vergoed (...). § 6 Voor de verstrekkingen die door het of de in § 1 bedoelde forfaits worden vergoed, mogen geen bedragen ten laste van de rechthebbenden worden gelegd".

2. Uit deze bepalingen volgt dat het verbod op ereloonsupplementen geldt voor de verstrekkingen inzake klinische biologie, ongeacht of de tegemoetkoming geheel dan wel gedeeltelijk forfaitair wordt betaald.

Het middel dat uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt naar recht.

Dictum

Het Hof,

Verwerpt het cassatieberoep.

Veroordeelt de eiseres in de kosten.

Bepaalt de kosten voor de eiseres op de som van 443,90 euro en voor de verweerder op de som van 112,71 euro.

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit eerste voorzitter Ghislain Londers, als voorzitter, en de raadsheren Eric Dirix, Albert Fettweis, Geert Jocqué en Alain Bloch, en in openbare rechtszitting van 3 juni 2011 uitgesproken door eerste voorzitter Ghislain Londers, in aanwezigheid van advocaat-generaal Christian Vandewal, met bijstand van griffier Frank Adriaensen.

Vrije woorden

  • Artsen

  • Forfaitaire honoraria

  • Per opname en/of verpleegdag

  • Klinische biologie

  • Verstrekkingen

  • Ereloonsupplementen

  • Verbod

  • Toepassingsgebied