- Arrest van 30 juni 2011

30/06/2011 - C.10.0348.F

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Het arrest is naar recht verantwoord wanneer het de vordering tot vergoeding van de voor een raadsman in eerste aanleg en in hoger beroep betaalde kosten die de eisers hebben ingesteld op grond van het gemene aansprakelijkheidsrecht in beginsel gegrond heeft verklaard, de heropening van het debat heeft bevolen en vervolgens beslist dat de vordering die de eisers hebben ingesteld bij syntheseconclusie, neergelegd na de inwerkingtreding van de wet van 21 april 2007 betreffende de verhaalbaarheid van de erelonen en de kosten verbonden aan de bijstand van een advocaat, niet langer de vergoeding van het resterende bedrag van de kosten van verdediging op grond van de gemeenrechtelijke aansprakelijkheid tot voorwerp had, aangezien zij in die conclusie enkel vergoedingen voor de rechtspleging in eerste aanleg en in hoger beroep vorderden op grond van het door die wet gewijzigde artikel 1022 (1) (2). (1) Art. 1022, zoals gewijzigd bij W. 27 april 2007. (2) Zie (andersl.) concl. O.M. in Pas., 2011, AR C.10.0348.F, nr. ...

Arrest - Integrale tekst

Nr. C.10.0348.F

1. L. M.,

2. G. B.,

Mr. Paul Alain Foriers, advocaat bij het Hof van Cassatie,

tegen

DELTA LLOYD LIFE nv.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Bergen van 13 januari 2010.

Raadsheer Sylviane Velu heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal André Henkes heeft geconcludeerd.

II. CASSATIEMIDDEL

In hun cassatieverzoekschrift waarvan een eensluidend verklaard afschrift bij dit arrest is gevoegd, voeren de eisers een middel aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Middel

Volgens artikel 748bis van het Gerechtelijk Wetboek vervangen de syntheseconclusies, voor de toepassing van artikel 780, eerste lid, 3°, van dat wetboek, alle vorige conclusies en desgevallend de gedinginleidende akte van de partij die de syntheseconclusies neerlegt.

Krachtens dat artikel 780, eerste lid, 3°, bevat het vonnis, op straffe van nietigheid, behalve de gronden en het beschikkende gedeelte, het onderwerp van de vordering en het antwoord op de conclusies of middelen van de partijen.

Bij een arrest van 12 oktober 2005 heeft het hof van beroep de vordering van de eisers tot vergoeding van hun kosten van juridische bijstand die zij hadden ingesteld op grond van het gemene aansprakelijkheidsrecht in beginsel gegrond verklaard, hun uit dien hoofde een euro provisionele schadevergoeding toegekend en de heropening van het debat bevolen.

De eisers vorderden in de conclusie die zij na dat arrest, op 13 augustus 2008, bij het hof van beroep hadden neergelegd het bedrag van 13.241,32 euro wegens de door hen op 13 november 2006 aan een raadsman betaalde kosten en honoraria, naast de vergoeding voor de rechtspleging in eerste aanleg en in hoger beroep als bedoeld in artikel 1022 van het Gerechtelijk Wetboek vóór de wijziging ervan bij artikel 7 van de wet van 21 april 2007 betreffende de verhaalbaarheid van de erelonen en de kosten verbonden aan de bijstand van een advocaat.

In hun op 30 januari 2009 neergelegde syntheseconclusie hebben zij echter enkel vergoedingen voor de rechtspleging in eerste aanleg en in hoger beroep gevorderd, beide voor een bedrag van 14.000 euro op grond van het door die wet gewijzigde artikel 1022.

Hieruit volgt dat de vergoeding voor het resterende bedrag van hun kosten van verdediging op grond van het gemene aansprakelijkheidsrecht niet langer het onderwerp was van de vordering van de eisers na het arrest van 12 oktober 2005 dat de heropening van het debat had bevolen.

Het middel dat van het tegenovergestelde uitgaat, kan niet worden aangenomen.

Dictum

Het Hof,

Verwerpt het cassatieberoep.

Veroordeelt de eisers in de kosten.

Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, eerste kamer, te Brussel, door afdelingsvoorzitter Paul Mathieu, als voorzitter, de raadsheren Didier Batselé, Christine Matray, Sylviane Velu en Martine Regout, en in openbare rechtszitting van 30 juni 2011 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Paul Mathieu, in aanwezigheid van advocaat-generaal André Henkes, met bijstand van griffier Patricia De Wadripont.

Vertaling opgemaakt onder toezicht van raadsheer Geert Jocqué en overgeschreven met assistentie van griffier Johan Pafenols.

De griffier, De raadsheer,

Vrije woorden

  • Advocaat

  • Kosten en honoraria van eerste aanleg en hoger beroep

  • Verhaalbaarheid

  • Opeenvolgende vorderingen in hoger beroep

  • Voorwerp en wettelijke grondslag niet identiek

  • Nieuw artikel 1022